mydilof & ~dank pasen pinksteren rembrandt ensow


~*~

KI
lo kibaltem
roeach avdoet lasjoev liro ki im-kibaltem roeach misjpat banim
asjer bo korim anachnoe aba avinoe;
weharoeach hahoe me'id beroeach
ki-vnei elohim
anachnoe:

je hebt
de geest niet ontvangen
om opnieuw als slaven in angst te leven:
je hebt de geest ontvangen
om g ds kinderen te zijn en om hem/haar te kunnen aanroepen met vader [moeder]:
die geest zelf verzekert onze geest
dat wij g ds kinderen zijn ...

for the spirit
that g d has given us
does not make us slaves and cause us to be afraid;
instead, the spirit makes us g d's children and by the spirit's power we cry to g d: father, my father [mother, my mother ...]
g d's spirit joins itself to our spirits to declare
that we are god's children:

Dat is dus
de geloofstaal
van Sjaul Paul aan de Romeinen van zo'n 2000 jaar geleden,
die nog steeds door sommige christenen,
vandaag de mydidag,
wordt gehanteerd,
maar die we toch meestal moeten vertalen, en omzetten in gewone gangbare
hedendaagse woorden en zinnen, om er nu nog steeds iets aan te hebben, voor onze eigen tijd
en omstandigheden?

EERST moeten we dus nog samen denken
over het 'ontvangen van g ds geest', en als vanzelf staan we dan als het ware stil bij wijze van spreken, lezen en schrijven {en doen}, bij wat er op het zogenaamde pinkster[weken]feest gebeurd is, volgens de mydibijbelverhalen van bijna tweeduizend jaar geleden?

Lucky Luke beschrijft het ogenblik,
dadelijk nadat hun heer van de discipelen was heengegaan, aldus:
ze brachten hem hulde en keerden in grote vreugde terug naar Yeroesjalayim, waar ze voortdurend in de Tempel waren en g d loofden!

En hij vertelt in de Handelingen,
dat zij de dagen daarna ZO doorbrachten: daarop keerden de apostelen van de Olijfberg terug naar Yeroesjalayim. Deze berg ligt vlak bij de stad, op een sjabbathsreis afstand.
En toen ze in de stad waren aangekomen gingen ze naar het bovenvertrek wwar ze verblijf hielden:
Petros en Ya'akov, Yochanan en Andrai, Philopos en Toma, Bar-Tolmai en Matai, Ya'akov benChalfai en Sjim'on haKanai en Yehoedah
benYa'akov ...

Vurig en eensgezind
wijdden zij zich aan het gebed, samen met de vrouwen en met Miryam, de moeder van Yehosjoea, en met zijn broers!

Je kunt als je wilt
hier ook allerlei verschillen en variaties in opmerken.
Je looft en dankt voor iets dat je bezit en je kunt bidden en smeken om iets,
dat je [nog] niet bezit?

Denk je maar eens in,
bijvoorbeeld in zijn herdenkingsjaar, dat iemand als Rembrandt van Rijn je als zijn leerling heeft aangenomen. Zijn tijdgenoten zagen hem, naar men zegt, niet als een onovertroffen kunstenaar, maar JIJ gelooft wel in zijn kunst en kunnen. Je verkondigt zijn lof onder de mensen.
Je meester sterft en jij bent dankbaar, dat jij hem gekend hebt. Dat is dan fijn voor jou!
Maar wat heb je er verder aan in jouw leven?

MET
Rembrandt was ook zijn kunst weg.
Daarvoor was je toch niet zijn leerling geworden.
Het was ook niet de bedoeling hem alleen maar met je mond te prijzen.
Hij nam jou als zijn leerling aan om iets van zichzelf aan jou te geven.
En jij, die zijn werk zag, had een onblusbaar verlangen in je: ZO ook te kunnen schilderen!
Hopen, dat jij ook ZIJN hoogte zou kunnen bereiken, durfde je niet?
Maar Rembrandt zag jouw vreugde over zijn werk.
Hij wist: DIE mydimens is vatbaar voor mijn kunst ...
Jouw verlangen was het wachtend werken om doordrongen te worden van zijn kracht.
Zou Rembrandt zich niet ook verheugd hebben over jouw eerste werk, waarin hij iets terugvond van de 'eeuwige schoonheid' van zijn eigen werk?
JIJ geloofde al in hem, toen nog maar heel weinigen in hem geloofden.
Maar wat meer betekent: HIJ geloofde in JOU, toen niemand nog
in JOU geloofde!

blozenengelknipoog
~@~
07 sep 2006 - bewerkt op 09 jun 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 81 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende