Liefde of Mammon > Love or Idolatry
Yeshu
hield van feesten.
De eerste context waarin de evangelist Yochanan hem plaatst,
is die van een bruiloftsfeest te Kana in Galilea.
Het eerste wonder dat hij daar ook doet,
is niets minder dan zo'n slordige zes- a zevenhonderd liter water
in wijn veranderen ...
~@~
[bllauw]
Op dat punt
steekt hij al fel af
ten opzichte van zijn voorganger Yochanan de Doper.
De mensen zagen ook het verschil
en bespraken het onderling.
Yochanan de Asceet 'die niet eet en niet drinkt',
houden ze voor een bezetene.
En Yeshu?
Hij eet wel en drinkt inderdaad!
Hem beschouwen ze als de feestneus, 'een gulzigaard en slemper,
vriend van tollenaars en zondaars'
volgens Luc 7:34 ...
~@~
In Yeshu's
dichterlijke verbeelding klinkt het feest overal door.
Zijn parabels schitteren van opgewekte en echt feestelijke taferelen,
nu eens als uitgangspunt {'n koning hield een feest voor het huwelijk van zijn zoon},
dan weer als eindperspectief:
"MOET er dan geen feest zijn", nu dit of dat gebeurd is?
Hoe zou de herder of de huisvrouw GEEN feest organiseren met vrienden en buren, want het verlorene is teruggevonden!
Ergens klinkt een innerlijk gedreven roep om het feest bij Yeshu:
'het feest MOET' ...
~@~
Zijn hele optreden
wil feestelijk zijn en als men ~ verbaasd ~
hem vraagt waarom zijn leerlingen niet meevasten,
terwijl de leerlingen van Yochanan en die van de Farizeeen nu toch wel
een vastendag houden,
dan springt het als vanzelf uit zijn mond:
"Het is bruiloftsfeest!
Kunnen de vrienden van de bruidegom vasten als de bruidegom bij hen is!
Als de bruidegom bij hen is,
kunnen ze toch niet
vasten?"
~@~
In het licht van
zijn zeer nabije dood
die men hem in geweld zal aandoen,
kondigt hij voor zichzelf een vasten aan:
"IK
zal niet meer
van de vrucht van de wijngaard
drinken
..."
Vasten is altijd een
vorm van sterven. Maar
daar houdt Yeshu
het niet
bij.
Hij
voegt er
terstond aan toe:
" ... totdat ik die nieuw
drink in het koninkrijk
G*Ds!"
in Mark 14:25
...
Het perspectief
op het feest blijft bewaard,
tot in de dood!
ZO DIEP is Yeshu aan het feest
verknocht.
~@~
Tot in zijn concrete gedrag
is Yeshu uitnodigend vierend!
Zijn tafel is open:
tollenaars liggen er met zijn leerlingen aan,
tot ergernis van de vromen, met name de Farizeeen.
Maar Yeshu stelt zulke tafelgebaren zeer bewust ...
" IK BEN GEKOMEN ," zegt hij met het sterke zendingsbewustzijn dat hierin doorklinkt, " ik ben gekomen als arts voor zieken.
Ik roep zondaars! Gezonden hebben geen arts nodig: wie zich rechtvaardig waant, heeft mij ook
niet nodig ..."
~@~
Zijn
zending namens G*D
houdt in dat hij marginalen,
mensen die om zovele redenen volgens de religieuze gezagsdragers niet in tel zijn, dat 'verfoeilijke volk dat de Wet niet kent', zoals het eenmaal in de evangelies klinkt {zie Yoch 7:49!},
dat hij juist hen onthaalt en gratuit ~ zonder enige voorwaarden ~ met G*D verzoent ...
Zijn open tafelgemeenschap was provocatief.
Door die praktijk laat hij overduidelijk zien wie hij is en wil zijn,
namens G*D.
De uitgestotenen worden tot uitverkorenen.
Want ZO wil
G*D het ...
~@~
Om dit te verduidelijken
grijpt hij naar allerlei beeldspraak
waarin hij zich verplaatst in de wereld van de toehoorders en hen ertoe verplicht zich omgekeerd tot in G*Ds aanvoelen te verplaatsen:
" WIE ONDER U als zijn os, zijn ezel, een van zijn schapen dit of dat overkomt, zal niet terstond ... Hoeveel temeer dan zal G*D ~ uw Vader ~
zo handelen!"
Impliciet vertrouwt Yeshu erop dat de mens vanuit zijn diepste reflexen kan aanvoelen hoe G*D werkt en wil
dat er gehandeld wordt.
~@~
Er zijn maar
twee manieren van eten:
to feast or to fast {feesten of
vasten}! Uit het leven van Yeshu blijkt zowel het ene als het andere?
Ware armen kennen ook
niets anders ...
~@~
Richtte zijn prediking
zich aanvankelijk tot iedereen,
gaandeweg moet hij vaststellen dat alleen de kleinen, de marginalen,
de ongeletterden en zij die zich aan de vele voorschriften slechts met grote
moeite konden houden, aansluiting zoeken?
Dit zal hemzelf verwonderen,
totdat hij tot het inzicht komt:
ZO zijn nu eenmaal
G*Ds wegen ...!
~@~
HIER
ligt de kern van de verschuiving die Yeshu in het religieuze denken teweegbrengt,
in contrast met de meeste van zijn religieuze tijdgenoten.
Een vonk van dit inzicht proeven we nog in zijn geimproviseerde dankgebed, een ware jubelkreet, midden in het leven:
"Ik prijs u, Vader, heer van hemel en aarde, omdat u deze dingen verborgen gehouden hebt voor zogenaamde wijzen en verstandigen, maar
ze hebt geopenbaard aan kleinen. Ja, Vader, ZO is het Welbehagen bij u"
in Mattai 11:25-26 ...
~@~
Hij ziet G*Ds welbehagen
rusten op die kleinen en armen
als een geheimzinnige voorkeursliefde ...
Hij leest dit af van wat zich onder zijn ogen voltrekt ...
In de zogenaamde zaligsprekingen herneemt hij die herlezing van zijn zending en verklaart openlijk en krachtig namens G*D:
"Zalig {rijk gezegend!} zijn jullie! Aan u {jullie/ons} behoort het koninkrijk G*Ds! JULLIE, de armen, de hongerigen, de misprezenen, de afgeschrevenen!
G*D neemt het voor
u op en
verschaft u
recht!"






















O;-)
Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende