quaguku18b waar we mee omgaan worden we besmet ~~~
'T DIER WAADDE LACHEND NAAR ME TOE & DAARDOOR KWAM OOK Z'N LAATSTE RESTJE LICHAAM STUKJE BIJ BEETJE BOVEN WATER zodat de adem me ontnomen werd en het lachen me verging: "Mìjn Héér & mijn G d," verzuchtte ik! "Dìt is nog eens een schepsel!" Op hetzelfde moment kwam ook de gedachte in me op dat dit misschien wellicht & hoogstwaarschijnlijk géén 'schepsel' was, maar 'n "g d"?
'n Làchende G d! En toen ik twee ronde billen & bòrsten zag, dezelfde soort billen & borsten waarmee moederdieren hun jonge voor-brengen & zogen, veronderstelde ik dat mijn G d voor zichzelf 'n vrouw gemaakt had? Díe gedàchte snerpte door mijn ziel: ìk wìlde g d verstoten naar de buitenste duisternis waardoor hij voor àltíjd ònzìchtbaar zou zijn èn blíjven & deze godin géén wéét van hem hebben zou!
Zíj kwàm òp 't Lànd. Haar Héle lìchaam schitterde ì/d Strálende zòn & dáárdóór zàg ik hóe hàrtverschéurend náákt ze was! Ze wènkte me?! Ìk líep ongerùst náár haar tóe, bàng om íets verkéérds te doen & háár te verlíezen? Ze wéés naar mijn geslacht en zei: "Volgens míj ben JÍJ een màn!" Dàt wàs míj óók àl òpgevallen, dus het zou flauw zijn om het nu nog te ontkènnen ìn déze kènnelijke STÁÁT ~~!
"Zó ìs 'te," zei ik dus èn besèfte mètéén dàt óók zíj 'n mèns was en géén 'godin'! Wááròm wéét ik níet, maar m'n blóed stéég óók naar mijn hóófd waardoor ik zó róód werd als de ondergaande zon?! "Ìk wéét níet wáár ÌK vandáán KÒM," zei ze, "maar ik wàs al wèl naar jóu op zoek!?" "Jíj bènt 'n rìb úit MÍJN LÍJF," zei ik. Ze keek me aan alsof ik 'n naaktslak was. Dìt dúûrde maar even, tóen begòn zíj te làchen & scháterde het úit!
"Zèg dàt nòg een keer," vroeg ze náhìkkend van de làch!
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende