mydistrijdtoneel
]rood]
~!@!~
'myditekst
& myDiNederlands'
ER
IS DUS
ALTIJD WEL
een bepaalde spanning
tussen wat de tekst aanbiedt enerzijds
en wat 'normaal Nederlands' is
anderzijds?
Vertalers
hebben de taak om daarin
het juiste evenwicht te bewaren
en beide kanten
recht te doen!
Voor een deel
heeft de genoemde spanning
te maken
met de verschillen
die er nu eenmaal zijn
tussen de manier van zeggen
in het Hebreeuws
en die in het
Nederlands ...
Daarnaast
kan een letterlijke vertaling
soms onbedoelde en ongewenste effecten oproepen.
Aan de hand van enkele voorbeelden uit JONA
kunnen we zien hoe de nieuwe vertaling
met die spanning
omgaat.
Voor het eerste voorbeeld
gaan we naar het laatste vers [4:11].
Daar komt een heel simpel verschil tussen de beide talen
naar voren:
in het Hebreeuws staat er letterlijk 'die niet [het verschil] weet
tussen zijn rechterhand & zijn linkerhand'.
In het Hebreeuws is de gewone volgorde
rechts-links,
in het Nederlands is dat echter andersom.
Vandaar de vertaling:
'die het verschil tussen links & rechts
niet eens kennen' ...
Iets ingewikkelder
ligt het bij de boom uit hetzelfde hoofstukje.
De traditionele weergave van het Hebreeuwse qiqajon
is 'wonderboom';
in de Nieuwe Vertaling is echter gekozen
voor 'ricinusplant'.
Het bezwaar van 'wonderboom' is
dat de lezer van NU daarmee
ten onrechte in de sfeer van sprookjes
& tekenfilms
belandt?
Het 'wonder-'
heeft namelijk geen betrekking
op de ongewoon snelle groei van de plant,
maar op de [wonder-]olie die eruit gewonnen wordt.
Omdat anderzijds de benaming 'ricinusplant'
nogal wetenschappelijk aandoet,
is in de vertaling
zoveel mogelijk gevarieerd
met 'plant'.
Omgekeerd is er serieus nagedacht
over de vraag of 'zak en as' in 3:6 niet gewoon kon blijven staan.
De betekenis van de zakken in 3:5-6 hoeft niet te worden toegelicht;
de context maakt duidelijk dat het
om boetedoening gaat.
In het hedendaagse gebruik
van de Nederlandse uitdrukking 'in zak en as zitten'
is DAT espect echter verdwenen:
de betekenis is verschoven
naar 'in de put zitten'.
Daardoor zou
een letterlijke vertaling dus
de verkeerde indruk wekken.
Vandaar dat in de NV de koning van Nineveh zich,
nadat hij van de troon is opgestaan,
in een zak hult en op de grond
gaat zitten.
Het
vierde voorbeeld
komt uit Jona 2:6.
Als Jona in nood [letterlijk] spreekt over 'riet gebonden aan mijn hoofd'
kan die voorstelling bij de lezer van nu de lachlust opwekken.
Omdat de Hebreeuwse zegswijze daar [althans hier] niet op uit is,
maar juist dreiging wil uitdrukken,
is de zin vertaald met 'zeewier om mijn hoofd
verstikt mij' ...
De zin
'de HEER wierp een hevige storm op de zee'
in 1:4 is eigenlijk een beetje
merkwaardig.
Wij zouden zeggen:
'het begon hevig te stormen', of misschien:
'de HEER liet een hevige storm
opsteken' ...
HIER gaat het om iets
dat echt bij de manier van vertellen in Jona hoort:
net zoals de zee gepersonifieerd wordt,
zo wordt ook G ds optreden in 'menselijke' bewoordingen uitgedrukt.
Door zulke kenmerkende trekjes van de vertelwijze
over te brengen in de vertaling
laat de NV het verhaal zijn oorspronkelijke kleur
en dramatiek behouden?
Wanneer de vertalers er dus
naar streven om het eigenen van de tekst over te brengen,
dan mogen zij de problemen die in de tekst zitten
niet verdoezelen!
Zo kunnen we bij 4:5-6
een paar vragen gesteld worden die lastig te beantwoorden zijn.
Want waarom gaat Jona eigenlijk nog zitten afwachten
wat er met Nineveh gaat gebeuren,
NA wat er in de voorgaande verzen
is verteld?
Waarom
laat "G D" een schaduwrijke plant opschieten
als Jona net al een hut heeft gemaakt om zich tegen de zon
te beschermen?
We weten het niet,
maar ZO staat het er:
respect voor de tekst betekent de tekst eergeven zoals hij is,
in al zijn bijzonderheden!
En het staat een ieder van ons
dan ook volkomen vrij om aan elk aspect en deel van het geheel
een eigen interpretatie te geven zolang die maar enigszins
strookt met 'de bedoeling van
"HET" mydiverhaal'.
'sing a song'
Voor de
Nieuwe Vertaling
is een bijbelboek als geheel dus bepalend
voor de vertaling van elk
onderdeel!
Dat komt,
ten slotte, ook uit in de wijze
waarop de 'psalm van Jona'
is vertaald.
DEZE passage
wordt in andere vertalingen altijd
in de verleden tijd vertaald
["Ik riep in mijn nood tot de HEER /
en hij antwoordde mij ..."],
en dan opgevat als een
danklied.
Vaak
wordt daarbij verondersteld
dat de psalm een latere invoering is:
een danklied past eigenlijk niet goed
bij de situatie?
Wanneer we
de psalm echter
vanuit het geheel van Jona bezien,
DAN valt op hoeveel verbindingen er zijn met
de directe context.
Bovendien
heeft Jona's psalm
meer de trekken van een klaaglied
dan van een
lofpsalm!
Om DIE reden
is ervoor gekozen om deze psalm
ook zo te vertalen.
Daarbij is de mogelijkheid
om de werkwoorden in de tegenwoordige tijd te vertalen
benut:
"IK
ROEP
in mijn nood tot
de HEER
en hij antwoordt
MIJ.
~
UIT het
rijk van de dood
schreeuw ik
om HULP ~
U hoort mijn
STEM!"
OF
noem het gewoon
mydiwereldliteratuur:
proza/poezie van holenmens
tot & met astronaut:
we kunnen niet zo best tegen
eenzaamheid & alleen
ZIJN!

Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende