Is 't niet, of hy zeggen wilde: daar boven is uw
*
eeuwig
vaderland?
[menselijke{r}
projectie~symboliek']
DAAR IS DE HEMEL-STAD;
DAAR IS UW BORGERSCHAP;
DAAR IS RUST; DAAR IS VREUGD;
DAAR IS EEUWIGE GELUKZALIGHEID;
ZOEKT DAN DE DINGEN, DIE DAAR BOVEN,
EN NIET DIE OP AARDE, EN VERGANKLIJK ZIJN!
Zoud hyze ook wel uit YEROESJALAYIEM hebben uitgeleid,
indien zy, en wy daar eene blijvende Stad moesten hebben?
Zegt die uitleidinge niet, dat ze dat volk zullen moeten verlaten?
Dat 'er een hemelsch Yeroesjalayiem zal nederdalen,
wanneer hy ten hemel zal opgevaren zijn?
Dat Tempel en Tempel dienst,
kracht- en vruchtloos is,
nu hy de eeuwige
gerechtigheid
heeft aan~
gebragt?
Zegt
die uitleidinge
niet, dat wy nu de weereld,
zonde, weereldlingen, bijgeloovigheid,
& alle misverstanden verlaten moeten, en
als hemelborgeren
leven?
Met
Avraham
eene stad zoeken,
die fondamenten heeft?
En met JC
uitgaan?
Als
hy onschuldig
was veroordeelt, en
ter kruis-straf geleid wierd,
ging hy ook uit Yeroesjalayiem,
om dat hy voor de Jooden niet alleen,
maar ook voor de Heidenen zoud sterven:
nu gaat hy weder buiten en vaart van den Olijf~
berg ten hemel, tot bewijs, dat zijn kruislijden den hemel
geopent had voor alle gelovigen, zonder
onderscheid van Jooden,
Heidenen, taalen
of volkeren.
Was
de hemel
door de zonden gesloten?
Die is door JC en zijne gerechtigheid weder geopend,
en hy zal ons voorgaan, om daar eeuwige woningen te bereiden.
Daarom scheurde het voorhangsel des Tempels,
om dat de weg tot het waar heiligdom,
nog niet geopenbaard was: maar die
word nu gebaant, en toeganklijk,
nu JC opklimt, zijn offerbloed
in 't heiligdom inbrengt,
en aan 's Vaders
rechterhand
zit.
Hoe
konden ook
de H.Apostelen
van alle die verborgendheden,
beter onderwezen en bewust worden,
als door den Olijf~berg, daar de roode Veerze
op den Zoendag verbrand wierd,
en het bloed, nevens dat
van den offerbok,
in 't Heiligdom
gebragt?
Hier
zagen zy
nu het einde
van die, en alle
andere schaduwen des O.T.
En zullen aanstonds daar van overtuigt worden,
als zy Yehosjoea zien opvaren.
Slaat
uwe oogen
niet op de groene Olijf~boomen,
hoe cierlijk die mogen staan; schouwt de palmen, daadelen,
en andere bekoorlijkheden niet aan, maar ziet JC eer hy word opgenomen.
Dit was het beding van Elya, dat, zo Elisja hem zag opvaren,
hy des zelfs Geest zoude genieten.
Niemant denke,
dat het zien der oogen zulk eene kracht hadde,
dat zag ongetwijfelt, op het tegenbeeld JC en het oog des geloofs,
dat men op hem slaan, en geslagen houden moet.
En wie kan den Geest mededelen, dan hy, die den Geest verworven,
en gaaven verkregen heeft, om den menschen kinderen die toe te delen.
Ook kregen de H.Apostelen, die JC hebben zien opvaren, en hem na-oogden,
doch sterker geloof- en ziel-oogen, als met die van 't licchaam, weinige dagen hier na,
de kracht uit de hoogte, en dien Wonder-geest, die hen beloofd was.
Dit moet ons leren, de oogen op JC te hechten, en nadien wy hem
niet meer licchaamlijk konnen aanschouwen, noch plaatslijk zien
ten hemel op- & in-varen, de oogen des geloofs te openen,
hem om zijnen Geest te bidden,
en met de Bruid
te roepen:
TREK ONS!
TREK ONS! WY
ZULLEN U
NALOPEN



Met
andere woorden
bij wijze van spreken,
doorvertellen, op~ & her~
schrijven: hier zien we de 'pyramide'
van behoeftenbevrediging & creatieve vermogens
als basis van ons menselijk{er} bestaan
in de notendop van die tijd ~
als 'n bootje op woeste
baren, vis in 't water,
brood & wijn voor
allen die ietwat
verder willen
kijken dan
voorheen
...



Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende