m'n liefste {'t is ja wat!}
Ik
zou niet
graag iemand anders
willen zijn dan ik
geworden ben: EEN identiteit is
mij genoeg. Ik voel me vaak
als een soort van strandjutter op de
goudgele kusten van de wereldoceanen, die zo nu
en dan her & der wat oppikt wat hij tegenkomt
langs de vloedlijn, de gekste zaken van over de hele
wereld maar verder dus geen enkele motivatie om mezelf, anderen mensen
of de wereld te redden van ondergang, g dsrijk & mogelijke combinaties van die twee.
Ik heb altijd al graag op stranden en heidevelden gewandeld of door bossen en bergen:
je weet vantevoren niet wat je nog zult tegenkomen, alles blijft hetzelfde EN verandert?
Het enige wat je hoeft te doen is de ene voet voor de andere zetten,
en de rest zie je dan als vanzelf wel!
En wat kun je trouwens
op weg naar nergens
anders doen dan
je ene voet voor de andere zetten?
Blijven stilstaan:
en om je heen kijken ...
Toen we in de jaren zestig
[ik weet niet meer precies welk jaar]
eens 'n keer met een groep kibboetsniks op bezoek gingen in de woestijn rond Yericho
bij een Grieks Orthodox Klooster dat tegen de rotswand aankleefde en alleen maar bereikbaar was met 'n mand aan een touw {?} en/of 'n minuscuul aantal erg smalle 'geitenpaadjes' langs de zeer steile berghellingen om daar ook Yesjoe's 'berg der verzoeking',
van het nieuwe testament bekend,
te zien
kwamen we op de terugweg
toen het al donker begon te worden,
al behoorlijk verward, bestoft, moe en bang, vast te zitten op de zeer hoge woestijnhellingen.
Dat was erg en iets om nooit meer te herhalen:
op het heetst van de dag
moet het daar ook
bijna net zo erg zijn
als er geen schaduw is en water,
of wanneer er,
eens in de zoveel tijd,
een vreselijk onweer los zou barsten en je
volkomen zonder beschutting of bescherming helemaal bloot zou staan aan onbeheersbare krachten
van de natuur?
Hoe we ooit
van die berg in die woestijn
af gekomen zijn weet ik allang niet meer,
maar zoveel angst heb ik nooit eerder of later gehad:
die diepte,
dat piepkleine smalle geitenpaadje,
de duisternis en ook niet weten waarheen nu precies of hoe lang het nog zou duren terwijl de nacht viel als een deken op al die superdroge rotspieken en verbrokkelende kalksteenheuvels!
We hadden geen idee waar we waren &
er zat niets anders op
dan je over te geven
aan die omstandigheden:
verzet had geen enkele zin meer ...
Volgens 'de mydievangeliebijbelverhalen'
bevond Yehosjoea haNatsri haMasjiach zich dus ook bijna in iets
daarop gelijkende toestanden toen hij na door zijn neef {?} Yochanan [de Doper] in de rivier de Yardeen was gedoopt en er door sommigen 'n stem uit de hemel werd gehoord met de woorden
'dit is mijn liefste zoon',
'de heilige geest als in de vorm van een duif'
op hem nederdaalde en hij die woeste bergen introk
om 'veertig dagen en nachten 'verzocht te worden' door de duivel'
die hem alle moois en schoonheid op de aarde beloofde en in het vooruitzicht stelde,
als hij maar zou knielen en satan aanbidden:
DAN kon niets hem nog deren,
engelen zouden voortdurend voor hem zorgen,
g d zou van stenen brood maken,
hij zou heersen over heel de wereld
en alles zou volkomen nieuw{s} zijn, spannend
avontuurlijk en perfekt
in orde?
Dat
is wat
honger, dorst en
eenzaamheid met je kunnen doen
na z'n ervaring in de rivier en het horen in je eigen oren van stemmen
en met je eigen ogen dingen zien die er voor anderen niet waren!
Volgens het mydibijbelverhaal
reageert Yesjoea op die gebeurtenissen
nogal 'nuchter' met bijbelteksten
zoals hij ze op z'n duimpje had leren citeren in de voorgaande dertig jaar:
'de mens leeft niet van brood alleen',
'aanbid de Heer {YaHWeH/Elohiem}
ALLEEN,
vereer
ALLEEN
hem [en niets anders!]',
'stel g d niet op de proef'
en die simpele antwoorden
vanuit TeNaCH {Tora (de 5 'boeken van Mosjeh'
,
Neviiem (de Profeten) en de Ketoeviem (de Geschriften)},
waren
ZIJN
antwoord op de verleidingen
van 'bijzondere wonderen gaan verrichten',
'wereldmacht, roem en aanbidding',
'ingrijpen van "G D" persoonlijk in de gang van zaken' ...
In feiten bevinden wij ons dus ook in 'soortgelijke toestanden'?
We zijn geworpen in de woestijnen des levens en bevinden ons op de gekste berghellingen
zonder enige beschutting:
we zijn totaal overgeleverd
aan de woeste natuurkrachten,
de bloedhete zon, de volkomen duisternis, de ijskou van de woestijnnacht,
hebben niet te eten of te drinken, zijn helemaal alleen van God en Mensen verlaten
en weten niet wat we moeten doen:
terug of vooruit,
bidden en smeken,
geloven in [on]mogelijke wonderen,
hallucinaties en de gekste fantastische hersenspinsels,
je overgeven aan heelal en eeuwigheid en je van de hoogste rots laten vallen in de onmetelijke diepte
of wat voor kunstgrepen en poespas dan ook?
Het helpt je allemaal helemaal niets!
Maar waar we ook zijn
en met of zonder wie of wat dan ook:
de natuur, zowel van binnen als van buiten,
is machtig en krachtig, en wij,
wij kunnen stuk voor stuk niets anders doen
dan Yesjoea's voorbeelden volgen
en ervan 'genieten'
in die mate dat 'de Geest'
ons iets openbaart en verduidelijkt?
We zijn op weg naar nergens
en we hoeven eigenlijk niets anders te doen
dan ons over te geven
en deze weg
te volgen,
en dan komen we
uiteindelijk vanzelf wel weer thuis
[hoe dan ook!]?
We zijn nu veilig in 'g ds eigen hand',
het maakt niet meer uit wat er ook gebeurt
en we hoeven ons geen zorgen te maken dan te doen wat 'zijn wil is'
zoals uitgelegd door zijn 'vrienden, profeten, zieners en zangers' al duizenden jaren lang
aan een ieder die zich daarvoor open wil stellen.
En we vertelden het verder aan onszelf en elkander terwijl
we verder gingen op de weg die voor ons lag:
ook al zien we er misschien
wel haveloos uit,
zijn volkomen
uitgedroogd,
kletsnat,
hongerig en dorstig,
vermoeid en verloren ~ het maakt 'niets' meer uit, want al die
vermoeidheid, al die lasten van pijn en ellende, de eenzaamheid van de steile klim naar de rand van de afgrond, het speelt nu allemaal geen rol meer:
het is volbracht, voorbij, verleden en
verrukkelijk ondanks
al die ogenschijnlijke hopeloosheid & uitzichtloosheid ...
Ook al leek alles verkeerd te gaan: 't komt goed!
Ook al waren we verdwaald: we komen thuis!
Ook al lopen we naar het lijkt in kringetjes rond:
het maakt nu niets meer uit omdat we weten waar we vandaan komen en waar we heen op weg zijn!
We dachten dat we helemaal verkeerd terecht zouden komen en dat alles verloren was,
maar dat zat alleen maar in ons eigen hoofd?
Ondanks al die fouten en gebreken
zijn we veilig en komen we
weer 'thuis' ...
Elk moment
kan zo een schitterende metafoor voor ons leven zijn:
we denken ergens te zijn, maar we zijn niet waar we denken te zijn.
Of we zijn misschien wel precies waar we horen te zijn, maar we weten dan [nog] niet?
En dat alles betekent eigenlijk allemaal helemaal niets!
~ Zelfs al hebben we het volkomen mis, wat dan nog? Het kan geen kwaad!
We zitten weliswaar op de weg naar nergens, maar nergens is niet verkeerd!
Speciaal niet als je het vergelijkt met wat Satan de Duivel, die leugenachtige Verleider en Ontkenner
of Begoochelaar ons allemaal voorspiegeld aan Drogbeelden, Drukdoenerij, Opgeblazen Dwaasheid &
NIX!
DIT
is gewoon de plek waar we terechtkomen als we ophouden het hier en nu te vermijden.
Het is de plek
waar we zijn
als we onze verwachtingen
over hoe het hoort te zijn,
en onze interpretaties van 'wat er is',
laten vallen.
Het is de kronkelende weg
en het schitterende, steeds veranderende uitzicht op de bergen des levens, zonder enig commentaar, ongenoegen, ontevredenheid of dwangmatigheid:
DAT
soort ogenblikken en 'gebeurtenissen',
momenten en 'ervaringen'
treden op
als je in je hart bent,
als we ons volkomen overgeven
aan wie en waar we ook zijn ...
Rak kach:
TAT
tvam
asi
@
Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende