mydi ver beel ding wa tiswa thetis watl ijkt erop


~*~


WEL
het wereldbeeld van de schrijvers ontmythologiseren,
maar niet hun [diverse]
g dsbeeld[en]?

DAT is niet consequent,
zeiden B.'s critici, en ze hadden gelijk:
als de christelijke erfenis als een religieuze mythe is opgebouwd,
dan is ook de christelijke g d een element ven
mythologische beeldvorming!


Maar daar is dan ook,
volgens iemand als H.O., een tegenspeler van B., niets mis mee.
In zijn ogen is B. alsnog in de val van de Verlichting getrapt,
omdat hij van de mythe AF wil:
maar religie spreekt altijd de taal van de mythe,
daar is religie voor.


In plaats van
ontmythologiseren moet je volgens O. juist het omgekeerde doen:
aan de mythische voorstellingswereld van de bijbel vasthouden,
want anders blijf je nergens met je geloof,
en ben je verder met stomheid
geslagen.


Het feit
dat B. nog wat weet te zeggen,
komt alleen maar omdat hij - gelukkig - inconsequent is:
als hij het heeft over g d die iets aan ons doet, DAN spreekt hij nog
de taal van de mythe, die hij zegt afgezworen
te hebben.


~!@!~

HET verschil
tussen B. & O. lijkt op een diametrale tegenstelling,
maar de overeenkomst is groter.

Beiden
blijven over g d spreken die wat 'zegt' & "doet" [HETZELFDE!],
een "G D" die 'bestaat',
kort gezegd.

Beiden
maken daarmee een uitzondering op de regel die ze eerst zelf
hebben aangenomen:
mythische beelden houden geen informatie over standen van zaken in?!
Maar gaat het om 'g d', dan zitten we bij beiden toch weer
in de sfeer van een reeel
bestaand "wezen".

"Von Gott koennen wir nut sagen was er an uns tut?"
deze bescheiden regel van B., zijn laatste woord zogezegd, is informatie,
we kunnen TOCH iets zeggen 'over g d'.

En O. doet het eigenlijk niet zoveel anders als hij zegt dat we over g d
slechts in mythische beelden kunnen spreken?

G D als een 'wezen' dat "bestaat" is voor beiden kennelijk
een vanzelfsprekendheid, want anders kan ik het niet uitleggen!

Gelovige christenen
zijn ZO gewend om van een wezen genaamd g d uit te gaan als van een anxioma, dat ze meestal niet meer zien hoe ongerijmd
dat spraakgebruik wel is.

Alles fantasie wat de traditie brengt, goed, helemaal geen bezwaar:
maar g d valt daar niet onder ...

~!@!~

Ik las het onlangs
nog bij Luuk van den Brom:
fantasie, mythe, het hoeft volgens hem helemaal
geen probleem te zijn voor christenen,
want waarom zou de goede g d ook niet fantasie
in dienst kunnen nemen om zichzelf
te openbaren?


Dat
kan niet,
zo'n redenering:
een voorbeeld
verduidelijkt
dat.


Over Osiris
kunnen we alleen mythisch spreken, dat klopt.
Maar dat betekent niet, dat er een wezen bestaat genaamd Osiris,
dat we alleen maar in mythische taal ter sprake kunnen brengen:
Osiris is zelf een onderdeel van
de religieuze mythe.


Van de
christelijke erfenis
geldt hetzelfde:
ze is integraal
verbeelding.

~verliefd~


~#~
engel
21 sep 2005 - bewerkt op 25 mrt 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 81 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende