Het mooiste aan mydi
& 't euangelium is dus de mogelijkheid
tot veelzijdigheid: iedereen kan z'n zegje doen
[of laten waaien]! In al die citaten van de afgelopen 3000 jaar
kun je alles tegenkomen wat menselijk is in voelen, denken, doen & laten
~
't geeft een fantastisch
rijke basis voor een steeds veelzijdiger
woordenschat in de akkers van ons brein? De "Zoon" [Dochter] zelf
kan ook aangesproken worden als g d en alle mensen zijn in principe 'kinderen van g d':
we hebben genetisch, sociaal, verbaal & amicaal zoveel met elkaar
gemeen dat het een fundament kan vormen voor
al onze wederzijdse conversaties
& illustraties!
Zoiets
komt overeen
met de proloog
in 't evangelie van Yochanan {1:1 & 1:18} en met Thomas' belijden
van 'mijn Heer & mijn G d' {YOH 20:28}. Het gebruik van de term "GOD"
voor Yehosjoea haNatsri aka ha Masjiach komt in het NOT nog enkele malen voor.
In Titus 2:13 is er sprake van 'de verschijning van de heerlijkheid van onze g d & redder Yehosjoea
de Verlosser'! Met ongeveer dezelfde formulering spreekt 2 Petrus 1:1 van 'de gerechtigheid van onze g d & redder Yesjoea de gezalfde': de NBV luidt hier, 'vooringenomen' interpreterend: 'de rechtvaardigheid van onze G d en van onze redder Yesjoe de Bevrijder', kennelijk konden die vertalers
en hun supervisoren zich nog steeds niet zo goed voorstellen dat Yehosjoea
de Christ hier God genoemd wordt & hetzelfde geldt voor Titus 2:13?
Je kunt er dus alle kanten mee op!
In 1 Johannes 5:20 wordt van Jesus Christ gezegd:
"Hij is de ware G d, hij is het eeuwige leven".
In Romeinen 9:5 lezen we: 'uit hen [de Yisraelieten] komt Christos lijfelijk voort, hij die G d is, boven alles verheven en tot in eeuwigheid' ~ maar er zijn nog steeds exegeten die denken dat Sjapeau zich hier ietwat onhandig uitdrukt
& hier doelt op G d de Vader?
De NBV luidt hier:
'omwille van het volk dat van de aartsvaders [en aartsmoeders!] afstamt en waaruit de Masjiach is voortgekomen. G d, die boven alles verheven is, zij geprezen tot in eeuwigheid'. Omdat de Griekse zin zo niet is opgebouwd, is deze vertaling [letterlijk gezien] niet correct? Ook hier konden die vertalers blijkbaar {en hun supervisoren} zich kennelijk niet voorstellen dat SjaulPaul "Christos" in een lof-verheffing als G d aanduidt
{zie ook FIL 2:9-11}!
Bereesjiet hayah hadavar wehadavar hayah eet haelohiem we'elohiem haya hadavar:
In 't begin was 't Woord bij g d & 't woord was g d! Eet haelohiem lo-ra'ah isj meeolam habeen hayachied asjer
becheik ha'av hor hodiya:
Niemand heeft ooit G d gezien, maar de unieke Zoon, die zelf G d is, die
aan het hart van de Vader, heeft hen {aan ons} doen kennen! Waya'an toma wayomer eelaw adonie we'elohai! Tomas antwoordde:
"Mijn Heer, mijn G d!"
Sjim'on petros eved yeesjoa hamasjiach oesjelicho el[asjer kibloe emoenah yekarah kesjelanoe betsidkat
eloheinoe oemosjieenoe yeesjoea hamasjiach:
Van Sjimon Petrus, dienaar en apostel van Yesjoea de Verlosser: aan allen die dankzij de rechtvaardigheid van onze G d en van onze redder Yehosjoea onze masjiach hetzelfde kostbare geloof hebben ontvanegn als wij!
Oenchakeh latikwah hameasjeret oelhofa'at kevod eloheinoe hagadol oemosjieenoe yeesjoea hanasjiach
In afwachting van het geluk waarop wij hopen: de verschijning van de majesteit van de grote G d en van onze redder Yehosjoea de masjiach! Of:
van onze grote g d en verlosser/bevrijder
Yehosjoea de redder!
G d
heeft ons
eeuwig leven geschonken
& dat leven is [te vinden]
in zijn zoon {Yehosjoea}!
Wie die mens ziet heeft het leven
& wie de mens niet ziet leeft [nog] in duisternis
[en heeft 't leven nog niet]?
Dit alles schrijven de leerlingen/discipelen/apostelen
& volgelingen naderhand omdat ze willen dat alle mensen zo deelnemen aan eeuwig leven:
door te geloven in [de betekenis van] de zoon van g d!
We kunnen ons zo
vol vertrouwen tot g d wenden, in de zekerheid dat hij/zij naar ons luistert als we hem/haar iets vragen
dat in overeenstemming is met zijn/haar wil! En omdat we weten dat hij/zij naar ons luistert,
wat we hem/haar vragen, weten we ook keer op keer dat we alles hebben gekregen
wat we van hem/haar hebben gevraagd en als iemand 'n broeder of zuster
een zonde ziet begaan die niet tot de dood leidt, moeten we voor hen
bidden en zo de zondaar het levenb geven:
dit geldt wanneer er sprake is van
een zonde die niet tot de dood
leidt; er bestaat ook zonde die
wel tot de dood leidt [in dat
geval geldt mijn aansporing
{YOH} om te bidden niet]
~
alle kwaad is zonde,
maar niet elke zonde leidt tot de dood.
Daardoor weten we ook dat iemand die uit g d geboren is
{'herboren/bekeerd/veranderd/gelovig' e.d.] niet [meer] zondigt:
de zoon, die uit g d geboren werd [net als de dochter uit de moeder],
beschermt hen zodat het kwaad geen vat op hen heeft [zoals voorheen
het geval was]! We weten dat wij uit g d voortkomen, terwijl de hele wereld nog
[vaak/meestal?] in de macht is van hen die het kwaad zelf zijn: we weten ook
dat de zoon van g d tot ons is gekomen om ons inzicht te geven
om het waarachtige te kennen en wij zijn geborgen
in die waarachtige omdat we in zijn'/haar kind
Yehosjoea de genezer{es} zijn omdat
hij/zij de ware g d is: dit is het
eeuwig leven {kinderen,
wees op je hoede voor
de afgoden}!
Dit
alles schrijf
ik aan jullie die geloven
in de naam van g ds kind:
omdat je moet weten dat je
deelneemt aan eeuwig leven door
dat geloof in de naam
{de betekenis} van
g ds kind{eren]!




