"DAAR IS BOVENMENSCHEN-KRACHT, DAAR IS 'G DLIJK' VERMOGEN VAN NOODEN, OM 'JC' NA TE LOPEN"?!
Want hoe vast is de ziel aan dit aardsche? Hoe onafscheidentlijk aan de ydelheden, en nietigheden, en verderflijkheden verknocht? En wie kan zonder "CHRISTOS", en "Den Geest van Christus", hemelwaards stijgen, & zoeken de dingen, die daar boven zijn?
TREK MY HEERE! Maak my los van
deeze logge aarde! VERLOS MY VAN MY ZELVEN!
Ruk my uit de klauwen des Satans!
Verbreek de banden der ongerechtigheid! Trek my naar boven! Versterk mijn klein geloof! Wend my af van 't pad des verderfs! Doe my zelf u nalopen! Als de Bruidkerk, die volijverige smeekbede tot haaren
Bruidegom uitstort, word zy verbeeld, in die omstandigheid en zaak-gewrichten, waar in hier de H.Apos-telen staan, als zy 'Christus' zien opvaren. En waarom zien zy den zegepralenden Heiland zo scherp na,
dan, om dat hunne harten hem navolgen, & wenschen te volgen? En wien zoud men anders volgen dan
JC, die alleen beveiligen, bevredigen, en zaligen kan? WIEN HEBBEN WY NEVENS U IN DEN HEMEL?
NEVENS U LUST ONS NIETS OP DER AARDEN!
Gy zijt het leven van onz leven, en met u zijn
wy in den hemel gezet. Wat zoekt gy dan, o mensch! de dingen, die hier beneden zijn? Wy zijn nu een-maal voor den hemel geschapen, en door JC verlost, om in eeuwigheid met hem te heerschen. Die hoog
waardigheid moet ons hemelsche gedachten & bedoelingen inboezemen. De aarde is te gering, die is nu vooral voor dieren, en dierlijke menschen. Laat zich die in de wellusten baden, in de schatten vermaken,
in de grootsheid des levens verheugen! Ik heb beter lot in den hemel; mijn schat is nu daar boven; mijn vermaak is in Yehosjoea. Wanneer zal ik ontbonden worden van dit licchaam der zonde, dat my zo krachtig wederhoud, en al te zeer neder trekt! Wanneer zal ik voor uw aangezicht verschijnen! Wanneer ingaan. tot den "G d" des blijdschaps mijner verheuginge! ZEND UW LICHT EN UWE WAARHEID,
DAT DIE ONS LEIDEN, DAT ZE ONS BRENGEN TOT DEN BERG UWER HEILIGHEID, EN TOT UWE EEUWIGE WONINGEN!
Wie zoud ook niet wenschen om ontbonden, en met Yesjoea te zijn in eindelooze
vreugd, en hemel-heerlijkheid?
