5flfvc71b De emancipatie v/d myDimanvrouwkinderen?
I/d tijd van Yèsj worden vrouwen die geen mannelijke bescherming genieten, weduwen & nog meer gescheiden & ongetrouwde vrouwen, verbànnen úit de samenleving! Prostituees & vreemdelingen, die als onrein beschouwd worden, kunnen zelfs niet v/d publieke liefdadigheid genieten die de wet van Mosjeh verplicht, want díe geldt alleen voor de reinen onder 't Vòlk der Vélen van Israël/Yehoeda?
Yesjoe gaat aan deze beschouwingen voorbij èn láát óók hèn àllemáál aan zíjn zijde tóe: er zijn 'fatsoenlijke' vrouwen onder hen zoals Martha & Miryam die hem in hun huizen ontvangen vlg. LL 10:38-42, waarbij die laatste haar vrouwelijke táken i/d stéék láát om zo te kunnen gaan zitten luisteren naar zíjn léér, zoals 'n màn dat zou doen! Er zijn vooral óók zondaressen, zoals de vrouw die hem aan de tafel van 'n farizeeër vòlgt, z'n vóeten met tranen & parfum begiet èn ze vervolgens afdroogt met haar haren di nog niet bedèkt zijn, zo als de Wèt vereist! Tegen Sjimon, die zich daarover verbaast, stelt Yesjoea HÁÁR ten voorbeeld: "ZIE JE DEZE VROUW? Ìk bèn in jouw huis te gast, & jíj hebt míj géén wáter gegeven voor m'n vóeten; maar zíj heeft met haar tranen mijn voeten natgemaakt èn ze met d'r eigen haren afgedroogd! Jíj HÈBT míj níet begroet met een kus; maar zíj heeft, sinds Ìk híer bìnnenkwam, onophoudelijk mijn voeten gekust! Jíj hebt mijn hoofd niet met olie ingewreven, maar zíj heeft met geurige olie mijn vóeten ìngewreven! Dááròm zèg Ìk je: haar zonden zijn haar vergeven, ook al waren 't 'r Véle, want zíj hééft veel liefde betóónd!" Aldus LL 7:36-50? Yesjoea snauwt óók de vrouw die aan bloedverlies lijdt èn hèm áánráákt níet àf, òndànks haar ònreinheid! Integendeel, wanneer de vrouw 'die banggeworden was èn stond te TRÌLLEN', 'vóór hèm néérvalt', spreekt hij haar met grote tederheid toe: "JOUW GELÓÓF HÉÉFT JE GERED, GÁ IN VRÉDE!" vlg.
Markos 5:34? De vrijheid die vrouwen in zíjn nabijheid verkrijgen ìs vòlledig natúúrlijk, aangezien ze in zíjn ógen de GELIJKEN ZIJN v/d Mànnen! In 'n samenleving die óverspel (dat v/d vróuw welteverstaan!) met doodstraf bestraft, kòmt híj 'n vrouw te hulp die op heter- daad betrapt is & díe de schriftgeleerden & Farizeeën nú mètéén willen doodstenigen
volgens de voorschriften van de WÈT?!
Híj antwoordt hèn Éénvoudig in Yoch 8:3-11 ~
"' JOUW GELÓÓF HEEFT JE BEHOUDEN,
GÁ ÌN VREDE!'
Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende