De mogelijke [& 'onmogelijke'] variaties op de boodschap{pen} van J. & zijn volgelingen lijken eindeloos?
In onze tijd herkenden blijkbaar velen zich in 't evangelie van Thomas {Zie ook Gilles Quispel!}: 't is iets wat mensen aanspreekt deels omdat allerlei traditionele christelijke visies erin ontbreken, zoals dat J. z'n leven heeft gegeven als offer v/d zonde [van Velen] & daarna uit de dood is opgestaan. Thoma pretendeert Jesus' geheime onderricht te bevatten of tenminste 'n tipje v/d sluier daarvan op te lichten?! Het gaat onder meer over de hemelse oorsprong en bestemming van de mens, over zelfkennis en inner-lijke vernieuwing. J. is er de leraar van wijsheid & gnosis: in spreuk 108 wordt beloofd dat wie zal drinken van zijn mond, dus zijn onderricht tot zich neemt, ook zal worden zoals hij. 't Intuitieve gevoel van 'n lezer dat de visie van dit evangelie op Jesus, G d en de mens hem/haar aanspreekt, kan ook 'n 'theologische' voorkeur worden genoemd. Deze voorkeur brengt echter niet vanzelf met zich mee dat dit onderricht op naam van J. historisch betrouwbaar is en dus echt op hemzelf teruggaat: het kan hem immers ook zo in de mond zijn gelegd door christenen die een eigen visie op hem hadden ontwikkeld of die aansloot bij wat ze al 'wisten' voordat ze van hem en zijn uitspraken hoorden? ~@~
Nog 'n laatste voorbeeldje voor vandaag: uit de evangelie van Mat, Mark & Lucky Luke is op te maken dat Yehosjoea heeft aangekondigd dat het hemelse koninkrijk van G d binnen afzienbare tijd zou aanbreken en dat hij zelf, als de Mensenzoon, dan op de wolken uit de hemel zou komen. {Zie ook: Mat 16:28/24:30/24:34/26:64; Mark 9:1/13:26/14:62; Lukas 9:27/21:27/21:32 & Handelingen 1:11!}. Dat Yesjoea deze apocalyptische verwachting inderdaad heeft gewekt, wordt ondermeer bevestigd door Sjapo's eerste brief aan de Tessalonicenzen.
DIT is waarschijnlijk de vroegste brief die we van Sjaul/Paul hebben, van omstreeks 't jaar 50 [dus zo'n 20 jaar na de kruisiging van Yehoesjoa]!
Daarvan gaat tenminste de suggestie uit dat hij erop rekent deze gebeurtenissen zelf nog te zullen mee-maken {1 TESS 4:15-17; zie ook ROM 13:11-12/16:20; 1 KOR 7:29/15:51, Jakobus 5:8 & Openbaringen 1:7 & 22:20}!
Historisch gesproken staat dat dus best wel sterk ook al blijven 20 jaar 20 jaar? Maar al sinds de laatste decennia van die eerste eeuw hebben christenen zich alsmaar afgevraagd of deze gebeurtenissen nu wel [of niet] binnen afzienbare tijd zouden plaatsvinden en of ze wel ooit zouden plaatshebben! Een weerspiegeling daarvan is te vinden in Mattheus 24:49/25:5; 2 Petrus 3:4, en dus ook in het verdwijnen van deze acute eindtijdverwachting in diverse latere geschriften v/h NT, zoals de brieven aan de Efeziers [1:10/1:21/2:7/4:10], de Kolossenzen [1:5/3:4] & de z.g. pastorale brieven [1 TIM 4:1/6:15; 2 TIM 3:1/4:1/4:3 & Titus 2:13]!
In het evangelie van Thomas is deze eindtijdverwachting in deze vorm dan ook niet te vinden. Wanneer Yesjoe daar spreekt over de komst van het koninkrijk g ds, dan is daarmee meestal iets hemels of iets zeer mystieks bedoeld, of iets dat zich heel langzamerhand over de aarde aan 't verspreiden is?! {Zie Thomas 3/22/46/49/54/82/99 & 113!} ...
Hoewel de verwachting dat de hemel en de aarde voorbij zullen gaan enkele malen in 't evangelie van Thomas {Dydimus} voorkomt {11 & 111}, is Jesus' aankondiging van de spoedige komst van G ds koninkrijk en van zijn eigen komst op de wolken er niet in opgenomen.
Dit heeft stellig een theologische reden gehad: de visie van die spoedige apocalyptische komst van G ds koninkrijk en van Jesus paste kennelijk niet zo best bij het beeld dat de samensteller van dit aparte evangelie van J. gekregen had?!
Maar hoewel dat element van Jesus' onderricht theologisch misschien maar moeilijk is te verantwoorden, hoorde het in historisch opzicht er toch echt wel bij: ook al is het destijds niet [precies zo] uitgekomen voorzover wij weten ...