's Middags
zit Papa Chai
wel eens in de recreatiezaal
van het Bijlmerverzorgingstehuis:
hij noemt het aapjeskijken.
Op de allereerste rij.
Hij houdt soms van gezelschap.
Maar vooral ook van afwisseling
al beseft hij dat al lang niet meer
[zo goed als voorheen].
Het geeft hem een aangename spanning,
een prettig soort opwinding.
Hij heeft net zijn koffie met smaak gedronken.
Opeens klinkt er bulderend gelach bij de ingang van de zaal, links van zijn plek.
Het trekt zijn aandacht. Hij wendt zijn hoofd af en kijkt in die richting,
waardoor het lege kopje dat vlak voor hem staat, uit zijn gezichtsveld verdwijnt.
Als hij zijn ogen weer wendt naar degene die koekjes & gebakjes ronddeelt,
een schone Hindoestaanse maagd van amper achttien jaar, ziet hij dat zijn kopje nu leeg is.
Dat van zijn buurvrouw niet. En hevig verontwaardigd geeft hij te kennen dat hij nog geen koffie
heeft gehad!?
Omdat bij papa Chai nu
alreeds geen afdrukken van nieuwe indrukken worden gemaakt,
kan hij,
zeker als hij steeds wordt afgeleid door schone maagden als Sushma
en andere 'huisbewoners' & 'aanleuners'
waardoor het lege kopje telkens uit zijn waarnemingsveld verdwijnt,
tijdens het 'aapjeskijken'
bij wijze van spreken,
drinken en eten
wel koffie blijven drinken &
lekkere hapjes
blijven eten.
Wel heeft hij de laatste jaren
steeds meer dat vervelende gevoel
dat juist hij steeds wordt overgeslagen bij het inschenken
van de koffie & 't ronddelen der
'lekkere hapjes'?!
's Avonds
haalt hij nog net op tijd zijn toilet:
hij moest ineens zo
hoog nodig!
~@~
Sushma
werkt als verzorgster
in het Bijlmer~Alzheimerhuis.
Papa Chai kan bij haar wel een potje breken.
In ieder geval is zij altijd zeer met hem begaan,
ook als hij soms wat verdrietig is zonder precies te weten waarom.
Zij schroomt dan ook niet om zijn hand vast te pakken.
Op een ochtend zit zij naast hem en constateert dat hij, althans naar haar gevoel, ijskoude handen heeft. En voordat zij de kans krijgt om haar verbazing mee te delen, is haar hulp elders nodig.
Als zij terugkomt, zegt zij tegen papa Chai:
"Goh, wat had u net koude handen!"
Hij kijkt haar verbaasd aan.
Waar heeft ze het nu weer over
en wat doet die mooie
jonge maagd
bij hem?
Nu hij
geen afdrukken meer maakt
van nieuwe indrukken, kan hij zich nu ook al niet meer herinneren
dat zij zijn hand [zo]even vasthield.
We hebben het
erover dat demente
of dementerende mensen
~ hoewel ze niet meer in staat zijn om hun gebruikelijke afdrukken van nieuwe
indrukken te maken ~
toch nog verder blijven leven
tot de onvermijdelijke dood
erop volgt.
Dat
roept dan
weer onmiddellijk de vraag op
hoe we onder die omstandigheden
toch met hen in contact
kunnen blijven?
Uitgaan
van deze en dit soort van voorbeelden
is het antwoord:
waarover je met een 'vergeetachtig' mens
spreekt, moet zo lang mogelijk voor hem waarneembaar zijn.
Met andere woorden:
zorg ervoor dat alles zo veel mogelijk hoorbaar,
zichtbaar, tastbaar, ruikbaar en proefbaar is
en blijft!
Zolang je samen
naar de blauwe lucht en de schitterende witte en grijze wolken
kijkt en van alles om je heen kunt zien en waar nemen
kun je er over blijven praten:
"Goh, zie je die grote wolk daar?"
Zolang je samen naar al die oude popmuziek uit de zestiger jaren van de vorige eeuw luistert:
"Maakt die muziek jou ook zo vrolijk?"
Maar zodra je met de rug naar 't grote raam gaat zitten
of wacht tot de muziek is afgelopen
en dan zegt tegen
papa Chai
of
EEN
van zijn Andere
'lot~ & leeftijdsgenoten':
"Wat was dat een grote wolk, he?"
of:
"Vond jij
dat ook zo'n vrolijke plaat die Sergeant
[OP]Pepper van daarnet?"
dan weet hij niet meer
waar jij het over
hebt
en in het laatste geval
kom je ergens op terug
en gebruikt daarvoor de verleden tijd.
Zolang het dus
waarneembaar blijft,
kun je gewoon de tegenwoordige tijd gebruiken,
dat is de tijd die geldig is
en nu dan ook leeft
voor de zo 'oeroudgeworden
vergeetachtige en soms wat verwarde
papa Chai'.
~@~
En
dat geldt ook
voor zijn ruiken en proeven en dergelijke:
zolang papa Chai nog bezig is om zijn appeltaartje te eten,
kun je hen erover aanspreken net als in dat oerparadijs van de Hof van Eten
met die allereerste Adams & hun Ewa's,
sprekende hersenstamslangen,
talloos vele beelden van gelijkenis,
het benoemen van al
wat je tegenkomt
& wat er
[ook maar]
gebeurt:
daarna gaat dat
al niet
meer?
Ze keken naar de boom.
Zijn vruchten zagen er heerlijk uit
en ze waren een lust voor het oog en ze vonden het aantrekkelijk dat de boom hen wijsheid
zou schenken en dat hun ogen zouden open gaan zodra ze daarvan zouden eten,
en dat ze dan nu eindelijk ook als goden zouden zijn & kennis zouden hebben van goed en kwaad
en ze plukten een paar vruchten van de boom en aten ervan!
Toen gingen hun beiden
de ogen open en merkten ze ineens
dat ze naakt waren.
Daarom
regen ze wat frisse groene vijgenbladeren aan elkaar
en maakten er schortjes van.
En toen papa Chai,
zijn vrouw Ewa en de nog piepkleine Kain & Abel
G d YaHWeH, de HEER van Hemel & Aarde, in de koelte van de avondwind door
de tuin hoorden wandelen,
verborgen zij zich
voor hem tussen
de bomen waaruit zij ooit
waren voortgekomen!
Maar de Eeuwige G d
riep die mydimens tot zich, zeggende:
"Chai, waar
ben je?"
Hij antwoordde:
"Ik hoorde je in de tuin en werd bang
omdat ik naakt ben; daarom
verborg ik me!"
"Wie
heeft jou verteld
dat jij naakt
bent?"
"Heb jij
samen met jouw vrouw
misschien toch gegeten van de psychedelicatessen
van die psychedelische boom waarvan ik jullie
verboden had om
te eten?"
"En zien jullie mij
nu eindelijk ook echt [op]vliegen
& [neer]dalen?"
De mydimens antwoordde:
"Die vrouw die jij voor mij gemaakt en bestemd hebt
om mij ter zijde te staan die heeft mij van de vruchten van die boom gegeven
en toen heb ik er ook
van gegeten
...!"
"Waarom
heb je dat gedaan?"
vroeg YaHWeH, die eeuwige oudnieuwe verborgen bondgenoot
binnenin ons aan hen
en zij
...
Afijn,
wie kent al die oeroude
mydiverhalen niet op de EEN of Andere manier,
vorm of wijze?
't Is
vanzelf sprekend
natuurlijk ook maar een gelijkenis
net als al die andere mydibijbelverhalen, sprookjes en bonte
reeksen vertellingen over van alles en nog wat
dat ons ook maar enigszins aangaat tussen geboorte en dood
maar onder tussen zitten we toch maar mooi met de gebakken peren,
gepofte [aard]appels en al die andere vruchten van eigen rode klei,
zelfgemaakt deeg, nieuwbakken maaksels
en hersenspinsels?
Wie staan
zien liever toe dat zij niet [ook] 'ervoor' {voorover} vallen,
het maakt niet uit of je borsten hebt
of ballen!
Maar
Het myDiVerhaal
gaat verder en door:
het kent geen echt begin
of einde.
Alleen maar betekenissen,
interpretaties, definities en koekjes van eigen deeg
zoals reeds eerder vermeld!
Ik ga slapen
want ik ben moe.
'k Sluit mijn beide schalkse oogjes toe
en vraag aan m'n verste voorouders: "Oude Vader & Moeder, help ons,
want we weten nog steeds niet zo goed wat we nu eigenlijk
aan het doen zijn!"
En vol vertrouwen
kijken ook zij door onze ogen
als het ware bij wijze van spreken en beschrijven
naar buiten en zien wat er allemaal gebeurt
onder zon en
maan.
En proberen
er wat aan te doen
en toch nog iets
van te maken.
Met
vallen &
opstaan en/of
horten & stoten,
tussen ontwaken en
weer slapen
gaan
...
Ook
gedurende mijn
slaap gaan de
'mydiverhaaltjes'
rustig [of onrustig]
verder en alsmaar weer
door, zonder einde, of met
telkens een nieuw begin
en een nieuw
eind, 'ad
infinitum'
...
That's
what our
brains are for:
to see & mention the
visible & invisible worlds
in our own
words and
actions.
Sleep well!
Dream sweet?
And tell is all
about
"IT"
@