Afscheid!
~*~
Aangetroffen
tussen de dozen met
'oud papier',
Afke's tiental,
Orpheus in de dessa,
Willem de Merode, Frederic Prokosch
{The Asiatics},
Timothy Leary, Donovan, Joan Baez,
Peete Seeger, Jonathan Winters,
Bob Dylon & talloze andere teksten
en boeken,
vergeelde kranten van voor de oorlog,
Life Magazine &
Newsweek,
oeroude popsongs vanaf de jaren '50
{en nog veel meer} :
J.
Slauerhoff *1898 - 1936#
Bepaalde stemmingen & sfeerbeschrijvingen.
Levensgevoel - melancholisch - romantisch ...
Afscheid: gemiste kansen ...
Hij werd in 1898 in Leeuwarden geboren
als vijfde kind van een behanger & stoffeerder,
ging na zijn HBS-tijd in A'dam medicijnen studeren,
bezocht als scheeparts het Verre Oosten,
Zuid Amerika, Afrika & West Indie,
trouwde met de danseres Darja Collin,
van wie hij vijf jaar later scheidde,
vestigde zich in 1934 als huisarts in Tanger,
had een zeer labiele gezondheid en overleed,
achtendertig jaar oud,
in een Hilversums rusthuis ...
~*~
AFSCHEID
Zuster, zie, wij zijn te zeer gelijkend;
Nooit zullen wij zalig zijn: een paar -
Hoe 't geluk, vermeerd'ring te bereiken,
Altijd zelf ontmoetend in elkaar.
Voel hoe zuiver wij zijn evenhoogen,
't Tederst van mijn borst jou treft en streelt.
Onze nadering komt toebewogen
Geen gestalte, steeds een spiegelbeeld.
Voel, hoe 't steeds bevestigd vergelijken
Onzer leden reeds tot waanzin stijgt;
Wij, die EENVOUD wilden, moeten wijken
Voor iets in ons, dat naar scheiding hijgt,
En dat, ingetogen, zich vergroot
Over liefde, en ons zal doen haten.
Ga, geloof niet dat ik je verstoot,
Want uit welk vereenen? Wij verlaten,
Of wij niet uit maagd'lijkheid ontwaakt,
Rein voor elk begin zijn, ongeschonden.
Die volledig, tot de haarwrong naakt,
Elkaar vonden, eenzaam in haar zonde,
Kunnen eer niet bij elkander komen
Dan verwijderd en vervreemd voorgoed;
DAN, vernederd en met macht genomen,
Ons ontrukkend, wadende door 't bloed
Onzer vele ineengevloeide droomen,
Door een verte die te felle gloed
Dooft, wordt onze omhelzing EENS volkomen.
~*~&~*~
DE BEZOEKER
Ik zie een huis, hoog als een zwaluwnest
Tegen de helling van de laatste rotsen;
De schaduw valt naar 't land, rood gloeit het West,
Terwijl de golven al in 't donker klotsen.
De man is bruin, de vrouw schijnt schoon en blank,
De landwind wordt al scherp, is soms nog streelend;
De man leest strak, de vrouw trekt van een rank
wat blaad'ren af en peinst, er stil mee spelend.
Een man komt, zware netten op zijn nek,
Van zee. Zijn schaduw aan hun voeten
Doet hen opzien; hij staat aan 't hek
En weet niet, zal hij verder gaan of groeten.
Maar even later zit hij naast de vrouw
Als derde, die er altijd is geweest,
Trekt tot zich al haar diepbewaarde trouw,
En de ander zit en bukt, en duldt, en leest.

Kan geen
pap meer zeggen:
loodzware tegels, stenen, heuvels zand,
planten & bomen, oude schuur bijna leeg,
opbergen en weggooien
komt morgen wel weer
als de rug een beetje
meewerkt.
Op livejournal
staat nog wat over
het lichaam/brein &
psyche-
delicatessen.
Ik ga uitroesten
voordat ik erbij neerval!
Tot straks,
later of misschien pas
morgen ...
~~~~~~

Asih, man, 81 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende