er was eens een puber in drachten die van 't leven niet wist wat te verwachten want soms was 't zus en dan was 't weer zo 't ging rustig door ook al riep je van ho! en dat maakt je zo gek van gedachten?
't nam 'n besluit: 't bleef toch 'n guit hij/zij dacht: je kunt me de pot op! vanaf nu en voortaan blijf ik nergens meer staan ik ben 't helemaal zat al dat wachten?
't kwam erop neer: ik ben vrouw noch meneer en wie dat niet zint kan de kast op: ik maak me niet druk want 't scheelt me geen ruk wat die anderen ook van me dachten
hij/zij leeft nu in vree was een puber in spee maar weet nu dat je niets moet verwachten: neemt voortaan wat is voelt zich vrij als een vis en behoort tot mydi~halve zachten
het maakt ook niet uit of je zuigt of je spuit want ons leven is als een soort toverbal: de kleuren verand'ren en de smaken vergaen maar de betovering zal altijd wel blijven bestaen ... je komt en je gaet en je leert en vergaet: dat alles hoort bij al dat menselijk leven? EEN ding blijft bestaen en zal nooit meer vergaen: de liefde, geduld en wat inzicht ~ de mate waarin blijft een wonder geheim van een hoopje stof en wat rode aerde met slijm ... het maekt niet uit of je man bent of vrouw, een klein kind of bejaerd: wat telt is slechts 't wonderverhael rond de haerd ~ 'n kop & 'n staert & al wat men vergaert wat dwaesheid en wijsheid en dan slechts ... de overgave