gukuII333Wèlke?Wie?Wàt?Wáár?Wanneer?Hoezo?Waarom??

AL DIE 'GOEDE BEDOELINGEN' VAN YOCHÈVÈTS GOD KONDEN ME EERLIJKGEZEGD GESTOLEN WORDEN, MAAR DÀT ALLES ZEI IK NU NOG NIET ZOMAAR HARDOP NATUURLIJK: ìk wìlde háár het sprankje HÓPE dàt zíj nog ìn zich had níet òntnémen, ik híeld van haar, ze was míjn steun èn toeverlaat! Mouses blééf járen en járen wèg! Yochèvèt en ik verdòrden als bómen op dróge grònd! Míjn vader stierf en werd bij gebrek aan kroon-prins opgevolgd door een Nééf van mij, een onnozele jongen die van níets wìst, maar voor wie ìk MÓEST búigen omdat hij 'n god was?! Tot mijn grote verrassing zàg de Níeuwe farao tegen me òp, ik wéét níet wááròm, hij vróeg me toentijds menigmaal om ráád & naarmate de tijd verstreek nàm mijn Gezàg zèlfs tóe!?

Toen mijn móeder stierf werd ìk de machtigste vrouw ter wereld, want onder de vrouwen van die farao wàs er géén één met verstànd! Zó vònd míjn verdòrde hàrt tòch óók nog een Réden van bestáán, ook al was het leven zonder mijn zoon 'n surrogaat van het èchte leven!


Mouses vlùchtte die woestijn ìn tóen hij dertig was: tien lange jaren blééf hij wèg! In de Verhálen die mensen vertellen wordt de leeftijd van de hèld altijd overdreven omdat ouderdom hen meer gezag verleent, maar, gelóóf me, Mouses wàs nog jòng tóen Híj de wóestijn introk. Tóen, ná die tíen verschrikkelijke jaren, verschenen er op een dag twee baardige mannen aan het Hòf, gehùld in woestijnkleding die beweerde dé léiders v/d Hebreeën te zijn: zíj vroegen om audiëntie bij de farao! 't Wàs 'n òngewóón verzóek & 't was al even on-gewoon dàt het DÓÓRGEGEVEN werd, want voor een audiëntie TÓEGESTAAN wèrd MÓEST dóórgaans de héle paleishiërarchie worden doorlópen? Ìk was erbij tóen dìt verzóek aan déze farao werd overgebracht èn we móesten er àllebei hàrtelijk om làchen! De mànnen werden omschreven als úiterst ònbeschááfd, getóóid met een zeer wilde haardòs & 'n indrukwekkend wàrrige báárd, stìnkend naar hun kamelen èn zwéét! Maar anderzijds werd ons verteld dàt ze uitstekend AEGYPTISCH spraken en dàt wekte mijn nieuwsgierigheid op en ik zei: 'Laat ze toch binnen, mijn god, dan kunnen we ons met hen vermaken?!' De goddelijke farao was 'n nogal lichtzinnige losbol die wel van 'n prètje & 'n verzètje hield & dáár maakte ìk gebruik van! Ik GÉÉF het tóe: níet àl míjn karaktertrekken zíjn éven aangenaam.

25 jan 2015 - bewerkt op 26 jan 2015 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende