Twijfel neemt een positie in tussen de fundamentalisten en hen die vinden dat er geen eenduidige waarheid is, de relativisten. De eerste groep kan godsdienstig zijn, maar ook fanatiek atheïstisch. Doorgaans is de tweede groep scientistisch, waarbij wetenschap (vooral
science de natuurwetenschap) een antireligieus geloof vertegenwoordigt. Niet geloof en godsdienst, maar onderzoek en wetenschap bieden ons waarheid en zekerheid. De atheïsten onderscheiden zich van de agnosten die permanent twijfelen, zelfs aan eigen twijfel! Hoe voorkomen we dat dit eeuwig twijfelen uitmondt in permanent relativisme dat als een -isme weer tegengesteld is aan de twijfel? En hoe kunnen we nu overtuigingen koesteren
zonder fanatiek te worden? De agnost houdt niet verbeten vast aan
law & order, maar verliest zich ook niet in het postmoder-nistische
anything goes. Hij/zij ziet wel dat ermaan sommige zaken niet getwijfeld mag worden. Zo verwerpt hij aanranding, verkrachting, marteling, racisme, vreemdelingen- & homohaat, moord & de door de staat uitgeoefende doodstraf. Maar op welke morele grond wijst hij twijfel daaraan af? G d, de Natuur of andere metafysische krachten zijn eigenlijk alleen nog maar meer iets voor de ware gelovigem, milieufanatici, aller-lei natuuraanbidders of neospirituelen. Ik zie het morele fundament liggen i/d oudjoodse & christelijke GuldennRegel:
wat jij niet wilt dat jou geschiedt, doe dat ook een ander niet aan! Deze regel oefent, in uiteenlopende bewoordingen, in veel godsdiensten z'n matigende invloed uit. GHM analyseerde onze dagelijkse interacties in termen van 'je verplaatsen i/d rol & houding van de ander'. Alleen zo kunnen we zin-voller & betekenisvoller met elkaar om blijven gaan & morele compassie voor de ander opbrengen. We identificeren ons met de gemartelden i/d kelders v/h totalitaire regime & beseffen dat de rechtsstaat ons daarvoor behoedt met een beetje goede wil, geluk & wederzijds vertrouwen .....
Door deze empathie, die meer is dan een sentimenteel medelijden, twijfelen we niet aan het moreel verwerpelijke van al dat martelen & is 't ge-vaarlijk aan het belang van een democratische rechtsstaat te twijfelen. Het zijn eenvoudige overwegingen omringd door fundamentalistische dan wel relativistische 'ware gelovigen' moeten we elkaar voortdurend aan herinneren. Twijfelen is moeilijker dan fanatiek geloven, maar het is van levensbelang voor een menswaardig(er) bestaan. Anton Zijderveld is emeritus hoogleraar sociologie a/d Erasmus uni[di]versiteit @ Rotjeknor & samen met Peter Berger schreef hij 'Lof der Twijfel. Hoe we overtuigingen kunnen koesteren zonder daarbij fanatiek te worden' (uitgeverij Cossee zie ISBN 9789059362666 & deze (bekorte) tekst verschijnt in
De Helling, kwartaal uitgave v/h wetenschappelijk bureau van GroenLinks
