Eentonig verliep 't leven: elken dag werken, eten, wandelen & slapen. Jaar in, jaar uit: alsof alles al vantevoren vastlag zonder afwisseling.
Van tijd tot tijd onderbreekt een gezellige avond of een uitgaansdag deze monotone opeenvolging van beweging, activiteiten, voedsel & rust.
En toch, ook in deze levens is nog iets terug te vinden van 'n geestelijk leven dat dieper is dan men zoo op 't eerste gezicht zou vermoeden.
In vele zielen van 'imbecillen' en debielen woont een echte vroomheid, ook al blijft deze het geheele leven kinderlijk eenvoudig van structuur.
Merkwaardig is hoe weinig sommigen erover spreken: soms een enkel woord, 'n enkel zinnetje, waaruit we verstaan dat toch iets is gevoeld v/d waarde van een religieus leven? Weer anderen vervallen graag in veel uiterlijk vertoon van vroomheid, zeggen psalmen & veel teksten op, maar ze doorleven er niets van naar het schijnt! Treffend, zeer treffend kan zijn de openbaring van een diep geloof op 't sterfbed van een achterlijke:
nog herinner ik me het sterven van een van onze jongens. Hij was bijna dertig jaar, ontzettend misvormd van lichaam, en zwaar achterlijk, maar
desalniettemin vast overtuigd dat God hem in den hemel zou opnemen. Z'n geloof was kinderlijk & naïef, maar, hieraan twijfelde niemand die 'm kende, echt. 'n Slepende ziekte takelde hem steeds verder af: dagelijks vroeg hij echter hoe lang het nog duurde eer hij beter werd. Op zekere morgen hoorden we hem plotseling zeer luid een psalm zingen. "Nu gaat hij sterven", zei de diep-voelende verpleegster, en inderdaad, slechts weinige uren later is hij heengegaan. En dan dat andere kereltje, dat, heftig ziek, telkens zijn vingertje omhoog stak en in zijn benauwdheden stamelde: "hemel, niet ziek meer"!
Ook hier kinderlijk, maar echt. Ik weet wel dat deze dingen voor het kritisch oog van een buitenstaander weinig waarde hebben, evenwel geloof ik toch dat 't hun, die zelf achterlijke kinderen of familieleden hebben, eenige vertroosting zal kunnen geven. Het einde van den zwakzinnige is
dat van ieder mensch. Ook van hen geldt: "eenmaal zal men sterven". Maar we weten meer: ook eenmaal zal de zwakzinnige opstaan uit zijn
graf, maar dan niet meer met z'n misvormde lichaam en geest, niet meer "onvolwaardig", zooals we ze op aarde noemden: de christen die gelooft in der dooden opstanding, weet dat ook het achterlijke kind eenmaal volmaakt van lichaam & geest uit het graf zal verrijzen en dat pas dan de voltooiing bereikt zal zijn van het zoo moeizame leven hier op aarde, als het "volmaakt" z'n God zal kunnen prijzen.
Dan zullen de sluiers van zooveel, wat nu nog bedekt, vreemd en onbegrijpelijk is, worden opgelicht, dan zal ook de zg. zwakzinnigheid opgehouden zijn! Trachten we daarom ook, zooveel als in ons vermogen is, onze zwakzinnige kinderen te leiden tot Hem of Haar, die juist het
verachte, het "onvolwaardige" heeft uitverkoren. Kortom, ons verstand schiet tekort bij zoveel kortstondig leven tussen wieg en graf?
Miljarden jaren levensvormen van diverse aard & belevenis: wat rest ons anders dan 't in z'n waarde laten van al die ontelbare verschillen naar eigen aard & wijze. Je kunt er met je verstand nooit helemaal bij, ook dat is vluchtig als een zuchtje wind & een rimpeling op het water, of zoals een vuur dat ooit aangevangen ook weer zal uitdoven & weerkeren tot stof & as.
Wat rest ons anders dan te trachten elk moment te aanvaarden voor wat 't is of lijkt te zijn? 't Leven is te kort om erop te beknibbelen & te lang om er niet zo nu & dan bij stil te blijven staan.
Slaap zacht.