~!@!~
DE HEER
heeft een bode gestuurd naar alle volken;
ook wij hebben zijn boodschap
gehoord:
"KOM,
laten we ten strijde trekken
tegen Edom!"
DIT IS
wat G D, de HEER,
over dat volk
zegt:'IK
maak van jou een onbeduidend volk,
veracht door iedereen.
Door je hoogmoed heb je je laten verleiden:
hoog woon je, hoog in de rotskloven,
daar heb je je huis gebouwd,
en je denkt:
wie haalt mij naar
beneden?
Maar
al vlieg je
zo hoog als een adelaar,
al bouw je je nest in de sterren,
dan nog haal ik je neer
- spreekt de HEER.
Komen er dieven, rovers in de nacht ~
ze stelen alleen wat ze willen.
Maar Edom, jij bent
leeggeroofd!
En komen er
druivenplukkers ~
niet alle trossen snijden ze af.
Maar Esaus volk is uitgeschud,
zijn schuilplaatsen
geplunderd!
Bondgenoten
verdreven je uit je eigen land,
vrienden hebben je verraden en verslagen,
tafelgenoten lokken je in de val,
en je blijft verbijsterd
achter.'
De dag komt
- spreekt de HEER - dat ik de wijzen in Edom
zal doden,
zodat er in de bergen van Esaus volk niemand meer is
met enig verstand.
De helden
van Teman/Yemen
zullen verlamd staan van schrik;
in de bergen van het volk van Esau wordt iedereen omgebracht,
niemand blijft
in leven. Je hebt je
tegen het volk van Ya'akov gekeerd,
geweld gebruikt tegen je eigen broeder:
daarom zul je met schande worden overdekt en voor altijd
worden uitgeroeid!
Op
de dag
dat je toekeek hoe vreemdelingen de bezittingen van je broeder wegsleepten, hoe buitenlanders de stadspoorten binnengingen en het lot wierpen over Yeroesjalayim, toen was jij
zoals zij.
Die dag
had je je niet mogen verlustigen in de rampspoed die je broeder trof,
je had je niet mogen verheugen in de ondergang van het volk van Yehoedah, en op die dag van angst had je hen niet
mogen bespotten.
Die dag
had je de poorten van de stad niet binnen mogen gaan,
je had je op die dag van onheil niet mogen verlustigen in het kwaad
dat mijn volk werd aangedaan,
en op die dag van ongeluk had je je niet
mogen vergrijpen aan hun
bezittingen.
Op die
dag van angst
had je hun die vluchtten de weg niet mogen versperren om ze te doden,
en hen die ontkomen waren niet
mogen uitleveren.
Maar
de dag
van de HEER
is nabij voor alle volken;
dan zal men met jou doen wat jij met hen gedaan hebt,
dan zullen je daden op je eigen hoofd
neerkomen.
Zoals jullie,
volk van Ya'akov,
op mijn heilige berg de beker van mijn woede moesten drinken,
zo zal ieder volk
die drinken.
Ze zullen
moeten drinken
tot ze niet meer kunnen,
tot het is alsof ze nooit hadden bestaan
Maar jullie vinden een toevlucht op de Tsion;
de Tsion wordt weer
een heilge plaats.Het volk
van Ya'akov zal zijn bezetters verjagen:
Ya'akovs volk zal het vuur zijn,
Yosefs volk de vlam,
en het volk van Esau de
stoppels.
De stoppels
gaan in vlammen op,
het vuur zal ze verteren,
en niemand van Esaus volk zal ontkomen -
de HEER heeft
gesproken.
Het volk
van Ya'akov
zal de Negev en de bergen van het volk van Esau
in bezit nemen, de Sjefala kustvlakte en het land van de Filistijnen,
en ook de gebieden van Efraiem & Sjomron,
en Binyamin & Gilead
Golan.
De ballingen uit Israel,
een legermacht geworden,
zullen het land van de Kana'anieten veroveren tot aan Tsarfat,
en de ballingen uit Yeroesjalayim, nu nog in Sfarad Spanje,
zullen de steden van de Negev
in bezit nemen.
Bevrijders
zullen de Tsion opgaan
en regeren over de bergen van het volk van Esau -
en aan de HEER zal het koningschap
toebehoren.
~!@!~
HERKEN JE
de thema's en myDiverhalen van daarvoor,
tijdens en daarna?
Sleep well:
dream sweet &
see you [maybe]
tomorrow?




