De zin van mijn leven: heen en weer & op en neer


Uit het
volgende myDi-voorbeeld
kan misschien ook wat duidelijker worden
hoezeer de verklaring van een tekst afhangt van de visie
en de benadering van degene
die de tekst
uitlegt?

@

We kijken
daarvoor naar de geschiedenis
van de intocht van het volk Israel in het land Kana'an.
In het boek Yehosjoea wordt hierover uitvoerig geschreven:
de overtocht over de rivier de Yardeen, de val van Yericho en daarna
de verovering van vele andere steden en gebieden.
De tweede helft van het boek is vooral gewijd aan de verdeling
van het land onder de twaalf
stammen.

@

Vanuit
de traditionele visie op de bijbel
gaat men ervan uit dat alles zo gebeurd is als staat beschreven:
de muren van Yericho stortten in door de macht van G*D,
Yehosjoea behaalde een overwinning doordat een dag wonderbaarlijk
verlengd werd en de bijbelse gegevens zullen kloppen met de
archeologische bevinden.
Zij illustreren dat G*D de wereldgeschiedenis bestuurt en dat HIJ,
juist op het moment dat HIJ zijn volk het beloofde land
in bezit wil laten nemen, een wereldmacht als Egypte dusdanig
verzwakt had, dat deze niet kon ingrijpen.
Een tikkeltje kinderlijk magisch-realistisch
zo'n visie?

@

Kritisch
lezende bijbelonderzoekers
kunnen bij de tekst wel enkele vragen stellen.
Zo valt het hun bijvoorbeeld op, dat het verhaal over
de intocht in het boek
Yehosjoea verschilt van dat in Richteren.
In Yehosjoea 1-12 is de verovering van het land
het resultaat van de inspanning van alle stammen samen,
terwijl in Richteren de stammen veel meer
onafhankelijk van elkaar opereren.
Ook blijkt uit archeologisch onderzoek
dat op sommige plaatsen die in Yehosjoea worden genoemd,
geen sporen van verovering uit de periode
van de intocht te vinden zijn.
Men vraagt zich af hoe men deze teksten
nu moet lezen?
Zijn ze misschien
het resultaat van een langere ontwikkeling,
waarbij teksten uit verschillende bronnen zijn verzameld
en samengevoegd tot EEN
groot geschiedenisverhaal dat begint bij Deuteronomium
en eindigt bij
2 Koningen?

@




Welke
gegevens
biedt het boek Yehosjoea over de intocht?
Het eerste deel van het boek bevat verhalen over de verovering
van steden die voornamelijk in het gebied van Ben Yamin lagen.
Dit leidde tot de opvatting dat dit gedeelte ven het boek is samengesteld met behulp van tradities die bewaard zijn gebleven op een centrale plaats
in Ben Yamin, wellicht in het heiligdom van Gilgal!
Voor de oorsprong van die verhalen verwijst men dan vaak naar "J" {jahwist}, die immers uit het zuiden
afkomstig
zou zijn.

Alleen
de verhalen
over Chatsor {YOSH 11) en Sjechem {YOSH 24}
zouden aan "E" {elohist} kunnen worden toegeschreven omdat deze auteur in het noorden wordt
gesitueerd.

Het tweede deel
van het boek Yehosjoea,
vanaf hoofdstuk 14, geeft een overzicht van de verdeling van het land
onder de stammen.
Hierin zijn twee lijnen te onderscheiden.
Het vaststellen van de grenzen tussen de stammen kan berusten
op materiaal dat is overgeleverd uit de tijd tussen de verovering van het land en het begin van de monarchie,
dus van cica 1200 tot
1000 B.C.

Bij de indeling
van de provincies van Yehoedah {YOSH 15}
wordt meer aan de tijd van koning Josia gedacht {622 B.C.}.
Wat de vrijsteden uit YOSH 20 betreft,
die zouden thuis kunnen horen in de tijd van Sjlomo {950 B.C.};
over de datering van de levietensteden zijn er verschillende meningen,
die lopen van David {rond 1000 B.C.}
tot aan Josia.

Al dit materiaal zou dan later bijeen zijn vergaard
in het ene boek Yehosjoea.

Zo leidde het onderzoek van de tekst
tot tamelijk uiteenlopende mogelijkheden.
Historische gegevens uit de tijd van de intocht zijn immers schaars
en voor verschillende uitleg vatbaar.
Misschien zijn er groepen nomaden uit het zuiden het land Kana'an
binnengetrokken en hebben zij zich aaneengesloten bij stamverwante groepen rondom een cetraal heiligdom.
Archeologisch gezien wordt de intocht van de Israelieten in het land Kana'an geplaatst in de overgangsperiode van de Late Bronstijd naar de
Vroege IJzertijd {rond 1200 B.C.}.
In diezelfde tijd proberen ook de zogenaamde Zeevolken,
waartoe de Filistijnen behoren,
een vaste plaats in het land te veroveren.
De oude kana'anitische cultuur maakt plaats voor een nieuwe cultuur met andere kenmerken, zoals bijvoorbeeld uit het aardewerk valt op te maken.
Uit opgravingen is in elk geval duidelijk geworden,
dat die overgang geleidelijk heeft plaatsgevonden en niet
door middel van een aantal bliksemveldtochten.
Op sommige plaatsen handhaven de Kana'anieten zich nog lange tijd.
In steden als Yericho, Yeroesjalajiem en Ai is uit de 12e eeuw bijna niets
teruggevonden; de vondsten in plaatsen als Bet El, Chatsor en Lachisj
zijn minder in tegenspraak met de tekst van de bijbel.
Wel ontstaan er in die tijd onder andere in Galilea
tientallen nederzettingen met de kenmerken van de nieuwe
IJzertijd-cultuur ...

@

Tot slot voor nu:
je kunt de teksten ook lezen in hun literaire samenhang.
DAN is niet de eerste vraag: HOE hebben de gebeurtenissen zich
afgespeeld?, MAAR:
WAAROM worden ze juist op deze plaats en op deze manier verteld?
Bij een nauwkeurige lezing van de tekst van Yehosjoea vallen dan
enkele zaken op:
Yehosjoea is in de Hebreeuwse bijbel het eerste boek van de eerdere
of vroege profeten.
Deze 'geschiedschrijving' hoort dus thuis in het geheel van de profetie
en is te lezen als 'verkondigende' literatuur.
De vroege profeten beginnen bij de intocht en eindigen,
aan het slot van 2 Koningen, met het begin van de ballingschap.
DAARTUSSEN staat het verhaal over het volk Israel in het land Kana'an.
Vlak na de doortocht door de rivier de Yardeen wordt in Gilgal
het Israelitische Paasfeest gevierd en kort voordat
de ballingschap begint wordt dit feest WEER zo gevierd,
als 'er niet gevierd was van de dagen der Richters af' {2 KON 23-22}.
Het land in, het land uit, DAT is het verhaal dat verteld wordt
door de vroege profeten.
Al lagen de muren van Yericho en van Ai reeds lang in puin
VOOR de tijd van de intocht,
toch wordt er in de verhalen over verteld om duidelijk te maken
dat G*D het land aan zijn volk geeft zoals Yericho;
en dat het volk het land in bezit mag nemen zoals Ai.
De resultaten van historisch-archeologisch onderzoek hoeven niet
noodzakelijkerwijs te 'kloppen' met het vertelde theologische verhaal.
NAAST elkaar kunnen ze gehoord en verteld worden.
Ze geven elk hun eigen informatie:
het ene verhaal geeft aan hoe het land er in een bepaalde tijd uit heeft gezien, hoe de mensen er leefden;
het andere verhaal wil de lezers duidelijk maken
dat G*D zijn belofte aan het volk Israel
vervult.

@

Op dezelfde
verschillende wijzen
kunnen we ook ons eigen leven 'laten zien' aan onszelf en anderen?
Of 'de vaderlandse geschiedenis' in 'de moedertaal', 'n 'dialect',
in 'dichtvorm', 'lofdicht' of
'schotschrift' ...

Mensen
kunnen het stellen zonder luxe,
met weinig eten en drinken,
belegerd, in slavernij, op de vlucht of in ballingschap,
ziekte, pijn, verdriet, gevangenschap en noem maar op,
maar waar we NIET buiten kunnen
is zingeving aan en
betekenis van ons leven
op aarde:

we doen er ALLES aan
om de zin van ons bestaan te
ontdekken en te
doorgronden
...

liefdesverdrietgemeenverwardgaap!bah!nahnahverdrietigcool!erg vrolijkknipoogvrolijkverliefdvrolijkknipoogerg vrolijkcool!verdrietignahnahbah!gaap!verwardgemeenliefdesverdriet
De zin van leven:
"Op en neer
heen en weer"
Re: 23-4-'04}
engel
28 jul 2004 - bewerkt op 21 jan 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 81 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende