mydimoord


DAN
nu toch
nog maar even
terug naar 'die eerste
steniging' na 'die beruchtste &
beroemdste kruisiging' van zo'n veertig jaar
VOOR de definitieve vernietiging
van de Tempel!

DE hogepriester vroeg:
'Is dat waar?'

Stefanus antwoordde:
'Broeders en leden van het Sanhedrin,
luister naar wat ik jullie te zeggen heb
.

Toen Avraham, de vader van ons volk, nog in Mesopotamia woonde,
voordat hij zich in Charan vestigde,
verscheen G d in al zijn luister aan hem en zei:
"Trek weg uit jouw land, verlaat je familie,
en ga naar het land dat IK jou wijzen zal
!"

TOEN trok Avraham weg uit het land Chaldea en vestigde zich in Charan.
NA de dood van zijn vader bracht G d hem naar DIT land,
waar jullie nu wonen?

HIJ gaf hen hier zelfs niet het kleinste stukje grond in eigendom,
maar beloofde wel dat hij en zijn nakomelingen het eens in bezit zouden krijgen,
ook al had hij toen nog steeds geen zoon ...
G d zei tegen Avraham dat zijn nakomelingen vierhonderd jaar in een vreemd land zouden wonen,
waar ze in slavernij zouden leven en slecht behandeld zouden worden!
"MAAR," zo luidden G ds woorden, "het volk dat ze als slaaf zullen dienen, zal ik straffen,
en daarna zullen ze wegtrekken en mij vereren op de heilige plaats
!"

G d sloot met Avraham het verbond van de besnijdenis,
en daarom besneed Avraham zijn zoon Yitschak, acht dagen na diens geboorte,
en Yitschak deed hetzelfde met Ya'akov,
en Ya'akov met de twaalf stamvaders.

OMDAT die stamvaders jaloers waren op Yoseef,
verkochten ze hem als slaaf aan de Egyptenaren.
Maar G d beschermde hem en maakte een eind aan al zijn beproevingen
door hem in de gunst te laten komen bij de farao, de koning van Egypte,
die hem wegens zijn wijsheid belastte met het bestuur over Egypte en hem de leiding gaf
over zijn hele hofhouding.
ER brak echter een grote hongersnood uit in Egypte en Kana'an, die veel ellende veroorzaakte,
zodat one voorouders niets meer te eten hadden.
TOEN Ya'akov hoorde dat er graan was in Egypte, stuurde hij onze voorouders daar
voor de eerste keer heen. Tijdens hun tweede bezoek onthulde Yoseef aan zijn oudere broers wie hij was, waarna zijn afkomst ook aan de farao bekend werd. Yoseef liet zijn vader Ya'akov overkomen
met zijn hele familie van vijfenzeventig mensen. Ya'akov vertrok naar Egypte en stierf daar,
evenals onze voorouders; ze werden overgebracht naar Sichem en bijgezet in het graf dat Avraham
van de zonen van Chamor uit Sichem had gekocht ...

NAARMATE
de tijd naderde
dat G ds belofte aan Avraham in vervulling zou gaan,
nam het volk in Egypte in aantal toe en werd het steeds groter,
tot er een andere koning in Egypte aan de macht kwam, die Yoseef niet had gekend.
DEZE koning trof een sluwe maatregel om zich van onsvolk te ontdoen:
hij dwong onze voorouders om hun pasgboren kinderen te vondeling te leggen,
zodat die zouden sterven.
IN DIE TIJD
werd Mosheh geboren.
Hij was een uitzonderlijk mooi kind.
Drie maanden lang werd hij in het huis van zijn vader versorgd, maar toen hij te vondeling werd gelegd, ontfermde de dochter van farao zich over hem en liet hem opvoeden als haar eigen zoon.
MOSHEH werd onderwezen in alle kennis van de Egyptenaren en werd een machtig man in woord en daad!
Toen hij veertig jaar was, besloot hij zich te bekommeen om het lot van de Israelieten, zijn eigen volk?
OP EEN DAG zag hij dat EEN van hen werd mishandeld door een Egyptenaar,
waarop hij de man wie dit onrecht werd aangedaan te hulp schoot
en wraak nam door de Egyptenaar te doden ...
HIJ MEENDE
dat zijn volksgenoten zouden begrijpen dat G d hen door zijn toedoen wilde bevrijden,
maar ze begrepen het niet.
DE VOLGENDE DAG
kwam hij tussenbeide toen twee Israelieten aan het vechten waren,
en hij probeerde hen met elkaar te verzoenen door te zeggen:
"JULLIE
zijn toch broeders
?"

Maar de man die zijn volksgenoot mishandelde, duwde hem weg en zei:
"WIE heeft JOU als leider en rechter over ons aangesteld?
OF wil je MIJ ook doden, zoals gisteren
die Egyptenaar
?"

TOEN MOSHEH DAT HOORDE,
nam hij de vlucht en vestigde zich als vreemdeling in Midjan, waar hij twee zonen kreeg.
NADAT er veertig jaar waren verstreken, verscheen er in die woestijn bij de berg Sinai een engel aan hem in de vlammen van een brandende doornstruik.
VOL VERWONDERING
keek Mosheh naar dit schouwspel,
maar toen hij dichterbij kwam om het te onderzoeken, klonk de stem van de Heer:
"IK BEN de G D van jouw voorouders, de G d van Acraham, Yiutschak en Ya'akov!"
BEVEND VAN SCHRIK WENDDE MOSHEH ZIJN BLIK AF!
Maar de Heer zei tegen hem:
"Trek je sandalen uit, want de grond waarop je staat, is heilig.
Ik heb gezien hoe ellendig mijn volk er in Egypte aan toe is en ik heb hun jammerklachten gehoord,
zodat ik ben afgedaald om hen te bevrijden.
DAAROM stuur ik jou
naar Egypte
!"

HET WAS DEZE MOSHEH
die door zijn volksgenoten werd afgewezen met de woorden:
"WIE HEEFT JOU ALS LEIDER EN RECHTER AANGESTELD?"
Maar G d zond hem als leider en bevrijder naar hen toe, door tussenkomst van de engel
die in de doornstruik aan hem verschenen was.
Het was DEZE MOSHEH die het volk wegleidde uit Egypte onder het verrichten van tekenen en wonderen,
niet alleen maar in Egypte, maar ook bij de Rode Zee en in de woestijn,
veertig jaar lang ...

MOSHEH WAS HET
die tegen de Israelieten zei:
"G d zal in jullie midden een profeet zoals ik laten opstaan!"
HIJ WAS HET DIE,
toen het volk in de woestijn bijeen was,
als bemiddelaar optrad tussen onze voorouders en de engel die p de berg Sinai tegen hem sprak,
HIJ WAS HET DIE
de levenbrengende woorden ontving om ze aan ons door te geven!
MAAR ONZE VOOROUDERS WILDEN HEM NIET GEHOORZAMEN:
ze wezen hem af en verlangden terug naar Egypte,
dat Slavenhuis in Duisterland!

DAAROM
zeiden ze tegen Aharon:
"MAAK GODEN VOOR ONS DIE VOOR ONS UIT KUNNEN GAAN,
want wat er gebeurd is met Mosheh, die ons uit Egypte heeft geleid,
weten we niet
!"

TOEN MAAKTEN ZE EEN BEELD IN DE VORM VAN EEN STIERKALF,
brachten er offers aan en verheugden zich over hun eigen maaksel!
MAAR G D KEERDE ZICH VAN HEN AF EN LIET HEN DE STERREN EN HEMELGODEN AANBIDDEN,
zoals in het boek van de Profeten ook geschreven staat:
"Hebben jullie mij soms dierenoffers en brandaffers gebracht toen jullie veertig jaar door de woestijn trokken, volk van Israel? Nee, jullie hebben de tent van Moloch meegdragen en de ster van jullie god Refan, beelden die jullie zelf gemaakt hebben om te aanbidden.
DAAROM zal ik jullie wegvoeren, tot voorbij Babylon!"

ONZE VOOROUDERS
hadden in de woestijn de verbondstent bij zich,
gemaakt in opdracht van de engel die met Mosheh sprak, naar het ontwerp dat Mosheh had gezien.
Onze voorouders hadden deze tent bij zich toen ze onder leiding van Yoshua het land veroverden
van de volken die g d voor hen verdreef; dit duurde tot in de tijd van David.
David werd door g d begunstigd en vroeg om een heiligdom voor het volk van Ya'akov.
Maar het was Shlomo die voor g d een tempel bouwde.
TOCH woont de Allerhoogste NIT in een huis dat door mensehanden is gemaakt, zoals de profeet zegt:
"DE HEMEL is mijn troon, de aarde mijn voetenbank. Hoe zouden jullie dan ooit een huis voor mij kunnen bouwen ~ zegt de Heer ~, een plaats waar ik kan rusten?
Heb ik dit alles niet met eigen handen gemaakt
?"

HALSSTARRIGE ONGELOVIGEN,
jullie willen niet luisteren en verzetten jullie steeds weer tegen de heilige Geest, zoals jullie voorouders ook al deden. WIE van de profeten hebben jullie voorouders NIET vervolgd?
Degenen die de komst van de rechtvaardige aankondigden hebben ze gedood,
en ZELF hebben jullie NU de Rechtvaardige verraden en vermoord,
jullie die de wet ontvangen hebt door tussenkomst van engelen,
maar er NIET naar hebt geleefd!


TOEN ZE DIT HOORDEN,
ontstaken ze in woede en begonnen te knarsetanden.
Maar vervuld van de heilige Geest sloeg Stefanus zijn blik op naar de hemel en zag de luister van G d,
en Yehoshoea, die aan G ds rechterhand stond, en hij zei:
"Ik zie de hemel geopend en de Mensenzoon, die aan G ds rechterhand staat!"
Maar ze schreeuwden en tierden, hielden hun handen voor hun oren en stormden met z'n allen op hem af
en dreven hem de stad uit om hem te stenigen ...
De getuigen gaven hun mantel in bewaring bij een jongeman die Sha'oel heette.
Terwijl Stefanus gestenigd werd, riep hij uit: "Heer, reken hun deze zonde niet aan!"
En na deze woorden stierf hij.
Sha'oel
['onze' Shaul/Saulus
later aka Paulus]
keurde de moord
op hem
goed
...
30 jan 2007 - bewerkt op 30 jun 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 81 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende