was (ook) Gregorius de Grote (bevriend met Paulus de Boskabouter) (ca. 540-604), 'n benedictijner monnik die tot paus werd gekozen! Gregorius was gevormd i/d discipline v/d Lectio Divina, maar z'n bijbelse theologie was getekend door de schaduw die sinds de val van Rome de westerse geest achtervolgde. Hij had zich de leer v/d erfzonde al volledig eigengemaakt & zag de menselijke geest als onherstelbaar beschadigd & totaal verwrongen: g d was nu (blijkbaar/schijnbaar?!) nog maar moeilijk te 'benaderen'. We konden niets over 'm weten, & 'r was 'n enorme mentale in-spanning (voor) nodig om i/d contemplatie een (meestal nogal) kortstondige vreugd te ervaren vóór de onvermijdelijke terugval i/d duisternis die onze 'natuurlijke' omgeving vormde!? I/d Bijbel had 'g d' zich tot onze zondigheid verlaagd & was hij afgedaald naar het niveau van onze nietige geest, maar de menselijke taal was onder 't goddelijke gewicht bezweken: daarom weken de grammatica & de woordenschat v/d Vulgaat van de voornoemde Hiëronymus af van die v/h klassieke Latijn, & daarom was 't ook heel vaak zo vreselijk moeilijk om nu nog in bepaalde bijbelse ver-halen bij eerste lezing al 'iets' van religieuze waarde te ontdekken ...
Ànders dan Origenes, Hiëronymus & Augustinus verspilde Gregorius geen tijd aan de letterlijke betekenis: vlg. hèm was 't bestuderen v/d dood-gewone betekenis v/d tekst net zoiets als 't kijken naar iemands gezicht zonder te zien wat er in z'n hart verborgen lag. De letterlijke tekst was als 'n plat stuk land, omringd door bergen die stonden voor de 'geestelijke betekenissen die ons nog voorbíj al die té gebroken menselijke woorden zouden kunnen voeren?
Pas in de loop v/d 11e eeuw begon Europa zich weer 'n beetje meer te ontworstelen aan de 'duistere middeleeuwen'! De benedictijnen van Cluny (niet ver van Mâcon), bekend als de cluniacenzers, begonnen met 'n hervorming die gericht was op onderwijs aan de leken, omdat juist DÍE nog maar bedroevend weinig wisten over 't christelijk geloof!
Ongeschoolde leken konden de Bijbel natuurlijk al helemaal niet lezen, maar ze leerden al wel om 'de mis' te beleven als 'n complexe allegorie, die op symbolische wijze 'n mini/maxi reconstructie gaf van Yehosjoea's leven ...
We sullen scene (of niet)?!
