Waar het begon.
In de vroege ochtend van 1770, maakten mijn vader en andere mannen zich die dag klaar om te gaan jagen. Ze hadden gezegd dat ik mee mocht, maar de jachtvelden waren te ver. Ik bleef dus thuis bij mijn broertjes, Kwabena en Yaw. We gingen zwemmen bij een meer en speelde spelletjes, totdat er mannen uit de struiken sprongen met grote geweren. Ze grepen mij en mijn broertjes en stopten ons in zakken. Ik hoorde mama nog roepen ''Nee! Niet mijn jongens!'' Maar het was al te laat.
Nadat de mannen met ons een stuk verder waren gelopen mochten we uit de zakken en moesten we gaan lopen, door dichte bossen. Toen het al donker werd kwamen we aan bij een meertje en zetten ze in een bootje en vaarde we verder. Het was een lange tocht en we waren allemaal moe.
Toen we eindelijk aankwamen bij een groot huis moesten we gaan zitten en kregen wat eten van een aardige vrouw. Ik wist eigenlijk niet waarom die vrouw zo aardig deed tegen mijn broertjes, maar zij vonden het wel goed, dus ik vond het niet zo erg.
Die avond werden we opgesloten, ik wilde wakker blijven om op mijn broertjes te letten, maar ik was zo moe dus ik viel in slaap. In mijn dromen zag ik oma , die me waarschuwde, elke keer weer.
Die ochtend werd ik wakker, ik keek om me heen, Kwabena lag naast me maar Yaw... ''Waar is Yaw!'' schreeuwde ik. Maar voordat ik kon gaan zoeken werden we meegenomen door een man, hij vertelde ons dat een vrouw hem had gekocht en dat wij zouden worden afgeleverd bij Nana, een machtige man. Maar toen Nana op een dag dood op zijn troon werd gevonden, veranderde alles totaal...
We moesten een lange weg lopen van de handelaren, een verschrikkelijke lange weg.
xminouux, vrouw, 32 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende