Laatste snotneus voor vandaag: elke dag 'n draadje


*
Laatste
snotneusje
& doekjes voor het bloeden van vandaag?
Aan het hof van Koningin Elizabeth van Engeland hadden de hofdames kanten zakdoekjes.
Deze maten drie of vier duim in het vierkant en de dames gaven ze vaak
ten geschenke aan haar aanbidders,
die ze dan als teeken van overwinning,
op den hoed
droegen.
-
Nog in de
zeventiende eeuw was het gebruik van zakdoeken lang niet algemeen.
Erasmus had het nog nodig gevonden,
uitdrukkelijk het gebruik van zakdoeken als teeken van beschaving te propageeren.
Wij kunnen gerust aannemen,
dat op het gebied van neuzen snuiten menig edelman omstreeks 1650 manieren had,
waar onze kinderen van acht of negen
schande van zouden
spreken.
-
Aan het hof van Lodewijk XIV
was het dragen van enorme kanten mouw- of halsdoeken -
vaak zoo opzichtig, dat Moliere er den draak mee stak -
de groote mode.
-
En zelfs
in de achttiende eeuw beschouwde men den neusdoek nog als een luxe-voorwerp.
Peter de Groote bijvoorbeeld wilde er niets van weten.
Weliswaar werd zijn gewoonte,
den neus met de vingers te snuiten,
tijdens zijn reis door Europa en zijn verblijf in Parijs
niet zonder critiek aanvaard.
-

Het snuiven kwam in de mode!
De heeren,
die eraan verslaafd waren, morsten tabak op hun kanten lubben,
maar zakdoeken,
ho maar!
Bij de dames genoot de zakdoek reeds meer aanzien.
Doekjes werden in den handel gebracht,
met allerlei voorstellingen, figuren en landschapjes versierd.
Bijzonder in trek waren neusdoekjes uit Zwitserland, waarop de geschiedenis van Wilhelm Tell was afgebeeld.-/i]
-

In den tegenwoordigen tijd
is het gebruik maken van zakdoeken met poppetjes en figuren er op
voor volwassenen geen teeken meer
van goeden smaak.

-

Niet altijd
zijn de zakdoeken vierkant geweest.
Tijdens Lodewijk XIV maakten de fabrikanten ze dikwijls veel breeder dan lang - blijkbaar om de koopers te misleiden -,
totdat de Zonnekoning in een uitvoerige ordonnantie
- van 23 September 1684 - gelastte,
dat de breedte gelijk aan de lengte
moest zijn.

-

Toen tijdens het Directoire
een ware woede voor "antiek Grieksche" dracht opkwam, hadden de schoone jongedames te Parijs groote moeite,
de onmiskenbare gebruiksvoorwerpen als zakdoek en portemonnaie
in haar zeer luchtige gewaden
te bergen.
Zij vonden er dit op,
dat zij zich op haar wandelingen lieten vergezellen door een jongen "merveilleux",
aan wien zij haar zakdoekjes na gebruik
toewierpen en die er een groote eer in stelde,
deze voor haar te mogen meedragen..
En de beursjes?
Hiervoor vonden de Parijsche jonkvrouwen
de zogenaamde "ridicule" of "reticule" uit, die later,
in den Biedermeiertijd, is herleefd en die meestal ann den arm van de draagster hing;
of, als zij dat te lastig vond,
aan haar ceintuur.
-

Wij zouden hier nog lang kunnen uitweiden over de rol,
die de zakdoek
- verloren als hij naar gewoonte werd door schoone dames en opgeraapt door edele aanbidders -
in de geschiedenis heeft gespeeld,
zonder dat hij nochtans altijd werd gebruikt om den NEUS in te snuiten!
Over de oude dames,
die op recepties aan het Spaansche hof in vroeger tijden
er een gewoonte van maakten, de confituren, die daar werden rondgedeeld,
in haar enormen zakdoek te smokkelen en mee naar huis te nemen
- een trucje, dat men al gauw in de gaten had,
doch glimlachend toeliet.
Over de diensten,
welke de zakdoek als vogelverschrikker voor den boer als als vogelokker bij de jacht kan bewijzen;
over de gewoonte van violisten om, VOOR zij het instrument onder de kin zetten, een zakdoek over den linker schouder te leggen om slijtage van hun pak te voorkomen;
over bloedneuzen en over den zakdoek als geimproviseerd hoofddeksel,
en veele andere nuttige
doeleinden.
-

Maar GENOEG
- wij allen weten immers uit dagelijksche ondervinding,
hoe gemakkelijk voor duizenderlei dingen zoo'n klein lapje kan zijn
en hoe onmisbaar de zakdoek voor ons is -
OOK als wij NIET onzen neus
behoeven te snuiten!

-

Wij beklagen dan ook de natuurvolken,
die geen bergplaats voor een zakdoek hebben,
en de Russische boeren, die
- althans VOOR de revolutie was dat zoo -
geen zakdoek kenden en hun neus snoten in
het tafellaken.

-

Laten wij eindigen
met te gewagen van een volk, dat,
wat betreft de hygiene van den neus,
als men dat zoo mag noemen, ons Europeanen, stukken vooruit is.
DAT volk is het Japansche.
-

De Japanners gebruiken
- in plaats van een doek, dien wij weer in den zak steken -
kleine stukjes zijdeachtig papier,
welke zij na gebruik
wegwerpen.
-

Dat wegwerpen op straat en in huis
is nu weer 'n wat minder hygienische;
als de Japanners deze afgewerkte papiertjes aan het vuur toevertrouwden,
was het ideaal van properheid bereikt.
-

Alleen .... hoeveel van zulke papiertjes zouden wij,
altijd neusverkouden Hollanders,
iederen ochtend wel bij ons
moeten steken?
#

engel
05 apr 2005 - bewerkt op 27 feb 2008 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 81 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende