slagen van fysica op déze kennis toe te passen, mislukten,' zo herinnerde Einstein zich!
'Het was alsof
de grond onder mijn voeten weg-
gezakt was, zonder dat er ook maar
èrgens een stevige ondergrond te zien was
waarop je had kunnen bouwen!'
Waren deze ontdekkingen al onthutsend voor de wetenschapper,
voor de leek waren ze totaal niet te bevatten: EEN KROMME RUIMTE,
EINDIG MAAR TÒCH ÒNBEGRENSD; OBJECTEN DIE GEEN DINGEN WAREN
MAAR ZUIVER PROCESSEN; EEN UITDIJEND HEELAL; VELE FENOMENEN
DIE PAS HUN VORM KREGEN ALS ZE WAARGENOMEN WERDEN ~
dit alles tartte elke bestaande veronderstelling?
Newtons grote zekerheden waren vervangen door een systeem
dat AMBIGU, VERANDERLIJK & ONBEPAALD WAS. In weerwil van Hilbert leken we nog steeds
geen stap dichter bij 't doorgronden v/h heelal te zijn. De mensheid, TAMELIJK WILLEKEURIG
GEPRODUCEERDE NIETIGHEIDJES WIER BESTAAN VERMOEDELIJK VLUCHTIG WAS, LEEK
NOG STEEDS STUURLOOS OP DRIFT IN EEN ONMETELIJK,
ONPERSOONLIJK HEELAL!
Er was geen
duidelijk antwoord op wat er aan die 'BIG BANG',
de geboorte v/h heelal, voorafgegaan was? Zelfs de fysici geloofden niet
dat vergelijkingen v/d kwantumtheorie de 'werkelijkheid' ook echt daadwerkelijk beschreven;
die wiskundige abstracties konden niet in woorden weergegeven worden & onze kennis
bleef beperkt tot symbolen die niet meer dan schaduwen waren van een onbeschrijflijke werkelijkheid:
ONWETENDHEID LEEK ONLOSMAKELIJK VERBONDEN
MET HET MENSELIJK TEKORT.
De revolutie v/d jaren twintig
had de tot dan toe traditionele wetenschappelijke orthodoxie omvergeworpen,
en als dat al minstens (?) één keer eerder gebeurd was,
dan kon het óók voor 'n tweede
(of opeenvolgende keren)
gebeuren?!
Iets dergelijks
met min of meer 'aanverwante voorstellingen'
omtrent alle ontstaan & vergaan, teken & taal, gebaren, symbolen, constructieve vertelsels,
vermoedelijke veronderstellende suggesties & zo nu
al ons in vorm gegoten voelen, denken, overdragen,
aanpassen, ontdekken, uitproberen &
rijkelijk psychedelisch 'fantaseren'
ìn, onder &
door ons
...