Eigenlijk
is 'christelijk
geloof' kinderlijk eenvoudig:
ideaal voor onschuldige jeugdigen
en allerhande soorten simpele heidenen
van alle plaatsen & tijden?
Het bond-zegel zelf, dat JC gebied te gebruiken,
om zijne onderdaanen van de weereld af te zonderen, bewijst,
dat hy de Koning Israels zy, en zich een eigen volk verkregen hebbe,
ijverig tot alle goede werken!
Wierd het oud bond-volk van het gantsch Heidendom,
door het zegel der besnijdenisse afgescheiden?
En zoud het nieuw volk geen onderscheid-teken hebben?
Wierd AVRAHAMS zaad dus onderkent, en Gods gebod ingelijft?
En zoud CHRISTOS zaad niet onderkent, en Gods nieuw verbond,
niet door een bond-zegel ingelijfd worden?
Dat gantsch Israel niet alleen door BESNIJDENISSE,
maar ook door OFFERANDE, en DOOP in 't verbond Gods was overgegaan,
bekennen eenstemmig alle de Joodsche Leermeesters, en MAIMONIDES zegt nadruklijk:
DE DOOP WAS IN DE WOESTIJNE AL VOOR DE WET, gelijk 'er gezegt word: EXODUS 19:10.
GY ZULT HET VOLK HEILIGEN, HEDEN EN MORGEN,
EN ZY ZULLEN HUNNE KLEEDEREN WASSCHEN.
Algemeen was de Doop, als reeds eerder & vaker gezien is,
in 't maken der Jooden-genooten, en deeze zet-regel ging by hen door:
NIEMANT IS EEN JOODEN-GENOOT,
ZO LANG HY NIET BESNEDEN,
EN GEDOOPT IS.
Dus was de Doop,
niet alleen een onafscheidlijk gevolg van de Belijdenisse,
maar ook eene verzegeling
van dat zegel-teken.
Hier kwam 't van daan: als YOCHANAN de boet-prediker doopte,
dat hem de afgezanten der Farizeeen, en Schriftgeleerden niet vragen:
WAT DOET GY? WAAROM DOOPT GY? EN WAT BEDUID DAT DOPEN?, maar,
WIE zijt gy, dat gy DOOPT, zijt gy ELYA,
zijt gy de PROFEET?
Waar uit af te nemen is,
dat zelfs de Jooden in dien tijd de verwachting van den MESSIAS hadden,
dat hy DOOPEN, en zijn volk met dat bond-teken
bezegelen zoud.
En geen wonder, zo hadden alle PROFEETEN voorspelt,
dat alle Volkeren gereinigt, en Gode toegeheiligt
zouden worden.
IK ZAL U UIT DE HEIDENEN HALEN, EN UIT ALLE LANDEN VERGADEREN, EN ZAL U IN UW LAND BRENGEN.
zegt DE HEERE TOT DE BABEL-BALLINGEN, DAN ZAL IK REIN WATER OP U SPRENGEN, EN GY ZULT REIN WORDEN VAN ALLE UWE ONGERECHTIGHEDEN.
De Joodsche Leermeesters brengen dit met recht tot den MESSIAS,
die na de Babel-ballingschap verschijnen,
en zijn volk waarlijk reinigen zoud.
Gelijk hy dat in, en door den water-doop verzegelt.
Zo was van dien wonder-knecht des Heeren,
die verhoogt, verheven, en zeer groot moest worden, voorzegt:
HY ZAL VELE HEIDENEN BESPRENGEN, het geen van niemant, als van den MESSIAS,
kan verstaan worden, volgens de verklaring der JOODEN zelfs, die uit kracht dier woorden,
VERHOOGT, VERHEVEN, ZEER GROOT WORDEN, den MESSIAS,
verre boven AVRAHAM, MOSJEH,
ja ENGELEN verheffen.
Hoe groot moet ook hy wezen,
die zielen reinigt, zonden vergeeft, het nieuw verbond opregt,
en zo krachtig verzegelt? Dat zelfs de DOOP de Besnijdenisse moest vernietigen,
erkenden de JOODEN van ouds, en een hunner Leermeesters schroomt niet te zeggen van de Jooden-genooten, daar zy over twisten: MAAR ALS IEMANT NIET BESNEDEN, EN GEDOOPT IS,
WAAR ZAL MEN HEM VOOR HOUDEN?
ZIET, DIT IS EEN JOODEN-GENOOT!
Dus oordeelde ook de groote Raad over de Jooden-genooten,
die ten tijde van DAWIED, en SJLOMO waren overgebragt tot het Jooden-geloof:
want om dat 'er veelen in 't verborgen, en van bijzondere mannen aangenomen waren,
was de groote Raad daar over bekommerd, DOCH HEEFT DIE NIET DURVEN VERSTOTEN,
OM DAT ZE GEDOOPT WAREN,
zegt de vermaarde
MAIMONIDES.
De HEIDENEN, die van van de Besnijdenisse geen besef, noch gebruik hadden,
waren echter zeer gezet op reinigingen, wasschingen, besprengingen, en meinden zich in bron.
stroom, zee, en op andere wijzen, van misdaaden
te konnen zuiveren.
Konde de Koning Israels,
die ook de Koning der HEIDENEN moest zijn,
en zijn rijk onder alle Volkeren aanvaarden, wel voeglijker bond-teken geven,
om allen tot EENIGHEID des geloofs te brengen,
dan het geen beiden zo hoog achten moesten,
zelfs naar hunne bijgelovige gronden?
Voorwaar
ik zeg ulieden:
't is niet zo simpel
om 'n jood of moslim te zijn:
maar 'n christen {volgeling van Yehosjoea}
kan iedereen worden die dat wil ~ 't enige
wat je nodig hebt is
de genade van
'goede wil'
...
