van voor naar achter van links naar rechts etc ...




Terug & voorwaarts met de trouwe verdieping van de boeken uit letter & geest na de aardzeebevingen, tsunami's & falende kernenergiecentrales.

We schrijven het jaar 1933, het noodlotsjaar van de machtsovername door Adolf Hitler & z'n bruinzwarte SA/SS~kornuiten als Hermann Goering, Josef Goebbels, Heinrich Himmler, Rudolf Hess, Heydrich, Eichmann & chaotische geestverwanten in vele landen die nu 'alles anders' willen doen!

Het begin van een catastrofaal hoofdstuk in de Europese & wereldgeschiedenis dat nog doorklinkt tot op de mydidag van vandaag overal elders?!

Piet Mondriaan is op dat moment 'n verklaard internationalist: hij droomt over een internationaal museum van hedendaagse kunst, dat gevestigd zou moeten worden in Parijs & gesponsord door alle landen v/d westerse cultuur. Onder hedendaagse kunst verstaat hij alle kunstuitingen sedert het naturalisme, dus alle stromingen na het impressionisme die de natuur niet langer meer beschouwen als de leermeesteres van de kunst & die op de ene of andere wijze de weg v/d abstractie hebben bewandeld. Voor de door hemzelf ontwikkelde stijl v/d 'Nieuwe Beelding' (of Neoplasticisme i/h Frans & in samenspraak met Theo van Doesburg & Bart van der Leck) heeft PM een leidende rol in gedachte waar-van de impact niet slechts cultureel maar ook politiek is. In een zeer ambitieus essay waar hij jaren aan geschreven en gedokterd heeft, "L'art nouveau ~ la vie nouvelle", geeft hij uiting & uitleg aan zijn utopische visie op een 'nieuw leven' in een wereld zonder geweld en nationalisme ...

Hij gelooft dat de vlak- & lijnverdeling zoals hij die in zijn Nieuwe Beelding heeft uitgewerkt, zich moeiteloos laat vertalen in een concreet model
voor internationale verhoudingen. De rechthoekige vlakken van diverse afmetingen en kleuren op zijn schilderkunst laten volgens hem zien dat 't internationalisme niet tot een eentonige chaos in de wereld hoeft te leiden, maar juist tot goed geordende eenheid. In de Nieuwe Beelding komen de grenzen zelfs buitengewoon sterk tot gelding, maarvdeze grenzen zijn nooit werkelijk gesloten. De rechte lijnen ontmoeten elkaar voortdurend in rechthoekige contrasten, terwijl de ritmiek van lijnen & kruisingen zich door het gehele werk voortzet. Op dezelfde wijze, meent de kunstenaar in zijn artistiek idealisme, zullen ook in de toekomstige internationale orde de verschillende landen wel hun eigen ritmische plaats gaan krijgen ...

De nazi's noch de democraten hebben op dat moment enige boodschap aan dit manifest van internationalisme & de hoogst idealistische, maar zo dus ook nogal wereldvreemde tekst blijft tijdens Mondriaans leven ongepubliceerd. In 1937 wordt zijn schilderwerk als gedegenereerd verklaard op de beruchte tentoonstelling van 'Entartete Kunst' in Muenchen. ZO slingeren onze realistisch~imaginaire scheepjes voort op de oceanen des levens ...

Zoals Janosch de Grote Rode Gecastreerde Kater gebeten werd door een dolle hond o.i.d. & zo het tijdelijke voor het eeuwige moest verruilen, zo is nu ook hedennacht Pico de Geelgroene Grasparkiet overleden terwijl zijn ouders op Oshima/Amami wonen:

ook mensenlevens zijn als het gras:
PS 100/102/103
Iubilate Deo ~ schalt het uit voor de ENE, heel de aarde,
dient de ENE met vreugde, komt voor zijn aanschijn met gejubel! ...

Weet:
de ENE, hij is g d,
hij heeft ons gemaakt en niet wij onszelf,
zijn gemeente, de kudde die hij weidt!
Komt in zijn poorten met 'n danklied, in zijn voorhoven met 'n psalm, brengt dank aan hem, zegent zijn naam!
Want goed is de ENE, voor eeuwig zijn vriendschap, ~
van geslacht tot geslacht is daar
zijn trouw!

Misericordia et iudicium ~
ik ga zingen van vriendschap & recht, voor jou, ENE, maak ik muziek!
Ik zal acht slaan op een weg die volmaakt is, wanneer kom jij tot mij? ~
ik wil wandelen in de volmaaktheid van mijn hart, midden in mijn huid.
Nooit zet ik tegenover mijn ogen 'n woord van Belial, ~ 't doen van afvallige heb ik altijd gehaat,
op mij heeft 't geen vat. Laat 'n vals hart van mij wijken, van kwaad wil ik niet weten.
Wie heimelijk lastert over z'n naaste, hem laat ik zwijgen! ~ hovaardige ogen & 'n gezwollen hart,
dat kan ik niet uitstaan! Mijn ogen zijn in dit land bij de getrouwen, dat die bij mij willen zitten, ~
een die wandelt op een weg die volmaakt is, hij mag bij mij dienstdoen.
Nooit zal zetelen in het midden van mijn huis 'n dader van bedrog, 'n spreker van leugens;
hij wordt niet bevestigd in 't tegenover van mijn ogen. In de ochtenden breng ik tot zwijgen alle boosdoeners i
n dit land, ~ zal ik uitsnijden uit de stad van de ENE
alle bedrijvers van onheil!

Domine, exaudi ~
gebed van 'n gebukte, als hij bezwijkt;
& voor 't aanschijn v/d ENE z'n verzuchting uitstort.
O ENE, hoor m'n gebed, laat mijn hulpgeroep komen tot jou!
Houd voor mij niet jouw aanschijn verborgen op de dag dat 't mij benauwd is, neig tot mij jouw oor,
op de dag dat ik roep geef ijlings mij antwoord! Want mijn dagen zijn vervlogen in rook,
m'n beenderen zijn uitgebrand als 'n stookplaats.
Geslagen als 't gras & droog is m'n hart,
ja, m'n brood vergat ik te eten.
Mijn geluid is m'n zuchten,
m'n gebeente kleeft aan m'n vlees.
Ik lijk op 'n roerdomp in de woestijn,
ik ben geworden als 'n steenuil in ruïnes.
Ik blijf wakker, ben geworden als 'n vogel eenzaam op 'n dak.
Heel de dag hebben m'n vijanden mij gesmaad, die over mij zwetsen hebben bij mij gezworen.
Ja, ik heb gegeten: as voor brood, & wat ik drink heb ik met m'n wee-klacht gemengd, ~
in 't aanschijn van jouw woede, jouw toor : want jij hebt mij opgeheven & laten vallen.
Mijn dagen zijn als 'n schaduw geweken, & ikzelf, ik verschrompel als 't gras.
Maar jij, ENE, zetelt voor eeuwig, gedachtenis aan jou
is 'r van geslacht op geslacht!
~~~~~~~~
engel
JIJ,
jij zult opstaan,
je over Tsion ontfermen,
want het is tijd om haar genade te tonen,
ja, 't samenkomstuur is gekomen!
Want in haar stenen hebben jouw dienaars behagen, en met haar stof zijn zij begaan.
Dan zullen volkeren vrezen de naam van de ENE, alle koningen der aarde, jouw glorie!
Wanneer de ENE Tsion zal hebben herbouwd, zich in zijn glorie heeft laten zien;
zich heeft gewend naar 't gebed van de berooide, hun bidden niet heeft veracht.
Dit worde beschreven voor een generatie van later, de gemeente die dan wordt geschapen zal loven de ENE.
Omdat hij uit zijn verheven heiligdom neerzag, de ENE uit de hemelen keek naar de aarde om te horen
de zucht van wie is gebonden, 'n opening te schenken aan de kinderen des doods.
Om in Tsion te vertellen de naam van de ENE, in Yeroesjalayiem zijn lof! ~
als gemeenschappen eendrachtig te hoop lopen, koninkrijken tot dienst aan de ENE!
Onderweg brak hij mijn kracht, verkortte m'n dagen.
Ik zeg: mijn g d, laat mij niet opgaan op de helft van m'n dagen:
geslacht na geslachten duren jouw jaren!
Voormaals heb jij de aarde gegrondvest, ook 't maaksel van jouw handen: de hemelen!
Zij gaan teloor & jij houdt stand, allen zullen zij verslijten als 't gewaad; als 't kleed verwissel jij hen
& worden zij verwisseld. Maar jij blijft dezelfde, jouw jaren zijn nooit voltooid!
De zonen van jouw dienaars: mogen ze ongestoord wonen, laat hun zaad
voor jouw aanschijn bestaan!

Benedic, anima mea ~
Zegen, mijn ziel, de ENE,
al wat in mij is: zijn heiilge naam!
Zegen, mijn ziel, de ENE, en vergeet nooit al wat hij volbrengt! ~
die vergevend is voor al je onrecht, die genezend is voor al je ziekten;
die verlost uit de groeve je leven, die je omkranst met vriendschap & ontferming;
die verzadigt met 't goede je verlangen, nieuw wordt als de arend je jeugd.
Doende met gerechtigheden is de ENE, & met rechten voor alle verdrukten.
Kennen deed hij zijn wegen aan Mosjeh, aan Israels zonen zijn handelen.
De ENE is ontfermend & genadig, lankmoedig, overvloedig in vriendschap.
Niet voor immer duurt zijn geding, niet voor eeuwig blijft hij wrokken.
Niet naar onze zonden heeft hij ons gedaan, niet naar onze ongerechtigheden over ons voltrokken.
Nee, zo hoog als de hemel boven de aarde is heldhaftig zijn vriendschap over wie hem vrezen;
zo ver als zonsopgang is van waar daalt de avond, doet hij onze misstappen ver van ons weg.
Zoals een vader zich ontfermt over zonen, ontfermt zich de ENE over wie hem vrezen.
Want hij weet hoe wij zijn gevormd, blijft indachtig
dat wij stof zijn.

'n Mensje:
als gras zijn z'n dagen,
als de bloem op 't veld,
zo bloeit hij.

Want 'n storm trekt erover & hij is weg,
de plaats waar hij stond kent hem niet terug.

Maar de vriendschap van de ENE is van eeuwig tot eeuwig over wie hem vrezen,
zijn gerechtigheid voor zonen van zonen; voor wie zijn verbond bewaken, voor wie gedenken zijn opdrachten
om die te doen.

De Ene
heeft z'n troon gesteld in de hemelen, zijn koningschap heerst over alles.
Zegent de Ene, engelen van hem, sterke helden, daders van zijn woord, om te horen naar de stem van zijn woord.
Zegent de Ene, zijn heirscharen alle, zijn helpers, daders van zijn behagen!
Zegent de Ene, al zijn daden, op alle plaatsen van zijn heerschappij, ~
zegen, mijn ziel,
de Ene!









engel
13 mrt 2011 - bewerkt op 13 mrt 2011 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende