't begrip 'zelfkennis' duikt in westerse filosofie
VOOR
HET EERST
OP IN HET
OUDE ATHENE: IN DE
ALDAAR ONTLUIKENDE DEMOCRATIE WAAR BURGERS
MET ELKAAR DE DIENST GAAN UITMAKEN,
IS BEHALVE KENNIS VAN ZAKEN (WETENSCHAP, LOGICA, ETHIEK)
OOK KENNIS VAN HET 'ZELF' VAN BELANG: IN DE WOORDEN VAN SOCRATES
"'n Leven dat zichzelf niet onderzoekt, is geen menswaardig leven"!
Dat onderzoek heeft weinig van doen met het verliefde turen van Natcissus naar zijn spiegelbeeld
of met het gebiologeerd staren naar de eigen navel: zelfkennis in de Atheense Polis heeft een ethische component?
Het helpt de bewoners van de stadstaat om samen uit te kunnen groeien tot goede, eerzame burgers?! Dàt 'zelf' is geen schat
die paraat ligt om te worden opgedolven, maar iets dat zich ontwikkelt in de dialoog. Plato schrijft in Alcibiades dat wie zichzelf wil leren kennen in de spiegel van een andere ziel moet kijken: alleen in samenspraak met de ander ontdek ik wat mens-zijn voor mij betekent!
Hoogleraar sociale wetenschappen Christien Brinkgreve, die volgende week met Van Tongeren in dialoog gaat, omderschrijft dit in haar boek 'De ogen van de ander: over sociale bronnen van het zelf'. De mens is geen eilandje in een zee van eilandjes
maar meer als een atoom in een complex patroon van atomen: hij staat in verbinding met anderen,
is door hen gevormd &
op hen aangewezen.
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende