.
Toen
de gemeente
van Yesjoea's discipelen
in Yeroesjalayiem net ontstaan was
'kwamen de priesters
...
en de sadduceeen op hen af
en arresteerden hen
volgens Handelingen
4:1-3.
We hebben de lijst
van deze tegenstanders
in Handelingen 4:6 al eerder en vaker genoemd,
'die allemaal behoorden tot de hogepriesterlijke familie',
en Kajafas was er maar een van!
Later werden de apostelen opnieuw gearresteerd door Kajafas,
'de hogepriester en heel zijn aanhang, de partij van de sadduceeen' in Handelingen 5:17-18, 21.
'Ze namen hen dus mee en brachten hen voor het sanhedrin.
De hogepriester [d.w.z. Kajafas] vroeg hun:
"HEBBEN WE NIET TEN STRENGSTE VERBODEN OM ONDERRICHT TE GEVEN MET EEN BEROEP OP DEZE NAAM? TOCH IS YEROESJALAYIEM DOOR UW TOEDOEN VOL VAN UW LEER;
U WILT ZEKER HET BLOED VAN DIE MAN
OP ONS LATEN NEERKOMEN?"' in Handelingen 5:27-28.
Volgens het boek Handelingen zag Kajafas dus heel wel het gevaar in dat hem en zijn elitaire vrienden bedreigde als Yehosjoea's discipelen het 'nieuwe' geloof verkondigden.
Bij het navertellen van leven en martelaarschap van hun Heer konden de apostelen niet heen om het ver-melden van de schuld van de sadducese overpriesters die Yesjoea hadden uitgeleverd aan de Romeinen.
In de ogen van Kajafas probeerden de discipelen van Yesjoe, door deze boodschap aan het volk te ver-kondigen, de priesters verantwoordelijk te maken voor de dood van 'haNatsri' aka 'haMasjiach'.
In tegenstelling tot wat we weten over Kajafas en zijn factie, vooral uit Yochanan 11:47-53, organiseerden de farizeeen in die tijd geen vervolgingen van joodse profetische bewegingen.
Daarvan legt Yehosjoea zelf getuigenis af in Matai 23:29-31 ~ volgens die passage zeiden de farizeeen uit zijn tijd:
'Als wij hadden geleefd in de tijd van onze vaderen, dan zouden wij niet medeplichtig
geweest zijn aan de moord op de profeten!'En bij kritische lezing van de euangelies
wordt men zich ervan bewust dat de farizeeen
geen beslissende rol speelden bij deze arrestatie,
het daaropvolgende verhoor
en de kruisiging
van Yesjoea
...
