Q137/138 archeologische Qumran~perioden vlg. DV
Israëlitisch vd 8e tot & met de 7e eeuw voor Christos. Hellenistisch vóór ongeveer 134 vC & van 135 tot 31 vC. Herodiaans van ongeveer 31 voor Christos tot 68 na Christos. Romeins na 68-73 n.Chr. & de Bar Kochbahjaren van rond 132 tot 135 na Christos?! Wat DV aantrof was genoeg bewijsmateriaal om de periodieke bewoning aan te tonen van de lokatie Qumran die terugging tot ten minste de Israëlitische periode van de eerste Tempel! De oudste resten uit die periode waren opgenomen in - of dienden als basis voor - 'n latere hellenistische laag, die De Vaux indeelde in Stratum a & b. Hierop volgt 'n nieuwe bewoningsperiode, die door DV als Herodeaans wordt omschreven, gevolgd door een derde stratum, door hem in verband gebracht met 'n korte Romeinse bezetting gedurende de nasleep van de Eerste Joodse Opstand & de daaropvolgende totale verwoesting van Yeroesjalayiem. Zoals we al eerder/vaker hebben gezien, is twijfel gerezen ten aanzien van de geldigheid van een scherp onderscheid tussen de hellenistische periode van Stratum Ib & de Herodeaanse periode van Stratum II, terwijl zelfs de idee van eennRomeinse bezetting in twijfel kan worden getrokken.
Er zijn ook sporen gevonden - voornamelijk in de vorm van munten - van 'n incidenteel gebruik van deze lokatie in nog andere tijden, tot in de periode van Bar Kochbah & zelfs de middeleeuws-Byzantijnse tijd. Omdat inscripties ten enenmale ontbreken, en te herkennen aardewerkstijlen buiten beschouwing gelaten, is de historische distributie van op de lokatie gevonden munten de beste leidraad voor 't dateren van 'n bepaald stratum. Net als overal elders in de wereld werden er, nadat de monetaire economie eenmaal vaste voet had ge-kregen in 't nabije midden oosten, door elk koninkrijk eigen munten geslagen, vaak met kenmerken die 't bewind van 'n nieuwe heerser markeerden. Soms zijn de munten zelfs gedateerd, zodat ze de archeoloog bij benadering kunnen vertellen van welke periode de laag is waarin ze zijn gevonden. Als er bijvoorbeeld op een bepaalde plaats opgravingen worden gedaan tot onder de onderzijde van de laag die betrekking heeft op de nieuwste geschiedenis, kunnen we verwachten daar ook oudere in plaats van meer recente aan te treffen. Zo zal de afwezigheid van munten uit de tijd van koningin Elizabeth II in 'n bepaald stratum in Groot-Brittannië 't vermoeden wettigen dat dit niveau waarschijnlijk correspondeert met de periode van vóór 1952. Als er dan ook nog munten worden gevonden uit de regeringsperiode van koningin Victoria, naast een paar munten van eerdere monarchen & niet van latere, dan is aan te nemen dat dit stratum bewoond is geweest tot op z'n minst de meest recente munt uit haar regeringsperiode, maar niet veel langer. Voorts mag worden verondersteld dat de oudste gedateerde munt het begin van 'n bewoningstijdperk op dat opgravingsniveau markeert, hoewel we voor ogen moesten houden dat munten vaak nog geruime tijd nadat ze in omloop zijn gebracht blijven rondcirculeren? Wàt had DV te melden over archeologie van 't Qumrancomplex & de daarmee verbonden lokaties? Dorre kost? Toch zijn helder inzicht in & kennis v/d interpretaties van deze vondsten van essentieel belang als we graag de oorsprong v/d handschriften & -fragmenten uit die nabijgelegen grotten willen leren kennen.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende