...
In
de eerste
helft van de
eerste eeuw concludeert zo
de jood Philo van Alexandria dat Mosjeh met z'n
beschrijving van de schepping van de wereld onder meer leert
'dat G d EEN is, vanwege diegenen die het polytheisme ingang hebben doen vinden'
{
Schepping v/d wereld: geboeid door Plato ~ christelijk geloof (bekneld door 't glinsterend pantser
v/d Griekse filosofie) ~ Allegorische uitleg v/d Wetten,
de Dromen & de Deugden
etcetera}.
Hij
heeft echter
wel wat meer
te melden over "G d"
dan alleen maar
zo'n fundamentele belijdenis.
Regelmatig onderscheidt hij
namelijk tussen
G d '
theos'
de Heer '
kurios!!
"G d" beschouwt hij als
de scheppende kracht
en de Heer als de koninklijke macht: deze
beide machten
dunameis zijn
volgens Philo uitingsvormen
van die
ENE
G d die
hij op grond
van Exodus 3:14 {in
de Griekse vertaling van
de Septuaginta} 'de Zijnde'
ho on noemt: zo verklaart hij dat volgens Genesis 18:2
drie mannen aan Avraham verschenen: de ene G d
verscheen als de Zijnde, tezamen met z'n eigen machten
"Heer" & "G d":
Avraham/Leven van Mosjeh/Vragen & Antwoorden over Genesis
trias en Wie is de erfgenaam/Allegorische
uitleg v/d wetten/Noachs landarbeid {wijndruiven}
& "Naamsveranderingen"!
Behalve
tot 'n drietal
komt Philo ook wel tot
een zevenvoudige verschijning
van die ENE "G d". In zijn beschrijving
van 'de ark van het verbond' zegt "G d" tot Mosjeh:
"Ik zal tot je spreken boven het verzoendeksel te midden van de twee cheroeviem" [Exodus 25:22]!
wenoadetie lecha sjam wedibartie itcha meeal hakaporet mibein sjnei hakeroeviem asjer al-aron haeedoet et kal-asjer atsaoeh otcha al-bnei yisraeel
Daar zal ik je ontmoeten, en vanaf die plaats, boven de verzoeningsplaat. tussen de twee 'contactpolen' op de ark met de verbondstekst, zal ik met je spreken
en je alles zeggen wat ik van de Yisraelieten verlang {!}
{'n soort van eigentijdse
magnetisch/electrische ontlading
v/d 'sociale
batterij'?}
...!
Naar
aanleiding hiervan
onderscheidt Philo
[1] 'de Zijnde',
[2] diens Logos ['het Woord']
waarmee hij met hen spreekt te midden van de twee 'bewegende vleugels', die staan voor
[3] "G d", de scheppende electromagnetische kracht en
[4] 'de Heer', de koninklijke/heersende macht; uit deze beiden ontspruiten dan respectievelijk
[5] de weldoende/genezende/straffende en
[6] de wetgevende macht, gesymboliseerd in 't verzoendeksel/'de praatplaat' en de 'getuigenissen'/overeenkomsten in de ark;
de kist van de ark zelf staat voor
[7] de noetische kosmos, ofwel
de geestelijke wereld
v/d 'platoonse
ideeen'.
Voor
de mens
geldt dat hij
'de Zijnde' [nog]
NIET
'zomaar' rechtstreeks kan 'kennen',
maar alleen via zijn
'krachten &
machten'!
'n Soort van
goddelijk vraag- & antwoordapparaat dus
in Exodus dat 'lichtgeeft'/'geluid maakt' als basis
van 'n mystiek 'euangelium'
der vergriekste
joden?
Elders maakt Philo een soortgelijk
zevenvoudig onderscheid tussen
die "Zijnde", zijn "Logos",
z'n 'Scheppende Kracht G ds"
& z'n "koninklijke macht de Heer":
zijn genade via zijn geboden en verboden.
Terloops onderscheidt hij ook zeven machten/krachten,
waarvan de Logos als de zevende in het midden staat,
terwijl alle zeven zijn voortgekomen uit "De
ENE"
~ zo
bewoog zich in
die tijd op die plaats
'het wereldbeeld'/'de tijdgeest'/'het symbool'
van Yahweh als 'eeuwig aanwezige' &
'komende bewegende'
oplichtende 'geest' die alle
schepping ver~
oorzaakte:
DE
basis v/h
Leven.
't
Zijn dus
niet helemaal 'zomaar'
wat 'symbolische bijbelverhaaltjes' maar
wel degelijk zich telkens weer concretiserende voorbeelden,
'zichtbare bezielende wonderbaarlijke toestanden' via
de oplichtende 'borstplaat' met edelstenen &
't Licht & de Taal via 't Woord van G d:
de bliksemende dondergod 'van ooit'
op de top van de berg, de zacht
suizelende koele wind in
de stilte daarvoor en
daarna ~
de magneto/electrische
ontlading via de kist v/d ark
met de tien geboden op de stenen platen van de wet ~
het verbond tussen priester{s},
koning &
volk?!



