BESCHRIJFT DE GODHEID, EVENALS HESTIA*/VESTA, ALS 'DE EERSTE & DE LAATSTE, 'T BEGIN & 'T EINDE' @ REV/OPENBARINGEN 22:13 & ALS DE 'EERSTGEBORENE ~~~ ONDER DE VELEN' @ ROM 8:29, OMDAT DEELNAME AAN HET MYSTERIE VAN HET ETEN V/D ZG. 'YESJ~PADDO' BETEKENDE DAT MEN ZICH DE KRACHT VAN Z'N EERSTGEBOORTERECHT VERSCHAFTE.
[Mor zat weer in 1940/'45 als vergelijkingsmateriaal met de decennia daarna @ Deutschland, België, Frankrijk, Schweiz, Italia, Hellas, Turkije, Levant èn omme-landen: bloedwraak, kinderoffers, vrouwenhandel, 'levend verbranden', verraders, daders, slachtoffers & 'soortgelijken wereldwijd' ...|]!
Je zult begrijpen, dat deze heilige maagdelijkheid, die merkwaardig genoeg werd toegedicht aan godinnen, die 't grootste deel van hun mythisch leven eraan besteedden om ìn & ÚIT bed te springen met goden & stervelingen, níet i/d allereerste plaats & zèlfs niet in es-sentie, te maken had met 'ongerepte maagdenvliezen'! Hùn 'maagdelijkheid' làg i/d MÀCHT van hun Schóót Om 'n Nágeslacht voort te kunnen brengen, dat z'n uitstekende eigenschappen ontleende aan menstruatiebloed, dat bij vóórtduring op z'n krachtigst was!
De Ro-meinse vorm v/d 'haard~cultus' heeft bepaalde trekken, die waarschijnlijk primitiever zijn dan de Griekse? Hèt cèntrále kènmèrk v/d Vesta~verering was 't 'instandhouden van 'n àltijdbràndend vúúr door maagden', de zg. "Vestaalse Maagden"! Omdàt ze van óórsprong 't Koninklijk Huis vertegenwoordigden werden deze maagden, eerst TWÉÉ, daarna víer & later zès, dan ook prinsessen genoemd èn ze hadden Speciale Privileges in overeenstemming met hun aangenomen positie! Zíj kléédden zich als bruiden, wat hun maagdelijkheid zó aanduidde, èn waren tussen zès & tíen jaar oud. Ze díenden víjf jaar, tòtáán het BEGÌN van hun puberteit & dus 'huwbare leeftijd'.
I/d historische tijd is deze periode verlengd tot dèrtig jaar, misschien met de bedoeling om ze te kunnen behouden tòtáán de kràchtigste periode van hun reproductieve leven? Tróuwen wàs tóegestaan ná hun dienstperiode, maar wàs òngebrúikelijk, omdat zo'n huwelijk als òngelùkkig beschouwd werd. De meisjes werden, wanneer ze werden toegelaten tot de heilige dienst van VESTA, onttrokken aan de zo-genaamde Ouderlijke Màcht, maar kwamen dàn onder de hóede v/d hógepriester, dé Pontifex Maximus: híj nam hèn i/d òrde òp door al de kandidaten één voor één bij de hànd te némen èn 'n tóelatingsformule over hen uit te spreken; hun háár werd àfgeknipt èn óver een bepaalde boom gehangen. De discipline was strèng: als 'n Vestaalse Maagd náliet 't Heilig Vuur voor de maagdelijke godin brandend te houden, werd ze geslagen. Als ze haar maagdelijkheid verloor werd ze ingemetseld in 'n onderaardse tòmbe om te stèrven òf om door de godin die zij ontrouw was geweest, gerèd te worden. Háár plichten omvatten verder het water voor 't heiligdom uit de heilige bron te putten èn bepaalde soorten voedsel klaar te maken èn ze had ook de zorg voor bepaalde voorwerpen i/d relikwieënkast! Genoeg 4nú ~!