UITGESPROKEN IN 383
IN CONSTANTINOPEL [HET HUIDIGE ISTANBOEL
IN WEST~TURKIJE] KLAAGT GREGORIUS VAN NYSSA (ca. 341-394):
'Eis uw geld op & de winkelier begint over theologie te praten,
over het Geschapene en het Ongeschapene;
vraag de prijs van het brood en men zal u antwoorden:
"DE VADER IS HET GROOTST EN DE ZOON IS ONDERGESCHIKT"
en als u zich afvraagt of uw bad al klaar is, dan zal de intendant u verklaren
dat de Zóón van belang is!'
[De deitate Filii et Spiritus Sancti (ver de goddelijkheid van de Zóón
en van de Heilige Geest), in Patrologia Graeca 46, 557!]
Het zal nog een halve eeuw duren voordat er in 381 in
CONSTANTINOPOLIS een tweede oecumenisch concilie gehouden wordt
dat het dogma van de Drievuldigheid formuleert: 'DE ENIGE ZOON VAN GOD IS WAARLIJK GOD UIT DE WARE GOD, VERWEKT, NIET GESCHAPEN,
VAN HETZELFDE WEZEN ALS DE VADER. DE GEEST KOMT VOORT UIT DE VADER EN DE ZOON,
HIJ WORDT AANBEDEN EN VERHEERLIJKT SAMEN MET DE VADER EN DE ZOON!'
Op deze manier wordt er aldus getracht om herhaaldelijk te blijven verklaren
dat hùn unieke god uit drie personen bestaat, die elk slechts in relatie met de twee anderen bestaan
en onafscheidbaar tussenbeide komen.
[Wàt 'n fanatieke verbeeldingsdrang!]!
Mor ziet al dat geharrewar van/voor/door al die oude & jonge mannetjes
meer als heidens gekonkel & gemonkel over malle bijzaken: als de zure appels
van Ewa & Adam in de paradijselijke Hof van Eten & Drinken
vol met fantastische vertellingen
voor kleine kinderen.
