Ik
mag die
Oranjes wel al met al:
uiteindelijk zijn ze net zo hoogst merkwaardig,
tragikomisch/grappig, afwisselend & bijzonder als al die andere Nederlanders
waar zij voor zoveel eeuwen mee verbonden zijn geweest
in lief en leed als mengeling van Duits,
Diets, Dutch, Frans,
Engels, Spaans
enzovoorts,
ZO
weerspiegelen ze
minstens 500 jaar ueberinnige
lokale historie vol dramatische & oppervlakkige wendingen
van wederzijdse landroof, vroom/dapper gedrag in toeval, wanhoop,
roomsprotestantse banden in gehoorzaamheid en rebellie:
een 'volkskarakter' met alle kleuren
van de regenboog?!
Wilhelmus
van Nassauwe
ben ik van Duitse bloed,
het vaderland getrouwe blijf ik tot in den doet!
'n Prince van Orange ben ik vrij onverveerd, de koning van Hispanje heb ik altijd geeerd.
In godes vrees te leven heb ik altijd betracht, daarom ben ik verdreven, om land, om luid' gebracht. Maar G d zal mij regeren, als een goed instrument,
dat ik zal wederkeren,
in mijne regiment
...
Mijn
schild ende
betrouwen zijt Gij,
o G d, mijn Heer! Op U zo wil ik bouwen, verlaat mij nimmermeer?
Dat ik toch vroom mag blijven, uw dienaar t'aller stond; de tirannie verdrijven, die mij mijn hart doorwondt!
Van al die mij bezwaren en mijn vervolgers zijn, mijn G d, wil toch bewaren deez trouwe dienaar dijn;
dat zij mij niet verrassen in hunne boze moed,
hun handen niet en wasschen in
mijn onschuldig
bloed!
Oorlof,
mijn arme schapen,
die zijt in grote nood,
uw herder zal niet slapen, al zijt gij nu verstrooid! Tot G d wilt u begeven, Zijn heilzaam Woord neemt aan, als vrome christen leven:
't zal hier haast zijn gedaan!
Voor G d wil ik belijden,
en Zijner grote macht,
dat ik te genen tijden de koning heb veracht,
dan dat ik G d de Here, der hoogste Majesteit,
heb moeten obedieren
in der gerechtigheid?!
Door
de wereld
gaat een Woord
en het drijft de mensen voort:
Breek je tent op, ga op reis naar het land dat Ik zou wijs!
Here G d wij zijn vervreemden door te luist'ren naar Jouw Stem:
Breng ons sa'am net Jouw Ontheemden
naar het Nieuw
Jeruzalem?
Dat
laatste heeft
de melodie van 't Israelische volkslied,
'dus' ik zong het luidkeels midden in de nacht
midden in Jordania op de weg van Wadi Musa naar Petra
in een paar kilometer lange rotskloof tussen hoge rotsbergen
onder een heldere sterrenhemel met miljarden sterren, wat maanlicht en echo ...De volgende ochtend brak de Zesdaagse Oorlog los aan alle kanten & werd ik gevangen gezet!
Al
dat soort
van herinneringen
blijft je bij van jongsaf aan
samen met al die talloze andere
volksliedjes & melodietjes van
zang & dans,
vrijheid en
blijheid
...In
de nacht
van haat en onrust
zien wij op naar 't eeuwig licht,
dat geen macht ter wereld uitblust
en waarheen ons hart zich richt: daarvan willen wij getuigen
in een wereld vol geweld, tot zij eenmaal zich zal buigen en zich onder Crhistus stelt?
Kind'ren, laten wij bedenken dat wij nimmer eenzaam staan als wij trouw aan Jesus' roepstem in zijn naam ten strijde gaan: Hoog die vlag!
De zon zal stralen over heel de wereld wijd zal G ds vrede eenmaal dalen
want zijn liefde wint
de strijd!
Hoe
zal ik
U ontvangen, hoe
wilt Gij zijn ontmoet,
o 's werelds hoogst verlangen,
des sterv'lings zaligst goed? Houd zelf de fakkel bij,
die, Heer, ons onderrichte, wat U behaag'lijk zij! Ver van de troon der tronen en 's hemels zonneschijn
wilt G'onder mensen wonen, der menschen broeder zijn!
Met G d wilt G'ons verzoenen, tot G d heft G' ons
omhoog, en onder millioenen rust
ook op mij
Uw oog?!
Wat
deed uit
's hemels zalen,
o Heer der heerlijkheen,
op aard' U nederdalen? Uw grote liefd' alleen!
Uw eindeloos erbarmen met onze grote nood,
dat als met zeegn'nend armen
en reddend ons
omsloot!
Op U,
mijn Heiland,
blijf ik hopen. Verlos mij van mijn bange pijn!
Zie, heel mijn hart staat voor U open en wil, o Heer, Uw tempel zijn.
O Gij, wien aard' en hemel zingen, verkwik mij met Uw heil'ge gloed.
Kom met Uw zachte glans doordringen,
o Zon van liefde,
mijn gemoed!
Vervul,
o Heiland,
het verlangen, waarmee
mijn hart Uw komst verbeidt!
Ik wil in ootmoed U ontvangen,
mijn ziel en zinnen zijn bereid. Ik blijf op U in liefde staren,
waar om mij heen de wereld woedt,
O, mocht ik Uwen troost ervaren:
doe intocht, Heer,
in mijn gemoed!
Ook
Irene van
Lippe~Biesterveld heeft
dus blijkbaar altijd al 't gevoel gehad,
deel uit te maken van
'iets veiligs en liefdevols'.
Het is een band
'voorbij het zichtbare en aanraakbare',
met overleden dierbaren ook.
"Soms
voel ik hen dichtbij!"
Voorheen dacht ze
dat die oerbron
buiten haarzelf lag,
"maar nu
voel ik het
'iets
'
dichtbij en
IN
mijzelf
aanwezig".


