eischen. Dit hebben zy d' aaloude Leermeesters
gezien.
Hosjea.
te zijn.
WIE
ROEPT DAN
MET DE REGTGELOVIGEN
NIET VOLVROLIJK UIT:
DE STEEN,
DIEN DE BOUWLIEDEN HADDEN VERWORPEN,
IS GEWORDEN DE UITERSTE STEEN DES HOEKS,
DIT IS VAN DEN HEERE GESCHIED,
EN 'T IS WONDERLIJK IN ONZE OOGEN?
Die JC
die hoofd- en hoeksteen
zijner gemeente moet zijn,
en van de Jooden verworpen,
maar van "G d" uitverkoren, en dierbaar geacht was,
die JC is uit het graf verrezen, en met eer en heerlijkheid gekroond,
want hy moest aan 's Vaders rechterhand zitten, en als KONING heerschen,
uiterlijk, maar inwendig; niet aardsch, maar hemelsch:
ziet men dit niet uit zijnen hemelbode,
die met zo schitterende gelaat en gewaad verschijnt,
om de vyanden van 't heilrijk te verbazen,
en de grootmagtigheid
van den verrezen
Koning te
vertonen.
WIE
ERGERT ZICH
DAN AAN 'T KRUISLIJDEN
VAN JC DIE ZO HOOGLIJK
EN HEERLIJK IS
VEREERD?
Was YOSEEF verachtlijk,
om dat hy uit eenen kerker verlost,
en naast FARAO verhoogt wierd;
of was die vernederstaat tot
grootere heerlijkheid?
Is YEHOSJOEA verwerplijk,
om dat hy een wijl tijd minder was,
dan de Engelen, ofgenaamde Goden?
Is die vernietinge niet dies te merkwaardiger,
als hy daar door grooter naam verkregen,
en God betaamlijker verlossing
aangebragt heeft?
MOEST
DE MASJIACH
NIET ALLE DINGEN LIJDEN,
EN DUS IN ZIJN HEERLIJKHEID INGAAN?
MOEST GODS GERECHTIGHEID NIET VOLDAAN WORDEN,
EER DE BORG ONTHEVEN, EN DE VERZOENING AANGEBRAGT KONDE WERDEN?
MOEST ZIJNE ZEGEPRAAL NIET TE HEERLIJKER ZIJN,
ALS HY DIEPER VERNEDERT,
EN VOOR ZIJN VOLK
GESTORVEN ZOUDE
ZIJN?
Met
andere woorden:
1001 'redenen' worden
aangehaald om maar met
'alle geweld' te bewijzen dat
hij inderdaad 'de tweede Adam',
Mensenzoon, 'Zoon G ds', gezalfde
[masjiach/christus/verlosser/bevrijder]
'zaligmaker' was [en 'is'] ALS HET GROTE VOORBEELD
voor alle mensen
van alle plaatsen
en tijden ter
'navolging'
...
