Qumran Damascus ('dus')
Ofschoon Hartmut Stegemann de historische positie van deze boekrol met regels en voorschriften in de tijd verschuift en het beschouwt als de definitieve strafcodex die voor de Gemeenschap (der Velen) gold, zijn de meesten 't niet met hem eens: zij geloven dat het de oudste strafcodex betreft die door de Gemeenschap werd samengesteld. 't Gegeven dat er slechts enkele, zij het omvangrijke delen i/d grotten 4, 5 & 6 van zijn gevonden - anders dan de tamelijk goed beaard gebleven Regen van de Gemeenschap uit Grot 1 - lijkt deze visie te staven, omdat nu algemeen wordt gemeend dat in Grot 1 de voornaamste actuele teksten van de Gemeenschap waren verborgen. Die overtuiging steunt op 't gegeven dat elke boekrol zorgvuldig in linnen was verpakt en voor alle zekerheid bovendien in afgesloten aardewerkpotten was gestopt, in schril contrast met 't gebrek aan enige zorgvuldigheid waar 't de werken in Grot 4 betreft!
Net als de overige boekrollen met regels en voorschriften is dit zg. DAMASCUSGESCHRIFT een samengesteld werk met verschillende 'lagen'.
De oudste laag kan stammen uit een periode die vele tientallen jaren voorafging aan het ontstaan van de definitieve versie die we nu hebben en omstreeks de eerste helft van de tweede eeuw voor Christos moet zijn voltooid? Inhoudelijke aanwijzingen wettigen het vermoeden dat een groot deel van 't Damascusgeschrift al vóór de Regel van de Gemeenschap was geschreven, omdat bepaalde kenmerken van dit latere werk afhankelijk zijn van 't eerste of ervan zijn afgeleid.
De geschiedenis van 't Damascusgeschrift in ònze tijd was nogal bizar, want hoewel er slechts kleine gedeelten van in Qumran zijn aangetroffen, was het werk de academische wereld al vele jaren bekend. Net als de aanhangers van tal van andere religies beschouwen ook joodse mensen 't als 'n heiligheidsschennis om (zelfs totaal) versleten afschriften van heilige geschriften weg te gooien, zodat zij er de voorkeur aan geven om ze te verbranden of te begraven. Voordat zij met 't vereist respect hun allerlaatste bestemming krijgen, moeten zulke oude handschriften worden op-geslagen in een speciale bergplaats, die GENIZÀ wordt genoemd. In 1896 deed de vermaarde joodse rabbijn Solomon Schechter onderzoek naar de geruchten over een zeer grote hoeveelheid joodse handschriften uit de middeleeuwen die in de loop van de eeuwen bijeen waren gebracht in de GENIZÀ van een oude synagoge in Caïro, in plaats van te zijn vernietigd? Tussen de honderdduizenden documenten vond hij er twee onvolle-dige handschriften/afschriften van het Damascusgeschrift of de Zadokitische Fragmenten, zoals ze vroeger werden genoemd. Deze werden in 1910 gepubliceerd en veel onderzoekers vermoedden dat het om een werk ging dat verband hield met 'de Essenen'!?
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende