Dus werd Yehosjoea volgens het oorspronkelijke verhaal na zijn arrestatie in de loop van de nacht naar 't
huis van de hogepriester gebracht. Daar bespotten de mannen die hem bewaakten hem, ze sloegen hem,
De leden van de elitaire hogepriesterlijke Sadducese clan en de hogepriester{s} zelf waren 'succuceeen' die het bestaan van engelen, geesten & 'n 'hiernamaals' ontkenden volgens Handelingen 23:8. Je kunt je
daarom goed voorstellen dat zij mensen plachten te bespotten die geloofden dat mannen zoals Yesjoea
'n 'profetische geest' {e.d.} hadden?! Mogen we aannemen dat de ruwe bespotting van de profeet uit 't
ver Noordelijk van Yeroesjalayiem gelegen Galilea door de wacht ook deze verachting voor de boven-natuurlijke 'gave van de profetie' & de meester ervan liet blijken? Yesjoe deed aan uitdrijvingen van boze
'geesten', geloofde in "G ds Geest", 'engelen' & 'n toekomstig ['nieuw'] leven in 'paradijs' of 'hemelrijk'!
Ook al lijkt dit waarschijnlijk, we zullen net al wel eerder en vaker spoedig zien dat zo'n "SPEL" niet ad hoc
zomaar eventjes verzonnen is door de mannen die "Yehosjoea haNatsri aka haMasjiach" bewaakten ...
Als een dergelijk spel al bestond, dan is het niet zonder belang of deze mannen joden of heidense slaven
waren. Die tweede mogelijkheid is veel waarschijnlijker [en er waren altijd al aartsvijanden in overvloed!]!
Ten minste een van degenen die Yesjoea arresteerden, was een slaaf van de hogepriester [zie ook Matai
26:51, Mark 14:47; Luke 22:30]; volgens Yochanan 18:10 was de naam van die slaaf Malchus [zie ook Yoh 18:26]! Uit Yochanan 18:18 blijkt duidelijk dat een paar van Yesjoea's bewakers ook slaven waren:
de vrouw die Petrus vroeg of hij een van Yesjoe's discipelen was, was ook duidelijk een slavin [SJIFCHAH,
zie Luke 22:58, Mark 14:66 & Matai 26:68] die dienst had bij de deur {Yochanan 18:17}. In feite zijn zo
dan ook al die verhalen op te vatten als 'spelepisoden': verhalen binnen verhalen binnen verhalen etc.!
We horen van een rabbijnse bron [heidense soldaten die poortwachter waren in Yeroesjalyiem ~ maar niet
van de Tempel, want dat was de taak van de 'levieten'!] over de bruutheid van de slaven die de prive-po-litiemacht van de leidende priesterlijke families vormden; we worden gewaarschuwd voor hun vuisten, & we
krijgen te horen dat hun slaven komen en 'ons met roeden slaan'! In een latere rabbijnse bron is een le-gendarische echo van de heidense slaven van de priesters in Yeroesjalayiem bewaard gebleven. Ten tijde
van Yehosjoea waren er al geen Hebreeuwse slaven meer, zodat het zeer waarschijnlijk is dat de wrede bewakers van Yesjoea heidense slaven waren. [DF:] Het leek me al waarschijnlijk dat de bewakers van JC
in de hogepriesterlijke gevangenis een wreed, al zeer traditioneel spelletje met hem speelden, tie ok een
autobigrafische roman
Der Gehuelfe (De assistent) van de Zwitserse schrijver Robert Walser las, voor
wie Franz Kafka grote bewondering had. Walser verwijst onder andere naar zijn eigen ervaringen in de mi-litaire gevangenis in Bern in 1904, waar hij het onvrijwillige slachtoffer was in een ruw spelletje dat in Duits-land bekend is onder de naam 'Schinkenklopfen' ('spekkloppen'

. De man die ertoe veroordeeld is om als doeltwit te fungeren in het spel, wordt geblinddoekt en op zijn achterste geslagen. Als hij erin slaagt te
raden wie hem geslagen heeft, dan wordt hij vrijgelaten & de man die aan z'n slagen herkend werd, moet zijn plaats innemen. Voorzover ik weet, komt het spel onder deze naam overal in Duitstalige landen voor.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog werd de vader van Shmuel Safrai gedwongen om eraan mee te doen in 'n
tsaristische gevangenis in Polen. Er is ook een interessant verhaal dat Hitler & zijn kornuiten na de mis-lukte Putsch in 1923 het spel speelden in de gevangenis van Landsberg. Hoewel het later een spel voor kleine [en grotere] kinderen werd, is de gevangenis zonder twijfel de meest geeigende plek voor dit soort
van wreed tijdverdrijf met elkanders lichaamsdelen & machohaantjesgedrag in talloze {a}sociale variaties.
Het is dan ook geen wonder dat de mannen die Yesjoea bewaakten in het huis van de hogepriester, zich in die allerlaatste nacht van Yesjoe's leven uit verveling & machismo amuseerden in de ijskoude ochtend-uren met een variant op dit wrede spel! Zoals we al eerder en vaker veronderstelden, waren deze mannen
heidense slaven van de hogepriester ~ die zelf voorzover we weten ook niet bepaald een echte 'heer' was.
'Es hiess das "Schinkenklopfen" & bestand in einem ziemlich brutalen Draufloshauen mit der ge-streckt flachen Hand auf den Podex desjenigen, der verdammt war, denselben dem unbarmhetzigen Hie-ben darzuhalten. Einer der Nichtmitspieler musste dem Dulder die Augen zudecken, damit er sich nicht die
Herkunft der Hiebe und Schlaege merken konnte. Erriet er nun aber trozdem die Person dessen, der ihn gehauen hatte, so war er frei, und der Ertappte hatte sich, willig oder nicht, an die unangenehme Stelle der Erloesten herabzubuecken, bis auch ihn das rasch- oder langsam-erkaempfte Glueck des richtigen erratens zufiel!' Hitlers gezellen speelden het wrede spel dat Jesus' bewakers ook al speelden,
'Hitler aber sitzt in Landsberg ... Im Erdgeschoss veranstaltet der laermende Parteigenosse Heines
mit den Kameraden "Schinkenklopfen" und andere Spiele ...' Tussen schepping & apocalyps zitten
alle menselijke spelletjes die we met z'n allen reeds hebben voorgebracht gedurende ontelbare eeuwen.