Jan Huygens mydifeuilleton met een hoepeltje erom!



Er
was eens
de natuur ...
en we leefden nog
lang & [on~]
gelukkig?



Men lere hier uit:
G d is Geest en [alleen]
in waarheid te dienen, en zijn heilwoord
in alles raad te plegen.

Elendig
is de mensch,
die zijn ['zelfontdekte/gemaakte'] G de wantrouwt,
& [slechts] op zijn eigen vernuft steunt: die spreekt, die handelt niets,
dan aardsche, onnutte, zielverderflijke dingen. Die zoekt niets dan wellust, roem, eer, hoogachting;
& zijn begrip door te dringen, als ware hy alleen zegsheer van alle waar-heid, & zijne gewaande schranderheid regel & richtsnoer van de reden. Wee hem! die van ander verstand is,
& zich niet blindlijk onderwerpt
aan 't gevoelen van
dien vermetelen
weetal!

Dus
kwam de trotse
mens der zonden in de weereld:
dus kreeg de snoode Antichrist de overhand in G ds kerk?
Dus verbood men H.Schrift [zelf] te lezen, om herssenvonden,
paapendroomen, loogenleeringen in- & door te dringen, en zo gewetensdwang,
& menschen gezag staande te houden. Zoud men niet zeggen, datze het GEESTLIJK Koninkrijk
van den Messias AARDSCH zoeken te maken
om geheel G ds woord
te bespotten &
t'ontzenuwen.

Zoud
men niet denken,
als men deeze TWEE ziet gaan met malkanderen,
gelijk de EMMAUS-gangers, datze spraken,
gelijk de EMMAUS-GANGERS?
Datze JC zoeken, gelijk
de EMMAUS-GANGERS?

Maar
niet minder.
Hoort DAWIED
deezen levendig afmalen
:
ZIJN MOND IS VOL
VAN VLOEK EN BEDRIEGERIJEN,
EN LIST, ONDER ZIJNE TONG IS MOEITE EN ONGERECHTIGHEID,
HY ZIT IN DE ACHTERLAGE DER HOEVEN, IN VERBORGENE PLAATSEN
DOOD HY DEN ONSCHULDIGEN, ZIJNE OOGEN VERBERGEN ZICH TEGEN DEN ARMEN,
HY LEGT LAGEN IN EENE VERBORGENE PLAATSE, GELIJK EEN LEEUW IN ZIJN HOL ~
HY DUIKT NEDER, HY BUIGT ZICH, HY ZEGT IN ZIJN HARTE,
G D HEEFT HET VERGETEN, HY HEEFT ZIJN AANGEZICHT
VERBORGEN, EN HY ZIET NIET
IN EEUWIGHEID.

Maar die
buiten ons zijn oordele G d:
laat ons de hand in den boezem steken,
en zien, of wy die melaatsch daar zullen uittrekken.
Wie is'er, die JC zoeken en vinden wil? Die JC wil zoeken, moet zich zelven verlochenen,
en de meesten beminnen zich zelven boven alles,
en allen.

Die
JC wil vinden,
moet de weereld verlaten,
en de meesten hebben de weereld onafscheurlijk lief.
Dir JC wil zoeken, moet zich in de vergadering der gelovigen laten vinden,
want daar twee of drie in zijnen naam vergaderd zijn,
daar is hy in 't midden, en de meesten verlaten
de onderlinge byeenkomsten, zommigen om
weereldsche inzichten, anderen ook zonder
eenige reden, en lopen tot de
vergaderingen der
G dloozen.

Die JC
wil vinden,
moet van hem
spreken, en de H.Schrift raadplegen,
en de meesten hebben daar
een walg van.

Spreekt
van de pracht,
van de wellust, van de weereld,
van ontucht, van brasserijen, van slaapkameren,
van schandlijkheden, ieder hoort, ieder is aandachtig, ieder is verheugd,
ieder is welsprekend; maar spreekt men van JC, van zijn lijden,
van zijn kruisdood, van zijn opstanding,
ieder spot, ieder schimpt,
ieder sluit hart
en ooren.

Anyway,
have a nice day
and tell us all about it,
if you really
want to
do so
...
engel
15 jul 2009 - meld ongepast verhaal
Weet je zeker dat je dit verhaal wilt rapporteren? Ja | Nee
Profielfoto van Asih
Asih, man, 80 jaar
   
Log in om een reactie te plaatsen.   vorige volgende