Levensverhaal in een notendop
18+ verhaal
Triggers: depressie, automutilatie, suicide.
Het maakt het er niet moeilijker op.
Ik ben altijd een screwed-up kid geweest. Zie ik mezelf soms nog als een kid op mijn 26e? Ja, misschien wel. Het heeft nooit geholpen dat ik nooit met mijn ouders heb kunnen praten. Niet over serieuze dingen, moeilijke dingen, heftige dingen. Ze zijn allebei emotionally unavailable. Misschien omdat ze het zelf te moeilijk vinden, dat weet ik niet.
Van mijn 14e to 16e levensjaar begon het eigenlijk. Ik had het moeilijk met mezelf en snapte niet waarom. Ik kon er niet over praten. Ik kon er alleen over schrijven. Ik voelde heel erg veel en ik trok alles mezelf aan. Ik vond een klein stukje betekenis en herkenning in muziek. Ik hield alles binnen, want dat hoort toch zo?
Op mijn 16e ging het mis. Ik kon alles niet meer binnenhouden, maar ik kon het ook niet naar buiten laten. Ik begon te automutileren, raakte in een diepe depressie en deed meerdere zelfmoordpogingen. Iedereen maakte zich zorgen. Waarom dan? Waarom doet ze dit? Wat is er gebeurd? De oplossing was simpel. We slepen haar naar een therapeut, zetten haar af, halen haar weer op en praten er niet over. Vooral die zelfmoordpogingen niet. Ik voelde me niet gesteund. Ik voelde me raar, anders. Al mijn vriendinnetjes van 16 waren anders en ik wilde ook zo zijn. Zorgeloos, avondjes uit, gezelligheid, liefde. Maar zo werkte het voor mij nou eenmaal niet. Nu tien jaar later kijk ik terug en voel ik me zo verdrietig. Was ik maar doorgegaan met die therapie. Hadden ze me maar gesteund, met me gepraat. Me het gevoel gegeven dat ik wel normaal was.
Ergens tussen mijn 16e en 17e levensjaar begonnen de stemmen in mijn hoofd. Ik begreep het niet. Ik was boos, verdrietig en vermoeid. Ik kon er niet mee omgaan en bleef automutileren. Stiekem wiet roken hielp. Dat maakte het iets rustiger.
Op mijn 17e ging ik het huis uit. En het blijkt misschien niet uit mijn schrijven, maar ze waren streng. Ik mocht niks, werd strak gehouden thuis. Dus toen ging ik uit huis en ging er een wereld voor me open. Ik verhuisde ook meteen honderden kilometers naar het noorden. Feesten, alcohol, drugs, mannen. Die studie werd niks en ik leefde een aantal maanden als een junkie zombie. Natuurlijk zie je dat als je dochter in het weekend compleet uitgeput en uitgemergeld thuis komt. Nooit vroegen ze me hoe het ging.
Ik verhuisde terug naar huis, want ik moest stoppen met de studie. Logisch. Ik zou me er ook af hebben getrapt. Ik denk dat de stemmen nu nog erger werden. Ik vertelde ze dat ik stemmen hoor. Constant. En dat ik er gek van werd. De respons had ik kunnen verwachten. We slepen haar weer naar therapie. Zetten haar af, halen haar op en spreken er niet over. Dus ik stopte weer met therapie.
Op mijn 19e begon ik eindelijk aan de studie die ik heb afgemaakt. Hier ging het goed. Ik had mijn eigen huisje. Ik had mijn ritme, de studie, mijn weekendbaan en vrienden waar ik zoveel aan te danken heb. Natuurlijk waren er moeilijke tijden, maar er was altijd iemand. Als ik me slecht voelde stapte ik in de bus en ging ik naar iemand toe. Dat ging goed.
Op mijn 22e ging ik samenwonen. Dat ging heel goed. Tot het -viel te verwachten- weer mis ging. Ik kreeg rare aanvallen. Een enorme epilepsy-schrik. Maar dat was het niet. Mijn hoofd was zo ontzettend druk met narigheid verdringen en de stemmen onderdrukken dat het vastliep. Letterlijk. Het sloot zich helemaal af en dit resulteerde in Psychogenic Non-Epileptic Seizures. Na mijn opname in de epilepsie kliniek in Zwolle kreeg ik deze nieuwe stempel. Ik was vastberaden om deze therapie af te blijven maken. En ik volg nu al bijna een jaar die therapie. Maar hebben ze me ooit gevraagd hoe het gaat? Nee. "Heb je nog wel eens zo'n..... je weet wel?" En dan zeg ik "Nee" En dan gaan ze weer verder met hun eigen ding.
Het ging iets beter. De aanvallen namen af en de emoties kwamen weer naar boven. Ze gingen verhuizen naar het buitenland voor werk. Nog meer afstand tussen ons. Er gaan weken overheen dat ik vrijwel niks hoor. Ik stuur dagelijk foto's van mezelf, de hond, de zeemeeuwen op mijn werk, mijn nieuwe rolschaatsen, het nieuwe schilderij in mijn slaapkamer. En dan typen ze 'oh leuk' en that's it. Ach, so be it.
Tot de zwaarste depressie tot nu toe kwam opzetten. Ik voel me ontzettend alleen, eenzaam en duister. Alles werd steeds duisterder en duisterder. Ik wilde niks zeggen, want dan zou ik tegengehouden worden. Maar ik was er helemaal klaar voor. Donderdag 3 augustus zou ik mezelf ophangen, want ik heb er genoeg van. Needless to say, ik ben er nog. Mijn vriend werd die dag ineens ziek en bleef thuis. There went that chance. Mijn patroon werd doorbroken en ik moest even verder. Dinsdag 8 augustus overleed mijn maatje. Mijn nichtje. Onverwachts voor mij. De suicide gedachten maakten plaats voor verdriet. Alsof er geen plek is om suicide gedachten te hebben en te rouwen. Althans, voor mij is er geen plek voor beide. Dus nu voel ik verdriet. Maar geen enkel berichtje van mijn ouders. Ik schreef naar ze dat ze was overleden. Ik kreeg een huilende emoji terug. Verder niks. Geen sterkte, geen telefoontje, geen hoe-gaat-het, niks. Stilte.
Vandaag alles tegen mijn PNES-therapeut verteld. En dan gaat het balletje rollen. Naar de psychiater, crisisplan opstellen. En nu doorzetten. Misschien helpt het. Heb ik het niet verdiend om een keer te geloven dat het beter gaat worden? Dat ik misschien de medicijnen moet blijven nemen. Doorzetten. De wonden kunnen helen, mijn stemmen kunnen weer onder controle komen.
Met mijn ouders zal ik nooit kunnen praten. Maar in mijn wanhopige tijden maakt het voor mij makkelijker om het voor mij goed te praten. They wont mind. They'll get over it. Soms denk ik dat ze geen emoties hebben. Maar dat hebben ze wel. Ze zijn zelf ook gewoon screwed up. Ik moet het ze niet kwalijk nemen, maar dat doe ik soms wel. Dan ben ik boos. Een eenzaam. Zoals nu.
Shadow01, vrouw, 35 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende