't Mooiste aan menselijke verhalen is niet dat er maar 'n enkele uitleg aan te geven is, maar dat je er nu juist zoveel verschillende betekenissen in kunt zien, die allen meestal ook nog 'n eigen waarde hebben:
dat maakt het zo boeiend om ze keer op keer opnieuw te lezen & telkens weer iets anders te ontdekken?
Je raakt nooit uitgekeken op zo'n intrigerend verhaal: 't is als 'n schat in 'n akker die nooit raakt uitgeput
of 'n bron die blijft stromen. Menselijke geschiedenis is als 'n combinatie van al die schatten & bronnen ...
Inclusief gelovige & ongelovige interpretaties, variaties, uitleggingen met fantasie & volop rijke illustraties!
De ongelovige Thomas is & blijft dan ook 'n prachtig voorbeeld van bewijs waar je alle kanten mee op kan
gaan zonder dat de betekenissen verloren gaan: mydibijbelverhaaltjes zijn multi-interpretabel & 'gelaagd'.
Thomas' twijfelmoedigheid neemt aanvankelijk de overhand, en hoe zy daar meer op aan dringen, hoe hy
zich daar onverzetlijker tegen aanzet, & zegt:
'INDIEN IK IN ZIJNE HANDEN NIET ZIE 'T TEKEN DER NAGELEN,
& MIJNE VINGEREN NIET STEKE IN HET TEKEN DER NAGELEN, & MIJNE HAND IN ZIJNE ZIJDE,
IK ZAL GEENZINS GELOVEN!
Maar om dit ongeloof te beschamen,
en de waarheid te doen zegepralen, vertoont zich Yehosjoea, bestraft zijn onverzetlijkheid, gebied hem, zijne handen in de wonden te steken, en niet ongelovig, maar verzekerd te zijn.
En op dat niemant dat voorbeeld van twijfelmoedigheid, en ongeloof zoud op- & na-volgen,
noemt hy de Gelovigen, die deeze grondwaarheid niet bestrijden, maar aannemen zullen, WELGELUKZALIG;
als zijnde de sprink-ader van
ZALIGHEID.
Waar by de H.Euangelijschrijver,
tot roem der zegepralende waarheid, ophaalt, dat Yesjoe nog
VEELE ANDERE TEKENEN
in tegenwoordigheid zijner Kruisgezanten heeft gedaan, op dat niemant aan zo volzekere heilgronden twijfelen mogte: maar dat hy die kortheids halve, stilzwijgende voorby gaat,
en zijn oogmerk genoegzaam voldaan acht, dat niet anders is,
dan ieder die waarheid in te scherpen, dat Yesjoea is
DE ZOONE G DS,
& de eenige oorzaak des
EEUWIGEN LEVENS.
[Dat is dus
in de grond van de zaak
geen beperking, ophemeling of verafgoding, maar
juist een verbreding, veralgemening &
voorbeeld ter navolging!]
Laat ons,
om dit te zien,
wat nader letten op deeze vier hoofdzaaken:
I. op de twijfelmoedigheid en 't ongeloof van Thomas;
II. op de zegepraal & verschijning van Yehosjoea;
III. op de roemtaal des H.Euangelists, en vertoog van zijn groot oogmerk; en
IV. op de vertoning, dat 'JC' is de Koning van Israel!
[Hij verenigt in zich a.h.w. 'priester, profeet & prins'!]!
Wonderwijs is G d in zijn Kerkbestier; en gelijk hy in de schepping, het licht uit de duisternisse voortbracht,
zo geeft hy ook de waarheid kracht en klem door ongeloof, en twijfelmoedigheid van haare tegenstrevers.
Mosjiach/Christos [redder/verlosser/bevrijder/voorbeeld] was verschenen in 't midden van de zijnen,
maar Thomas niet tegenwoordig.
Maar zoud hy een Kruisgezant wezen, en dezelve heilgronden prediken, als de anderen,
zo moest hy overtuigd zijn van dezelve waarheid, als alle de anderen.
Thomas is 'n Hebreeuwsche naam, & van dezelve beduidenisse, als 't Grieksch,
DIDUMOS,
gelijk de H.Euangelist die twee naamen by een voegd, als gelijkluidende in die verscheidene taalen:
want beide betekent
TWEELING.
Het zy,
dat hy waarlijk een
TWEELING,
& t'eender dragt, of liever geboorte, met eenen broeder, of zuster ter weereld gebragt was,
gelijk Ya'akov & Esaw, die ook daarom
THOOMIN,
tweelingen heten:
het zy, dat hy een Jood van afkomst, in eene der steden van
DEKAPOLIS
woonde, aan d'overzijde der
YARDEEN,
waar in
SCYTHOPOLIS, GADARA, HIPPO, PELLA,
en andere steden lagen, die van de
HEIDENEN
ook bewoont wierden, &
daar men Grieksch, zo wel als Hebreeuwsch, sprak, & dus
TWEE
naamen had,
THOMAS of THOMA
onder de Jooden,
DIDUMOS
onder de Heidenen.
Welligt tot een voorspel, dat het snoer zijner bediening niet alleen onder de Jooden,
maar voornaamlijk onder de Heidenen, en verafgelegene volkeren zoud uitgaan,
als nu Koning
YEHOSJOEA
in 't erfbezit der gantscher aarde zoud gestelt worden, en de
MEETSNOEREN
zijner erfenisse in
LIEFLIJKE PLAATSEN
vallen.
Sommigen
leiden den naam van
THOMAS
af, van een Hebreeuwsch woord, dat
AFGROND
betekent, en meinen dus naam, en daad over een te brengen, om dat het ongeloof hem tot dieper kennis-grond bragt. Maar wie ziet niet, hoe verre dit gezocht zy?
Anderen zinspelen op den naam zelven, en zeggen, dat hy in der daad een
TWEELING,
en dubbel-hartig was, om dat hy voor 's Heilands verschijning, de waarheid zijner opstanding verwierp, maar na die overtuiging, nu voor onwraakbaar hield, en geloofde. Doch ging het even zo met de anderen Discipelen? Zijn Ouders zijn in de H.Bladeren niet vermeld, en daarom onbekend:
maar hy schijnt, voor zijne roeping tot het Apostelampt, 'n
VISSCHER,
gelijk andere Discipelen, geweest te zijn, maar ook
DRIFTIG & ONVERZETLIJK:
als uit verscheIdene omstandigheden, en redenen af te nemen is.
Want als Yesjoea heen trekt naar Judea/YEHOEDAH,
daar hem de Jooden/YEHOEDIEM
hadden willen stenigen,
ZEGT THOMAS:
LAAT ONS OOK OPGAAN,
OP DAT WY MET HEM
STERVEN!
Eene taal,
die zommigen zijne
KLOEKMOEDIGHEID,
anderen, en met meer grond, zijne driftige
ONBEZUISDHEID
toeschrijven.
Maar hoe wonderlijk weet die hartveranderende
'G D' [Natuur!],
de harten te veranderen!
THOMAS
word overtuigt.
THOMAS
ontfangt den H.Geest.
THOMAS
word 'n volheerlijk Werktuig in de hand
des Heeren, en plant de Kruisbanier,
zo men
EUZEBIUS
geloven wil,
onder
MEDERS, PERSEN,
PARTHERS, &
INDIAANEN!

