13 islam lf 263 het 7de eeuwse Arabia waarin de
Islam ontstaat,
is een uitgestrekte woestijn die wordt bewoond door nomaden (zie MOSJEH, Avr(ah)am, ISJMA'EL etceterara), doorkruist door karavanen die India verbinden met het Middellandse Zeegebied & Mesopotamia, met hier & daar {her & der} stedelijke agglomeraties rondom waterbronnen of op plaatsen die worden gemarkeerd door de verering van godheden die vermaard zijn om hun macht: het leven is georganiseerd rond stammen en clans van uiteenlopende omvang die de oases in de woestijn en de macht in de steden onderling verdelen.
Die uiterst patriarchale samenleving heeft waarden ontwikkeld gebaseerd op de erecode, lichamelijke kracht, moed en mannelijkheid: liefde en poëzie ontbreken in dit landschap echter niet, zoals de rijke dichtbundels bewijzen uit dit tijdperk, dat in dr islam de Jahiliya heet, de 'tijd van onwetendheid' ~ die voorafgaat aan de openbaring van de Quran aan Mohammed. Op religieus gebied is Arabia dus allerminst een woestijn.
De bedoeïenen beoefenen gewoonlijk een animisme dat lijkt op de religie van de jagers~verzamelaars, vereren rechtopgezette stenen of bomen die de droogte hebben doorstaande waarin ze de geest van een god of van de voorouders zien. In de steden domineert een kleurrijk veelgodendom waarin in hetzelfde godendom de Fenicische god Baäl (die in Mekka Hubal genoemd wordt), de Mesopotami-sche goden en plaatselijke, voornamelijk vrouwelijke godheden, met elkaar in aanraking komen.
Er worden feesten gehouden ter gelegenheid van jaarmarkten, maar er is geen gevestigde geestelijkheid van deze goden bekend en evenmin vastomlijnde riten. De belangrijkste stedelijke agglomeraties neigen naar henotheïsme: één god domineert het godendom & dat is in Mekka 't geval met Illah, letterlijk de 'godheid', bijgestaan door drie belangrijke godinnen: Manat, de verdeelster van rijkdom, Oezaa die over de vruchtbaarheid regeert, en Lat, over wier specifieke rol weinig bekend is.
Het monotheïsme is in Arabië echter niet helemaal onbekend: van de joden die zich er al sinds meerdere eeuwen gevestigd hebben, hebben hele volksstammen zich bekeerd, in het bijzonder in de regio Medina, en aan het einde van de derde eeuw is de koning van Yemen zelf jood. Vanaf dit tijdperk schiet ook het christendom op zijn beurt er wortel, in een onorthodoxe vorm (een stroming die voort-komt uit de zogenoemde nestoriaanse tak, daterend uit de vijfde eeuw), in die streken rond AeGYPTe, Ethiopia & Mesopotamia.
Nu eerst even een klein dutje doen: m'n ogen vallen vanzelf reeds toe.

Asih, man, 80 jaar
Log in om een reactie te plaatsen.
vorige
volgende