Q'83b Òf mìsschíen zàt 't wèllìcht óók nòg ànders?
Mìlka's
inschikkelijkheid verbaasde
mij èn ÌK vróeg me àf òf ík misschien wel
háár verlangen verwoord had èn òf zìj 'de g d was'
die MÍJ MÍJN GEDÀCHTEN
ìngefluisterd had?
Hóe Hèt Óók Zíj:
we verkochten ons land terùg aan onze goede dokter
èn tròkken náár dé Stàd!
Ik had er 'n ruïne gekocht waarvan 't dàk al gedeeltelijk ingestort was:
ik ruimde wekenlang puin, waardoor de vloer bewoonbaar werd & wíj ons tentzeil van muur tot muur
konden blijven spannen om ons zó te beschermen tegen de hete middagzon.
Omdat ik 't huis wilde herbouwen, zòcht ik werk in 'n steenfabriek aan de oever van de rivier: als ik met kapotgewerkte hander weer thuiskwam, werkte ik bij fakkellicht nòg 'n paar uur in een houtzagerij. Zó léérde ik òm te gaan met steen en hout, maar Milka & Ever zagen mij alleen wanneer ik half bewusteloos in bed tuimelde.
Dàt was de PRÍJS die zíj èn ÌK betaalden
voor ons nieuwe leven.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende