BRACHT
GELEIDELIJK VERANDERING
IN HET CONCEPT 'GELOOF':
Jonathan Edwards (1703-175

,
een calvinistisch theoloog in New England,
was grondig ingevoerd in de newtoniaanse wetenschap
en nam zó radicaal àfstand van het idee van een interveniërende Gòd
dat hij de invloed van een smeekbede ontkende: tòch BLÉÉF hij nog steeds de oudere visie op het geloof verdedigen,
dat volgens hèm véél méér inhield dan alleen maar 'de bevestiging van iets door een getuigenis'!
't Was níet slechts 'n kwestie van de bewijslast afwegen:
bij Gelóóf ging het óók om 'waardering & affectie' voor de waarheden van religie èn om intellectuele óvergave?!
Er kon geen sprake zijn van 'n wáár geloof als iemand niet ècht emotioneel èn móreel betrokken was bij z'n religieuze zoektocht!?
Maar anderen waar het dáár natuurlijk weer niet mee eens: Jefferson definieerde het geloof als 'de instemming van het verstand met een intellectuele stelling'. Jonathan Mayhew, die van 1747 tot 1766 priester v/d West Church in Boston was, maande zíjn gemeente om het geloof of ongeloof in Gòd òp te schorten
TÒTDÀT ze 'de kwestie onpartijdig bestudeerd hadden
en het bewijs voor de ene
of de andere kant
zagen'.
Mor ziet
volgaarne de overeenkomsten
en verschillen tussen myDiertjes (& hun tijdgenoten)
& alle andere mensen van alle andere tijden, huidskleuren, rassen, stammen, volken,
religies & politieke richtingen net als
sekse, voorkeur, smaak
& taalvaardigheden
~~~~~~