*
'torah{b}orah'
OP
deze mydimanier
ontdekt je dus
niet alleen maar het
belang van de rabbijnse traditie
voor Joden van vandaag, maar je
gaat beseffen dat sommige tradities die in
TaLMoeD [eindredactie begin zesde eeuw] en MiDRaSJ zijn
vastgelegd veel oudere papieren hebben en tot onze verrassing,
verwondering en vreugde ontdekken we keer op keer allerlei overeenkomsten met de gesprekken
in het zogenaamde Nieuwe Testament? TaLMoeD bespreekt hetzelfde soort halachische vragen als 'onze'
Yehosjoea en zijn discipelen en volgelingen met HUN tijdgenoten!
De leef~ en denkwereld van de TaLMoeD vormen een waarlijk onuitputtelijke bron
voor het verstaan ven het NT ... Het is alsof er dan ook keer op keer een ander en nooit eerder gezien facet van die diamant wordt belicht: de flonkerende facetten zie je altijd op een onverwacht moment.
Iets vergelijkbaars kun je dus ook ontdekken bij andere tradities [waar ook ter wereld]
van hindoes en boeddhisten, joden en christenen, moslims en soefi's e.d.
In de religieuze geschiedenis van India bekleedt de bhaktiliteratuur een belangrijke plaats,
vooral ook vanaf de jaren 1200 n.Chr. Zonder dat soort 'zingeving' is menselijk leven op aarde als
een troosteloze woestenij zonder bron,
zin of doel!
Tijdens
een discussie
over de Jeruzalemse
Talmoed wees een rabbijn
op Lucas 9:43~60:
'Allen waren met stomheid geslagen
vanwege de grootheid van G d ['allahoeakbar: g d is groter!']!'
Terwijl iedereen nog onder de indruk was van zijn daden, zei Yesjoe tegen zijn leerlingen: "Onthoud wat ik tegen jullie zeg: de Mensenzoon zal aan de mensen uitgeleverd worden!"
Maar ze begrepen deze uitspraak niet;
de betekenis bleef voor hen verborgen,
en ze durfden hem niet naar
de zin van die uitspraak
te vragen.
Ze
begonnen onderling
te redetwisten over
wie van het de
belangrijkste was. Yesjoea merkte wat
hen bezighield en hij nam een
kind bij zich, dat hij naast zich
neerzette.
Hij zei tegen hen:
"Wie dit kind in mijn naam bij zich opneemt, neemt mij op; en wie mij opneemt,
neemt hem op die mij gezonden heeft. Want wie de kleinste onder jullie allen is,
die is werkelijk groot!"
Daarop zei Yochanan: "Rabbi, we hebben iemand gezien die in jouw naam demonen uitdreef en we hebben geprobeerd hem dat te beletten, omdat hij jou niet samen met ons volgt!"
Yehosjoea zei tot hem: "Verhinder het niet! Want wie niet tegen jullie is, is voor jullie!"
Toen de tijd naderde dat Yesjoe van de aarde zou worden weggenomen, ging hij vastberaden op weg naar Yeroesjalayiem.
Hij stuurde
boden voor hen uit.
In een Samaritaans dorp,
waar ze kwamen om zijn komst voor te bereiden,
wilden de dorpelingen hem niet ontvangen, omdat Yeroesjalayiem het doel van zijn reis was.
Toen de leerlingen Ya'akov en Yochanan merkten dat Yesjoea niet welkom was, vroegen ze aan hem:
"Heer, wil je dat wij vuur uit de hemel afroepen dat hen zal verteren?"
Maar hij draaide zich naar hen om en wees hen streng terecht.
Ze gingen verder naar een ander dorp.
Terwijl ze hun weg vervolgden, zei iemand tegen hem: "Ik zal jou volgen waarheen jij ook gaat!"
Yehosjoea zei tegen hem: "De vossen hebben holen en de vogels hebben nesten, maar de Mensenzoon kan zijn hoofd nergens te ruste leggen!"
Tegen een ander zei hij:
"Volg mij!"
Maar deze zei:
"Heer, sta me toe eerst nog even terug te gaan om mijn vader te begraven?"
Yesjoe zei tegen hem: "Laat de doden hun doden begraven, maar ga jij op weg omhet koninkrijk van G d te verkondigen!"
Weer een ander zei:
"Ik zal jou volgen, Heer, maar sta me toe dat ik eerst nog even
afscheid neem van mijn huisgenoten!"
Yesjoea
zei tegen hem:
"Wie de hand aan de ploeg slaat en achterom blijft kijken,
is niet geschikt voor het
koninkrijk van
G d!"'De
rabbijn verwees
voor het
Laat de doden hun doden begraven naar een passge uit Bavli Mo'ed Katan 27b:
in een bespreking van de regels voor begrafenissen
wordt gezegd dat
mata meta begraaft;
mata is 'plaats',
meta is 'dode'.
De
bewoners van
een plaats zijn verantwoordelijk
voor de begrafenis van
alle overledenen
in hun midden.
Rabbijn Friedman
veronderstelde dat Yehosjoea
op DIE regel had gewezen.
Per abuis [of expres?!]
had de vertaler van die tekst
voor
mata
meta gelezen ...
ZO
werd
laat het dorp zijn doden begraven
veranderd in
laat de doden hun doden begraven.
Een dergelijke vergissing [of 'propagandatruc'?] is heel goed denkbaar,
omdat het Aramese alfabet geen klinkers heeft en de verhoudingen
tussen religieuze groeperingen toen ook al
ontiegelijk verziekt
waren.
En
DEZE rabbijn
bleek niet de ENIGE rabbijn
die heel goed op de hoogte
was van tekstdetails
in het
NT.
Het
is en
blijft heel opmerkelijk
dat ook Joden van vandaag de mydidag 't
nieuwe testament beter kunnen begrijpen dan
heel wat heidenen van
waar ook ter
wereld!
Een
geschiedenis van
enkele duizenden jaren culturele
en taalkundige ontwikkelingen geeft heel wat
meer geschiedkundig en sociaal inzicht
dan primitieve heidense bijgelovigheid
& roomsprotestanse poppenkast
of sektarische
waanzin!