WvdP: met welke kwestie heeft u 't meest geworsteld? RC: "Met kunstsubsidies: vanuit 't autonomie~ideaal zijn kunstsubsidies moeilijk te rechtvaardigen. Dè vraag is nl.: kun je autonoom zijn zonder kunst te consumeren? Ik ben geneigd om hier met 'ja' op te antwoorden. Ik zie cultuur primair als uitoefening van autonomie, níet als voorwaarde ervoor! Voor velen hoort kunst bij hun invulling v/h goede leven, & dat is prima, maar moet (ook) 'de staat' aan hun goede leven bijdragen? Dat is 'n volstrekt legitieme & serieuze vraag: ik erger me aan mensen die tegenstanders van kunstsubsidies afschilderen als kunsthaters. Je kunt 'n kunstminnend persoon zijn & tòch vinden dat 't níet a/d overheid is om die kunst te financieren."
Helder! U bent dus tégen kunstsubsidies? "Tòch niet. Niet per se. De staat mag ook dingen doen die bóven 't autonomie~ideaal uitgaan, als 'n democratische meerderheid v/d samenleving dat wil!?" De minderheid moet dat dus maar slikken, óók als dat overheidsingrijpen tégen 't autonomie~ideaal indruist? Is dàt liberaal? "Ja, inderdaad! Maar de bijdrage die je als overheid aan die kunstsector levert, moet níet tè gek worden: 't moet altijd 'n extraatje blijven. Ècht, dan ben je tòch nog heel ver verwijderd v/h opleggen van 'n welzijnsideaal! Want 'n Geluksmachine, dáár geloof ik níet in!" Aldus RC in Het huis van de vrijheid.
'n Politieke filosofie voor vandaag. Ambo/Anthos, A'dam. ISBN 9789026324093; 304 blz. €22,50 ... Rutger Claassen (197

, universitair docent politieke filosofie aan 't Instituut Politieke Wetenschappen a/d Universiteit van Leyden, stemt links maar noemt zichzelf liberaal.
Hij laat zich niet zo makkelijk in één hokje vangen: hij ziet zichzelf als iemand die twee sporen tegelijk bewandelt ~ 't spoor v/d politieke filosofie & dat v/d specialistische, academische filosofie. BÉIDE wil hij éven serieus nemen. In 2004 kwam z'n eerste voor 'n breed publiek geschreven publiek boek uit, 'Het eeuwig tekort', waarin hij 't begrip schaarste onderzoekt: 't boek werd lovend ontvangen. De universi-teit maakt 't volgens hem niet makkelijk om zulke boeken náást z'n academische arbeid te schrijven: "Er is 'n richtingenstrijd gaande, tussen mensen die verdere professionalisering voorstaan, EN mensen die zich toeleggen op de bijdrage van filosofie aan de samenleving.
Die laatste groep heeft 't nu steeds zwaarder?! "Universiteiten zeggen wel dat ze 'maatschappelijk relevant' willen zijn, maar als je kijkt naar wat er ècht meetelt, dan zie je toch vaak 'n (heel) ander verhaal!? Er wordt steeds meer waarde gehecht aan publicaties in engels-talige,
peer-reviewed vaktijdschriften: "Dàt is voor 'n deel wel terecht, maar 't zou zonde zijn als daardoor de maatschappelijke rol v/d filosofie in 't gedrang komt. De kunst is 't nu juist om i/d wetenschappelijke arena méé te spelen & de daar verworven inzichten dan ook naar 'n (zo) breed (mogelijk) publiek te vertalen!" Van zìjn generatie is Claassen, naar eigen zeggen, één v/d weinigen die zowèl academischer als populaire filosofie probeert te bedrijven: "Ik zie wel jonge publieksfilosofen

, zoals Rob Wijnberg of Coen Simon, maar die zijn dan weer niet academisch actief. Verder zie ik leeftijdsgenoten die helemaal opgeslokt worden door de academie & die geen zin meer overhouden om hùn ideeën te vertalen naar 'n breder publiek. En dat vind ik jammer: 't zijn helaas steeds meer twee 'totaal gescheiden' werelden." Ik mag dit soort figuren graag: alles heeft minstens twee (of méér) kanten voorzover ik weet. Dat doet deugd ...