~*~
HET
is opvallend
hoe vaak Psalm 110:1
wordt geciteerd zowel in
de brieven van Sja'oel/Paolo,
Handelingen, Hebreeen & Apocalyps/Openbaring
als in die drie synoptici MAT/MARCO
& Lucky LUKE?
'WeAtah
Yahweh Adoni:
Aseeh-iti lema'an sjemcha
ki-tov chasdecha ~
hatsileeni!'
[109:20~31]
{Zot peoelat stenai me'et Yahweh
wehadovrim ra al-nafsji?}
Ki-ani we'evyon anochi welibi chalal bekirbi!
Ketseel-kintoto nehoelechti ninarti ka'arbeeh!
Birkai kasjloe mitsom oevsari kachasj misjamen!
WaAni hayiti cherpah lahem yiroeni yenioen rosjam! [e.v.]
Maar JIJ, Yahweh, mijn Heer en G d,
doe voor mij wat tot eer van jouw naam is:
JIJ bent goed en trouw ~ bevrijd mij!
{Laat ZO de Heer mijn aanklagers straffen,
hen die zelf over mij dit kwaad afroepen?}
Want ik ben verzwakt en arm, gewond in het diepst van mijn hart.
Ik verdwijn als een schaduw die lengt, als een sprinkhaan die wordt afgeschud!
Mijn knieen zijn slap van het vasten, ik ben tot op het bot vermagerd!
Ik wek de lachlust op, wie mij ziet schudt meewarig het hoofd!
HELP MIJ, Yahweh mijn Heer en G d, red mij in jouw trouw,
dan zullen zij weten dat het jouw hand is,
dat JIJ, g d, DIT hebt gedaan?!
Komt van HEN de vloek,
van JOU verwacht ik zegen,
schande over mijn belagers,
vreugde over jouw dienaar,
hoon zal het kleed zijn van wie mij aanklagen,
schande de mantel waarin zij zich hullen ...
YaHWeH zal ik prijzen met luide stem,
hem loven temidden van Velen,
HIJ staat de armen ter zijde
en redt hen uit de greep
van hun rechters!
DAT is
als het ware
PURE
"Qoemrantaal".
Neoem YaHWeH laAdoni:
Sjev limini ad asjit oiveicha hadom leragleicha
YaHWeH spreekt tot mijn heer:
"Neem plaats aan mijn rechterhand,
ik maak van jouw vijanden
een bank voor jouw voeten!"
Men moet doordrongen zijn geweest
van de gedachte dat Yehosjoea als de Zoon des mensen
tijdelijk in de hemel is,
totdat G d zelf elke vorm van vijandschap
aan banden heeft gelegd.
DIE gedachte vertegenwoordigt dus
een centrale, gemeenschappelijke belijdenis
van alle nieuwtestamentische
schrijvers.
In deze psalm
wordt overigens de davidische herkomst
niet gezien als een voorwaarde
voor de Masjiach ...
Zie Marc 12:35vv.
Yesjoe vroeg de mensen bij zijn onderricht in de Tempel:
"HOE kunnen de schriftgeleerden beweren dat de masjiach een zoon van David is?
Zelf heeft David, geinspireerd door de heilige Geest, gezegd:
"De Heer sprak tot mijn Heer:
"Neem plaats aan mijn rechterhand,
tot ik jouw vijanden onder je voeten heb gelegd!"
David noemt hem Heer, hoe kan hij dan zijn zoon zijn?"
En de talrijke aanwezigen
luisterden graag
naar hem ...
Marcus
kent dan
ook geen geboorteverhaal
met verwijzing naar het huis van David
in Beth Lechem.
Maar
hoe die eindtijd precies zal zijn,
en hoe die overwinning op de machten
uiteindelijk zich voltrekken zal,
DAAR hoor je mij
geen stellige uitspraken
over doen!
Ik
vind dat
we daar maar
een beetje terughoudender over
moeten zijn: voordat je het weet
ga je fantaseren
en iemand zei eens:
de eschatologie van het nieuwe testament zegt niet:
"HOE LANG zal het nog duren voordat het fluitsignaal
[of het bazuin- en/of ramshoorgeschal]
het einde van het Spel
aankondigt?"
maar
"WAAR zou IK NU moeten staan
om de eerste de beste bal
op te vangen?" ~ en
daar zit best
wel iets
in!
~@~
Dan
nu eerst
nog maar even
wat boodschappen doen nu
de zon nog schijnt, de plicht roept
en de zin niet totaal afwezig is
om te doen wat gedaan
moet worden, want
beloofd is
beloofd
~@~