bvogoeroeguku55b 'ik vind 't wel 'n interessant ~~
IDEE,'
zei YERED,
'een BÓÓT bouwen
IN DE WOESTIJN!
Misschien trèkt zó'n dìng
de regen wel úit de wolken?'
Ik vertelde hem de door Nóàch, mijn vader, opgegeven maten & afmetingen, maar dat help echter niet zóvéél: we wisten immers geen van beiden hóe een 'boot' eruitzag?! 'We tìmmeren gewoon een grote, houten bàk waarvan we aannemen dàt-ie dríjven kan,' zei Yered,
'want ècht dríjven hoeft-ie TÒCH niet!?' {56} Pas nádàt Yered dàt gezègd had, begon er zich in mijn hoofd een plàn te ontwikkelen. ÌK DÀCHT: jáwèl, deze boot gaat wèl dríjven. Ik wìst níet precìes wááròm ik dàt dacht, ik dacht alleen: vader is blind. Hóe die boot er echt uitziet, doet er niet zoveel toe, maar hij moet wel blijven schòmmelen!
'Gelùkkig maar dat JÍJ èn jouw familie steenrijk zijn,' zei YERED, 'want dìt wordt wèl 'n heel dúúr karwei!'
'Iedereen heeft er belang bij dat mijn vader ophoudt met zijn geschreeuw,' zei ik. YERED gròmde wat en ik begreep dat ik níet op de solidariteit van de gemeenschap kon rékenen. Ik zette mijn hele vermogen op het spel om Nóàch van z'n drankzuchtigheid àf te helpen en daardoor 'n vader terug te krijgen. Wàs het líefde òf hèbzucht? Èn: kun je een vader 'hebben' als híj àllàng beslóten heeft dat hij je niet móet? Ik stelde mezelf die vragen, maar ik gaf geen antwoorden omdat ik ze eigenlijk niet wìlde WÉTEN. In zekere zin was ik nèt zo bezéten van een idéé als mijn vader èn dáárdóór blìnd voor de werkelijkheid.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende