con toda palabra {lhasa}
Nog
'n andere
zeer interessante tekst
is te vinden in het boek Deuteronomium {32:8-9},
waaruit we ook al eerder & vaker enkele zeer monotheistisch klinkende uitspraken citeerden.
In 't 'lied van Mosjeh' staat, volgens de gangbare Hebreeuwse tekst:
Toen de Allerhoogste bezit toewees aan de volken en hij de mensen ieder hun d{o}el gaf,
heeft hij de grenzen van de volken bepaald naar het getal van de zonen van Israel;
want het deel van de HEER was zijn volk, Ya'akov het land
dat hem ten deel viel!
In de oudere
Hebreeuwse tekst van de Dode Zeerollen
staat echter niet 'naar het getal van G ds zonen'.
In de Griekse handschriften van de Septuaginta staat hetzij 'naar 't getal van G ds engelen', hetzij 'naar het getal
van G ds zonen'.
Vrij algemeen
wordt hieruit geconcluderd dat in DEUT 32:8
oorspronkelijk heeft gestaan dat de Allerhoogste de grenzen van de volken heeft bepaald naar gelang van het aantal van G ds zonen, ofwel zijn engelen
{afgezanten/boodschappers/dienaars/knechten/herders e.d.}!
Hieruit volgt dat aan ieder volk een engel
is toegewezen.
Deze voorstelling
wordt bevestigd door het latere boek Dani'el, waar sprake is van de z.g. 'vorsten'
ofwel {'rechters'} engelen die staan over Persia & Hellas, & van Micha'el, de 'vorst' over Israel!
[Zie ook o.a. DAN 8:11; 10:13; 10:20-21; 12:1 ~ in tal van andere joodse teksten komt Micha'el voor
als Israels "beschermengel & als 'n
overste v/d engelen"]!
Verwant hiermee
is Yehosjoea 5:13-15, waar wordt verteld dat Yosjoea bij Yericho
de vorst v/d legermacht v/d HEER ontmoette & zich voor hem neerboog. Sommige verklaren
dat de vorst uit YOSH 5:14 behoort bij de kring van vorsten van wie Micha'el er EEN was & dat hij 'n
'goddelijk wezen' is: men spreekt daarom ook wel van een theofanie; 'n latere joodse traditie
{Aggadat Beresjiet 32} luidt dat de vorst die aan Yosjoea verscheen Micha'el zelf was;
ook de Syrisch-Perzische christen Aphraat meldt deze uitleg
in zijn Demonstrationes!
Vandaag
de myDidag
gebruiken 'n ietwat
andere taal & tekst om een en ander aan
te duiden en te omschrijven, te veronderstellen en te plaatsen?!
Het bestaan van 'n soort staat in feite altijd ter discussie. Wat Charles Darwin voor ogen stond
was niet 'n statisch proces dat eindigde met de productie van 'n soort,
maar juist 'n oneindig dynamisch proces dat de soort 'opjaagt'
tot 'n steeds betere aanpassing
aan de omgeving.
Theologie
is niet gestopt
met de ene of andere
willekeurige/overspelige geile paus,
evolutie niet bij Darwin! Pas als 'n aanpassing niet meer mogelijk is vanuit 't bestaande genenpatroon
zullen soorten 'uitsterven' of worden [diverse uiteenlopende] mutaties nodig,
als 'n doorbraak naar 'n betere aanpassing die nodig is voor overleving
v/d soort.
Die rijkdom
v/d genen maakt
'n ingenieus breed scala aan aanpassingen mogelijk,
zodat soorten kunnen blijven bestaan en nieuwe soorten
niet [al te] makkelijk
ontstaan.
De
mogelijkheid om
strategisch goede uitdrukkingsmogelijkheden
v/d genen in het patroon op te slaan
vanuit de wisselwerking met
de omgeving lijkt
[mede daarom]
noodzakelijk.
Zoals
we 'vroeger'
onze mydibijbelverhaaltjes hadden
om ons leven te duiden, aanpassingen
tussen ouder/nieuwer te actualiseren & ietwat 'begrijpelijker' te maken,
zo hebben we vandaag de mydidag 'n heel scala aan mogelijkheden
om ons 'mydileven' 'n andere kleur te
geven, 't verleden te 'verwerken'
en zo wegen te
openen naar 'n
meer open
toekomst
...
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende