't Is niet meer als deezen, 't is in oprechtigheid als deezen. Gy, die harten & nieren beproeft, weet
dat ik de waarheid zegge, & ik weet, dat gy de waarheid bemint in 't binnenste. Geweten is menswording!
Op zo hartgrondig antwoord, voegt de Heiland 'n uitdruklijk bevel: WEID MIJNE LAMMEREN! Zo herstelt hy
den ongeveinsden Petrus in zijn Apostel-ampt, waar uit hy scheen vervallen te zijn door zijne drievoudige verlochening. Zo bewijst hy zijne onnaspoorlijke menschenliefde, en dat hy niet gedogen kon, dat iemant der zijnen verloren ga. Ons geweten gaat zo dwars door alle dromen, visioenen & gewaarwordingen heen!
Barmhartige Opperharder, die van Petros tot eenen harder van uwe schaapen kwaamt in uwe onverdiende
goedgunstigheid en genade? WEID, zegt hy, MIJNE LAMMEREN! Indien gy my LIEF hebt, gelijk gy betuigt, zo laat die liefde werkdaadig zijn, in 't bezorgen mijner lammeren, die met tederhartigheid, met trouwe, met waakzaamheid moeten bestiert, en in grazige weiden der Euangelij-leer, en aan de verkwiklijke beek-skens des Geestes, & hemelgaaven geleid worden. Niemant kan zo onbewust zijn van de H.Schrift, dat hy
niet weten zoud, hoe de gelovigen als schaapen en lammeren daar in voorkomen. Wat dat betreft zijn de
zogenaamde theisten, atheisten, afgnosten, gnostici en anderszins in wat dan al of niet gelovenden geen enkele haar beter dan 'de anderen of elkaar': men spint nu eenmaal z'n hersenweb met 't draad dat men
ter beschikking heeft & wie 't vatten kan die vatte 'het' afhankelijk van menselijke{r} begripsvermogens?!
Te middagklaar werd JC ook keer op keer DE GOEDE harder, de OPPERHARDER der schaapen, genaamt, om daar van onkundig te wezen? Veele valsche harders waren 'er onder de Jooden, die 't volk leidden. &
verleidden: ook was 'er onder de CHRISTENEN een dwaazen HARDER te wachten, die met zijn verdervend gereetschap de kudde verteeren zoud! Hoe dit onheil grooter was, en worden zoud, hoe de goede harders
meer vlijts gebruiken moesten, om ziel-voedsel te bezorgen. Het WEIDEN, gelijk ieder weet, is de plicht der harderen, en word in de zinbeeldige taal van G ds Geest, gebruikt voor LEREN, BESTIEREN, BEZORGEN!
En geen wonder, want al wat een harder doet, en doen moet in 't hoeden zijner schaapen, dat moet ook een Leeraar in het geestlijke doen, in 't ziel-bezorgen der gelovigen. Alle overeenkomsten op te halen, is buiten onz bestek, en van anderen uitvoerig gedaan. Wy konnen echter niet voorbygaan, dat JC de zijnen
hier LAMMEREN, & straks hier na SCHAAPEN noemt, om der zelver krachteloosheid & tederheid uit te druk-
ken, & de Leeraars krachtiger aan te sporen, om die te leiden, te hoeden, te beschermen, te versterken.
Het gaat om menselijke liefde verpakt in tijdgebonden beeldspraak, woordkeus, voorbeeld & illustraties:
Ons geweten is 't enige permanente dat doorgroeit dwars door alle plaatselijkheid & tijdelijkheid heen ...
