Rommeldam & Ommelanden 240b dáár moesten de broers
DIEP
OVER NADENKEN,
WANT IK WAS NATUURLIJK
HÙN PRÓBLÉÉM! ÀNDEREN DIE ÌK DÌT VERHÁÁL
HEB HOREN VERTÈLLEN, LIETEN YOSEEF DAN OOK ZÒNDER MÍJ
VAN CHEVRON NAAR SCHEM VERTREKKEN, MAAR GELÓÓF ME,
ÌK WÀS TÓEN WÈL DÉGELIJK ÈRBÍJ!!!!
'Ìk kan me goed voorstellen wááròm jouw móeder
je Bèn-Oni noemde,' zei Yehoedah, '"ZÓÓN van míjn Smàrt",
want je bènt 'n stuk verdriet!'
Ik liep vol gàl,
omdat Híj me herinnerde aan de dood aan mijn moeder.
'Je kùnt me als SLÁÁF aan de Isjmaëlíeten verkopen,' zei ik grìmmig.
'Dàn brèng ik nog wat òp?!'
Ik zal z'n blik
nooit vergeten & werd overmand
door 'n angstig voorgevoel: zíjn nakomelingen & de mijne zouden wel eens
heel lelijk met elkaar slaags kunnen gaan raken.
Rúvèn had er genóeg van!
'Je bedènkt zèlf maar ÍETS,' gromde hij.
'Àls jij je váder níet weet te overtuigen, sla ik
je kop van je romp!'
Ik wìst Wáár Ìk
Áán Tóe Wàs met míjn dierbare familie,
maar ik vréésde de DÓÓD níet: ik zóu wráák nemen
voor Yosef door ons beider vader dé WÁÁRHEID te VERTÈLLEN! Want wie ònrecht tóeláát
& tóestáát máákt zichzèlf medeplìchtig,
ìk mòcht van míjn hàrt
géén móórdkuil
máken!
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende