27398 anderhalve eeuw geleden wenste Oldebroek nog
EEN KERKENRADENBOND
OP GEREFORMEERDE GRONDSLAG!
ART. 2 VAN DE STATUTEN VAN DE BOND GARANDEERDE DÌT WÈL,
ER WERD VERWEZEN NAAR DE DRIE FORMULIEREN VAN ÉÉNHEID, MAAR VOOR
DIE KERKENRAAD WAS DÀT ÒNVOLDOENDE.MOm interpretatieverschillen te voorkómen
wenste men dat er aan toegevoegd werd "IN DE BETÉKENIS DIE DE SYNODE VAN DORDRECHT
VAN DE JAREN 1618-'19 ERAAN HEEFT TÓEGEKEND"! Dìt artikel mòcht nooit & te nimmer ooit nog
veranderd werden?! Óók niet met meerderheid van stemmen! De hervormde kerkenraad wenste slechts
toe te treden àls in déze zin art. 2 veranderd werd & er voldoende kerkenraden meedoen. Voor Oldebroek
was duidelijk: aan "DORDRECHT VAN 1618/1619" viel niet te tornen! Bij een wijziging van het Reglement
op het Examen van predikanten in 1883 kwam de kerkenraad nogmaals in 't geweer & sloot zich aan bij 'n
protest van de classis Harderwijk. De wijziging bracht met zich mee dat de Drie Formulieren
níet meer genoemd werden. Voor de kerkenraad was dit onaanvaardbaar.
Aan godsdienstonderwijzers of kandidaten voor deze functie zou nu
voortaan instemming met de Formulieren gevraagd worden, & wel
omdat zij op "Gods Woord"
gegrond waren?
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende